Noelsspeak | Corona is kwestie van good governance

Econoom en stichter Econopolis

In Noelsspeak spreekt econoom en Econopolis-stichter Geert Noels zich maandelijks onomwonden uit. Vandaag heeft hij het over de impact van goed bestuur op de economische prestaties van een land.

Hoe komt het dat landen met een goed bestuur van de gezondheidscrisis ook betere economische prestaties hebben? Uiteraard heeft corona een impact op de economie, en dus is er minstens een stuk causaliteit te verwachten. Maar correlaties betekenen niet automatisch causaliteit. Er kunnen ook factoren zijn die beide verklaren bijvoorbeeld: bevolkingsdichtheid, klimaat, economische structuur et cetera.

Een grote kanshebber is ‘goed bestuur’. Landen die de coronacrisis beter beheerden, hebben een betere governance van hun land. Daardoor scoren ze ook beter op allerlei andere vlakken: energie, milieu, sociale cohesie, concurrentiekracht en zelfs het geluk van hun bevolking.

Corona legt dus bekende pijnpunten bloot, maar vertaalt dat in een loodzware economische factuur. Goed bestuur wordt beloond, slecht bestuur kost handenvol geld en doet landen dalen op de economische welvaartsladder.

©Mediafin

De bijgaande grafiek combineert twee cijfers. Het beheer van de Covid-19-crisis gemeten door de oversterfte per capita. Volgens mij is dat de beste manier om landen te vergelijken, omdat het de grootte van een land relativeert en ook ouderdom en natuurlijke overlijdens in rekening brengt. De andere variabele is de economische prestatie van de landen, gemeten door de OESO-schattingen voor de economische krimp in 2020 (in het basisscenario). Misschien geen perfecte maatstaf, maar wel eenzelfde schatting voor alle landen, en een indicatie voor de economische schok door de coronacrisis.

Financial Times deed onlangs eenzelfde oefening met de cumulatieve coronadoden en de bbp-krimp in de eerste jaarhelft. Daar kwam België als slechtste uit, maar de grote lijnen blijven dezelfde. Er zijn vier hokjes: de groene en rode duiden op landen die beide goed beheerden of op beide slecht scoorden. De andere hokjes zijn anomalieën. Zweden en Nederland beperkten de economische schok, maar de gezondheidsschade was bovengemiddeld. Frankrijk lijdt veel economische schade, maar heeft betere gezondheidsstatistieken.

Als de nieuwe regering één ding moet doen, dan is het buffers aanleggen voor de toekomst. Helaas doen we net het tegenovergestelde.

Onze aandacht moet vooral naar de ‘best in class’ gaan: wat deden ze beter? Daar gaat veel discussie over bestaan, maar die landen hebben duidelijke gemeenschappelijke kenmerken: vertrouwen in de overheid, een goede decentralisatie van beleid en uitvoering in combinatie met een efficiënt centraal gezag, en een cultuur van vooruitzien. Finland, dat helaas geen oversterftecijfer ter beschikking heeft en dus niet is opgenomen in de grafiek, is de grote uitblinker.

De ‘Nordics’ scoren allemaal goed, met het overgehypete Zweden als kneusje, dat het echter nog altijd beter doet dan België. Wat zijn de lessen voor België? Sta me toe vier hypothesen voor te stellen, die ook lessen genoemd mogen worden.

1. Lobby’s hebben te veel macht in België

UGent-econoom Gert Peersman hamerde onlangs op het belang van een veel hogere productiviteitsgroei in België en de rem door allerlei toetredingsbarrières en regels die lobby’s in de loop van de jaren hebben opgeworpen en die innovatie en concurrentie belemmeren. Met corona zagen we dezelfde reflexen: de insiders kregen gehoor, de outsiders vingen proportioneel meer klappen op.

2. Sociale partners houden innovatie en verandering tegen

Nauw verwant met het eerste punt: de rol van vakbonden, ziekenfondsen en grote werkgevers weegt al jaren op belangrijke hervormingen.

Te lang werd de corona-app tegengehouden, en werden tientallen miljoenen euro’s in een ministerie van Tracking en Tracing gestopt.

Terwijl het in eerste fase te verantwoorden was om breed steun te verlenen, is corona nu uitgemond in een uitdeelfestival voor allerlei nieuwe uitgaven. Alsof alles steeds meer overheidsgeld moet kosten, en er geen efficiëntie door technologie en innovatie kan komen.

3. We leren niet van de ‘best in class’

België is al zes maanden aan het navelstaren en zijn eigen zwakke prestatie aan het relativeren. We moeten over de grenzen heen kijken naar de succesvolle voorbeelden, en daar inspiratie zoeken.

4. We anticiperen niet, maar lopen achter de feiten aan

Succesvolle landen anticiperen, andere hollen achter de feiten aan. De volgende crisissen zitten al in de pijplijn: energie, begroting, pensioenen, klimaat, cybervirussen. Je hoeft geen Bill Gates of Nassim Taleb te zijn om dat te voorspellen én erop te anticiperen.

Als de nieuwe regering één ding moet doen, dan is het buffers aanleggen voor de toekomst. Helaas doen we net het tegenovergestelde: we trekken de lusten naar voren en duwen de problemen naar achteren. De succesvolle landen in de linkerbovenhoek van de grafiek hebben buffers en denken na over de toekomst. België en helaas het zwaartepunt van de eurozone doen het tegenovergestelde.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud