Ongegeneerd complexloos

managing director van A Seat At The Table

Wordt het geen tijd dat we onze typische Vlaamse bescheidenheid afleggen?

Beroepshalve heb ik de eer om - geheel onverdiend - dagelijks aan tafel te schuiven bij de gangmakers van het Vlaamse bedrijfsleven. Bij de meeste kennismakingsgesprekken hoort vaak een rondleiding op de werkvloer, een presentatie van de activiteiten en een stevige lunch.

Doorgaans slaag ik erin om het eerste halfuur gelijke tred te houden met mijn gastheer/vrouw eer mijn beperkte kennis van het vakjargon en zijn/haar sector mijn onwetendheid verraadt. Nu goed, je kan nu eenmaal niet van alle markten thuis zijn. Of in mijn geval, van geen enkele.

We staan te weinig stil bij onze vele troeven en wentelen ons te vaak in zelfbeklag. Waarom eigenlijk?

Innovation labs, data centers, trading floors, assembly lines, process plants en alle andere hippe Engelse termen hebben ondertussen geen geheimen meer voor mij. Achter elk industrieterrein, kantoorgebouw of coworkingplaats schuilt een indrukwekkend verhaal. De unieke bedrijvigheid die ik dagelijks mag gadeslaan staat in schril contrast met het defaitistisch beeld van ons land dat we onszelf vaak voorhouden.

Mijn gesprekspartners kan ik doorgaans indelen in twee categorieën: expats die bij de Belgische tak van een multinational werken of landgenoten aan het stuur van een uit de kluiten gewassen Vlaams bedrijf, kmo of start-up. De eerst groep schermt graag met de vele successen van haar organisatie. Terwijl Vlaamse leidinggevenden lichtjes gegeneerd en bedeesd vertellen over de verwezenlijkingen en toekomstplannen van hun onderneming. Alsof ze een grote faux pas begaan door uit te pakken met hun prestaties.

Veel te bescheiden

‘Made in Flanders’ is in het buitenland een kwaliteitslabel dat garant staat voor hoogtechnologisch onderzoek, duurzaamheid, baanbrekend design en innovatie. Vlaanderen blijft het kmo-land bij uitstek waarbij kleine ondernemingen en start-ups zich manifesteren door zich te specialiseren in nichemarkten, hoogkwalitatieve producten en innovatieve dienstverlening. Wie regelmatig een blik achter de schermen van het Vlaamse bedrijfsleven werpt, kan niet anders dan vaststellen dat onze ondernemers en werkgevers veel te bescheiden zijn.

Voor een lapje grond van een zakdoek groot herbergen we talloze bedrijven en sectoren die zich moeiteloos kunnen meten met de wereldtop.

Onze biotech-, bagger-, textiel-, chemie- en farmabedrijven zitten bij de wereldtop. Vlaamse scale-ups en unicorns zoals Teamleader, Showpad en Collibra zetten al jaren de toon in de Europese techsector. Dankzij de opgedreven investeringen van de Vlaamse regering in O&O (in 2019 goed voor 2,9% van het bbp) en de nauwe samenwerking tussen bedrijven, onderzoekscentra, kennisinstellingen en overheden worstelt Vlaanderen zich langzaam maar zeker naar de top van de Europese innovatieleiders.

Niettegenstaande we een van de meest welvarende en innoverende regio’s in de wereld zijn, maken we ons wijs dat we de kneusjes van Europa zijn. We staan te weinig stil bij onze vele troeven en wentelen ons te vaak in zelfbeklag. Waarom? Voor een lapje grond van een zakdoek groot herbergen we talloze bedrijven en sectoren die zich moeiteloos kunnen meten met de wereldtop. Met Antwerpen hebben we de op een na grootste haven van Europa en de grootste petrochemische cluster ter wereld, na die van Houston. Naast onze havens en farmaceutische industrie zijn onze mode- en diamantsector wereldwijd een begrip.

Calimerocomplex

Met al die troeven blijft het een raadsel waarom we ons een calimerocomplex aanpraten. Onze ondernemingen inspireren tot ver buiten onze grenzen. We doen het ongebreidelde potentieel van onze regio tekort door onze misplaatste bescheidenheid en de minachtende toon die ondernemers vaak ten deel valt in het maatschappelijke debat.

We hebben meer dan ooit nood aan succesverhalen, rolmodellen en hemelbestormers.

Nee, werkgevers en ondernemers hebben geen behoefte aan kritiekloze cheerleaders die bij de minste verwezenlijking applaudisseren. Maar we moeten wel dringend komaf maken met het huidige status quo. De meeste inspirerende bedrijven en ondernemers durven amper naar buiten te komen met hun strafste verhalen, dromen en ambities, uit angst afgeschoten te worden. Steek in Vlaanderen boven het maaiveld uit en je wordt al snel een kopje kleiner gemaakt. Terwijl we meer dan ooit nood hebben aan succesverhalen, rolmodellen en hemelbestormers.

Als we sprongen vooruit willen maken, moeten we dringend een cultuur cultiveren waarbij we ons bewust zijn van onze vele troeven, en die ongegeneerd uitdragen. En waarbij iedereen die onderneemt en innoveert zijn verhaal complexloos naar buiten durft te brengen. Laten we in hemelsnaam snel afscheid nemen van die eeuwige Vlaamse bescheidenheid.

‘Wie geen zelfvertrouwen heeft, wordt twee keer verslagen in de race van het leven. Met meer zelfvertrouwen heb je gewonnen nog voor je begonnen bent’. Aldus Cicero. Of was het Seneca? Mijn onwetendheid speelt me weer parten.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud