Noelsspeak | Silicon Valley redt de Amerikaanse economie

In Noelsspeak spreekt econoom en Econopolis-stichter Geert Noels zich maandelijks onomwonden uit. Vandaag heeft hij het over de impact van de hightechbedrijven van Californië op de Amerikaanse economie.

Californië is de vijfde economie ter wereld, groter dan het Verenigd Koninkrijk maar nog kleiner dan Duitsland. In twintig jaar is de Californische economie 20 procent sterker gegroeid dan die van de Verenigde Staten. Dat is een fenomenale prestatie als je weet dat Californië 14 procent van het Amerikaanse bruto binnenlands product (bbp) uitmaakt.

Het wordt nog straffer als je weet dat Californië ‘slechts’ 40 miljoen inwoners telt. Na de Grote Recessie groeide het bbp per capita in de VS exclusief Californië met 8,5 procent, in Californië met 17 procent. De groei van de Gouden Staat was dus het dubbele van de Amerikaanse economie. Met slechts 12 procent van de bevolking was Californië ook goed voor 16 procent van de jobcreatie.

De Amerikaanse economie en beurs zouden er heel anders uitzien zonder de groeimotor van Californië.

En terwijl de Europese beurzen in dollartermen nog altijd 10 procent onder het crisisniveau van tien jaar geleden noteren, staat de Amerikaanse beurs bijna dubbel zo hoog. Dat verbergt echter een enorm verschil tussen de prestatie van technologieaandelen (+150%) en niet-tech (+75%). Net zoals bij de groei is het prestatieverschil het dubbele. Dat toont alleen maar aan hoe anders de Amerikaanse economie en beurs er zouden uitzien zonder de groeimotor van Californië.

Geen zeepbel

In tegenstelling tot de periode voor het millennium is dit keer geen sprake van een zeepbel. De technologieboom is gedreven door enkele erg grote en duizenden kleinere bedrijven die ook mooie winsten laten optekenen. Californië en zijn techbedrijven zijn de stofzuiger geworden van quasimonopolistische winsten in de media, de reclame, de retail en besturingssystemen op wereldwijde schaal.

Californië en zijn techbedrijven zijn de stofzuiger geworden van quasimonopolistische winsten in de media, de reclame, de retail en besturingssystemen op wereldwijde schaal.

Trouwens, het zou fout zijn Californië te reduceren tot technologie. De grootste bank ter wereld volgens beurswaarde is Wells Fargo, die de concurrenten van Wall Street doet verbleken in prestaties. En de staat is de belangrijkste landbouwproducent van de VS, driemaal groter dan Iowa, dat op twee staat. Niettemin creëert vooral de ICT-sector de meeste waarde, en schraagt ze ook de hoge vastgoedprijzen in de staat.

Drie pijlers

Dat succesmodel wordt gedragen door drie pijlers. De eerste is de kenniseconomie. Stanford, California Institute of Technology en de University of California scoren hoog in internationale ranglijsten. Samen met de onderzoeksdepartementen van de grootste bedrijven ter wereld zoals Intel, Microsoft, Google. En ook de NASA zorgt voor continue investeringen in kennis en uitvindingen.

©Mediafin

De tweede pijler is selectieve immigratie. De Amerikaanse auteur Eric Weiner - die volgende week spreekt bij Econopolis - zet Silicon Valley in het rijtje van Athene, Rome en Firenze die in hun tijdgewricht een magneet werden voor het wereldwijd beschikbare talent. Californië drijft op talent, ook buitenlands talent. Het verbruikt ook veel talent: mensen worden aangetrokken maar vertrekken ook na een tijdje, met nieuwe kennisbagage maar soms ook gedeukte dromen. Het is een totaal andere immigratie dan in ons land: hooggeschoold en opportunistisch.

De derde pijler is ondernemerschap. De raket van talent en kennis haalt pas astronomische hoogten als je ze combineert met de krachtige brandstof ‘ondernemerschap’. Californië ademt ondernemerschap: het buitenlandse talent begint vaak zelf een bedrijf dat uitgroeit tot een wereldspeler. 40 procent van de Fortune 500-bedrijven zijn opgericht door immigranten of hun eerste generatie kinderen.

Beperkt besef

Het groeiwonder heeft ook schaduwzijden. De armoede is in Californië hoger dan in de VS, en ook de ongelijkheid is erg hoog. Californië heeft enkele van de grootste cleantechbedrijven en wil vooruitlopen in de ‘climate change’, maar heeft gigantische klimaatproblemen door chronische watertekorten. Die zijn het gevolg van te veel waterverbruik, onder meer in de landbouw, en het massaal oppompen van grondwater.

Daardoor zakt ook de Californische bodem in een recordtempo. Het is eigenaardig dat de Californische elite zich bezighoudt met grote wereldproblemen maar er niet in slaagt de grote problemen in haar eigen provincie mee op te lossen.

De vruchten zijn voor Silicon Valley, de gevolgen voor de rest van de wereld.

Het ethisch besef van de Californische techelite is dan ook beperkt, met uitzonderingen als Elon Musk en Bill Gates. De impact van al de techdisruptie is niet haar zorg. Als je in Silicon Valley daarover een vraag stelt, bekijken ze je alsof je van Mars komt. De vruchten zijn voor Silicon Valley, de gevolgen voor de rest van de wereld.

Centrum van arrogantie

Het centrum van arrogantie is sinds de Grote Recessie verplaatst van Wall Street naar Palo Alto en omgeving. Aan de Singularity University legde de CEO me uit dat Silicon Valley boven Californië staat, Californië boven de VS, en de VS boven Europa. Als Antwerpenaar dacht ik: wat wij lachend zeggen, menen ze daar.

België kan uiteraard veel leren van Californië. Als klein landje kunnen we excelleren in kennis en een hoge welvaart bereiken. Ons socialezekerheidssysteem kan alleen overeind blijven met hoogwaardige kennisactiviteiten, niet met een overwicht aan activiteiten met een lage toegevoegde waarde of een grote overheidseconomie.

Successen zoals Google, Apple en Intel inspireren hier in de eerste plaats nieuwe belastingen. De Googletaks zou al lang zijn uitgevonden om de pensioenen te betalen.

Mocht België hetzelfde bbp per capita hebben als Californië, dan daalde onze schuldgraad onmiddellijk naar 80 procent. Met eenzelfde overheid zou het overheidsbeslag van 52 naar 42 procent dalen.

Maar willen we dat? Successen zoals Google, Apple en Intel inspireren hier in de eerste plaats nieuwe belastingen. De Googletaks zou al lang zijn uitgevonden om de pensioenen te betalen. En een Appletaks zou wellicht het asociale smartphonegedrag in de trein belasten om zo de bodemloze putten van de NMBS te dempen. Afgunst is dodelijk voor het Californische groeimodel.

Op enkele vlakken zien we echter de kiemen van Silicon Valley. In biotech, bijvoorbeeld, waarin we wereldklasse zijn. De test is om te zien of enkele bedrijven nog een stap hoger kunnen doorgroeien, tot zo’n 50 miljard euro marktkapitalisatie, en daardoor het vliegwiel van kennis X talent X ondernemerschap in een hogere stand katapulteren.

Ik geloof niet dat centrale banken groei en tewerkstelling kunnen creëren. Maar ik ben er wel van overtuigd dat kennis X talent X ondernemerschap in staat is duurzame welvaart te creëren.

Lees verder

Tijd Connect