Opportuniteitskosten

Politicoloog

Een interessant debat barst los over de zin en onzin van koopkrachtmaatregelen in tijden van structurele begrotingstekorten en een staatsschuld die maar niet wil dalen.

Ik zag vorige zondag een jonge socialistische partijvoorzitter in bloedvorm in 'VTM Nieuws'. De zoveelste positieve peiling op rij geeft zijn partij een extra dosis zelfvertrouwen. De voorzitter hoopt natuurlijk dat de trend doorzet, minstens tot de verkiezingen.

Volgens de Antwerpse politicoloog Stefaan Walgrave kunnen de electorale verschuivingen die blijken uit de tussentijdse bevragingen niet zomaar doorgetrokken worden naar 2024. Te veel conjuncturele elementen spelen een rol. De gestage verdamping van de centrumpartijen, CD&V in het bijzonder, faciliteert volgens Walgrave weliswaar de evolutie naar een bipolair landschap waar naast een dominante rechtse partij, de N-VA, zich nu ook ter linkerzijde een marktleider vormt.

De crisis mag geen aanleiding zijn tot gretige spilzucht in de hoop een ontredderd electoraat te bedienen met halfslachtige maatregelen.

Tijdens zijn interview nam Conner Rousseau het op voor al wie door de exuberant hoge energieprijzen zijn koop- en productiekracht ziet wegsmelten. Hij pleit voor een significante tussenkomst van de Vlaamse regering om de acute pijn bij gezinnen en bedrijven te dempen. Zo barst een interessant debat los over de zin en onzin van koopkrachtmaatregelen in tijden van structurele begrotingstekorten en een staatsschuld die maar niet wil dalen. Moet de overheid diep in de lege buidel tasten om de koopkracht van de gezinnen te stutten en de exploderende productiekosten van bedrijven in deze ongeziene crisis te bedwingen?

Door de inflatiebonus stijgen de inkomsten van de Vlaamse overheid sneller dan de uitgaven. Het verwondert niet dat de Vlaamse socialisten, bijgetreden door de liberalen en christendemocraten die nota bene in de regering zitten, pleiten om die financiële meevaller aan te wenden om de energiefactuur van Vlaamse gezinnen en kmo’s te drukken en de koopkracht te stutten. In het Vlaams halfrond krijgen ze bijval van Groen. Alleen de PVDA gaat nog verder in de herverdelingslogica.

Het is een feit dat alle regeringen dieprode cijfers schrijven. Al voor corona zaten ze budgettair op hun tandvlees, na jarenlange kortzichtige spilzucht. De vraag is dan wat primeert. Hier stellen zich maatschappelijke opportuniteitskosten. Opportuniteitskosten zijn de kosten van een economische keuze, uitgedrukt in termen van de beste gemiste kans. De kosten zijn de waarde en opbrengst van de optie die je niet hebt gekozen ten opzichte van de beslissing die je hebt genomen.

Begrotingsevenwicht

Gaat de Vlaamse regering voor een begrotingsevenwicht, dan kiest ze de facto voor een ernstige aantasting van de binnenlandse vraag en voor een 'redde-wie-zich-redden-kan'-scenario voor bedrijven. Die keuze is niet zonder risico want de kiezer ligt nu vooral wakker van koopkracht en energiezekerheid. Anderzijds mag de crisis ook geen aanleiding zijn tot gretige spilzucht in de hoop een ontredderd electoraat te bedienen met halfslachtige maatregelen, zonder oog te hebben voor de talloze voorspelbare mattheuseffecten waar de Antwerpse econoom Ive Marx herhaaldelijk op wees. Wie gretig en ondoordacht met geld strooit dat er niet is, belast de toekomst met onnodige schulden die onze groeikansen fnuiken.

In de jaren 70 hadden we stagflatie zonder een hoge schuldgraad. Na 2008 kregen we een schuldencrisis gevolgd door een lage inflatie of deflatie. Vandaag worden we volgens de Amerikaanse econoom Nouriel Roubini geconfronteerd met aanbodschokken in een context van veel hogere schulden. Dat zou betekenen dat we afstevenen op een combinatie van stagflatie en schuldencrisis - een stagflatoire schuldencrisis.

Wie gretig en ondoordacht met geld strooit dat er niet is, belast de toekomst met onnodige schulden die onze groeikansen fnuiken.

In een land met de op twee na hoogste belastingdruk in de EU, waar regeringen nagenoeg permanent in het rood schrijven en de schulden opstapelen, waar de publieke én de private schuldgraad ongezonde hoogten verkent en het politiek systeem in tijden van crisis nog meer dysfuncties vertoont dan in tijden van relatief gemak, dringt een ernstig kerntakendebat zich op.

In de jongste peiling lijkt het Vlaams Belang te pieken rond 22 procent. Wedden dat dat een schromelijke onderschatting blijkt als de huidige crisis niet met concrete en doeltreffende maatregelen wordt bestreden? Naast de positie van de kiezers op de links-rechtsschaal en de scholingsgraad is vooral de mate van tevredenheid over de democratie de belangrijkste determinant van een stem voor het Vlaams Belang. Eigenaardig genoeg pleitte alleen het Vlaams Belang in het Vlaams Parlement samen met de N-VA voor budgettaire orthodoxie. Of hoe cynisme electorale zelfverrijking faciliteert.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud