Paleis der Natie | Terug naar de toekomst

Wat gebeurt er als de regering in het Arco-dossier noodgedwongen de handdoek in de ring gooit? Zijn de Vlaamse partijen bereid om de electorale woede van 780.000 coöperanten te trotseren?

Precies tien jaar geleden vernam de presidentskandidaat Barack Obama tijdens een confidentieel telefoongesprek met zijn buddy Robert Wolf, UBS-topman, dat het financiële systeem op ontploffen stond. Wolfs Union Bank Switzerland had het eigen kapitaal liefst zestig keer beleend. Zijn oud-collega Sal Naro, van het hefboomfonds Sailfish, had Wolfs vrees bevestigd: ‘Het einde van de wereld is nabij. De nachtmerrie is hier.’ Enkele maanden later, in december 2007, maakte UBS een kwartaalverlies van 7,8 miljard euro bekend. In september 2008 viel Lehman Brothers om.

©Saskia Vanderstichele

Het verhaal van Wolf is de aanzet van ‘Confidence Men’, een verbijsterend boek van The Wall Street Journal-journalist Ron Suskind over het begin van Obama’s presidentschap. De door Wolf aangekondigde financiële orkaan blies in België Fortis en Dexia omver, en deed KBC wankelen. Andrew Haldane, de hoofdeconoom van de Bank of England, schatte de schade aangericht door de financiële crisis ooit tussen 60.000 en 200.000 miljard dollar. En nog is alle leed niet geleden. Tot vandaag worstelen opeenvolgende Belgische regeringen met het Arco-dossier, een politiek vervelende nasleep van de Dexia-ramp.

Premier Charles Michel (MR) dacht met zijn kernkabinet een compensatieregeling te hebben gevonden voor de gedupeerde Arco-coöperanten. Die oplossing voorziet in een steunfonds van 600 miljoen euro. Daarin draagt Arco, ooit de financiële arm van de christelijke arbeidersbeweging ACW, nu Beweging.net, via de vereffeningen en de betaling van de Europese boete 200 miljoen en de overheid 400 miljoen bij. Maar volgens sommigen is de kans gering dat Europa de regeling goedkeurt. Eerder al maakte het Europese Hof van Justitie brandhout van de depositogarantie die door de regering van Yves Leterme (CD&V) was uitgedokterd. Al deed Europa onlangs minder moeilijk over gelijkaardige staatsgaranties die de Italiaanse regering voorzag voor coöperanten/obligatiehouders van noodlijdende Venetiaanse banken.

Voor de Arco-coöperanten hangt alles af van de manier waarop de federale regering dit keer haar constructie voorstelt: niet als een depositogarantie maar als een schadevergoeding. Gelet op het arrest van het Europese Hof van Justitie is de manoeuvreerruimte van de regering uiterst gering, en volgens een aantal specialisten zelfs onbestaand. Er zijn ook geen 65 varianten te bedenken om de Dexia-verliezen van de Arco-coöperanten met belastinggeld te compenseren. Daarom kan men zich maar beter nu al beraden over de vraag wat er gebeurt als de federale regering, gedwongen door de Europese oekazes, de handdoek in de ring gooit. Als Europa de jongste regeling afwijst, is die kans reëel.

Is de politiek bereid haar onmacht toe te geven en de electorale woede van 780.000 bekochte en daarom misnoegde Arco-spaarders/beleggers te trotseren?

Is de politiek bereid haar onmacht toe te geven en de electorale woede van 780.000 bekochte en daarom misnoegde Arco-spaarders/beleggers te trotseren? Bij wijze van vergelijking: 780.000 is op 3.000 na het aantal Vlamingen dat in 2014 voor CD&V koos, en gevoelig meer dan de helft van de N-VA-stemmers.

Als Europa elke vorm van zelfs gedeeltelijke depositogarantie door de overheid in welke vorm ook blijft verwerpen - en die procedure kan nog lange tijd aanslepen -, dan betekent dat nog niet dat de christelijke arbeidersbeweging de coöperanten moet vergoeden. Als deze of een volgende regering zich definitief naar de Europese regels plooit, dan belandt men opnieuw in de situatie van eind september 2008, bij de val van Dexia, voor de Arco-vereffening.

In dat geval komt automatisch ook een einde aan de afspraak dat de christelijke arbeidersbeweging geen deel neemt in het vereffeningssaldo van Arco en de volledige opbrengst aan de privéaandeelhouders laat. Het terugdraaien van de vereffening is een ingewikkelde procedure, maar niet onmogelijk. Hoe dan ook kunnen de aandeelhouders zich meteen tegen de instantie keren die de vereffening veroorzaakte, de Belgische staat vertegenwoordigd door de regering, en tegen Belfius. Die bank, staatseigendom, is de zakelijke voortzetting van de ACW-bank Bacob, de verkoper van de coöperatieve aandelen die in Dexia oploste. Alle Arco-aandeelhouders hebben samen behalve hun coöperatieve aandelen ongeveer 24 miljard euro uitstaan bij Belfius. Een dergelijke schadeclaim van de Arco-aandeelhouders maakt op slag de privatisering van de staatsbank onmogelijk.

Koninklijk besluit

Meteen nadat de uitverkoop van Fortis eind september 2008 de Belgische overheid met een factuur van net geen 5 miljard euro had opgezadeld, moest alweer 3 miljard euro worden gevonden om Dexia met een kapitaalsverhoging te stutten. De regering van premier Leterme dwong de drie institutionele aandeelhouders Ethias, Gemeentelijke Holding en Arco samen voor 1 miljard euro deel te nemen in die kapitaalsverhoging. Omdat geen van de drie over de nodige middelen beschikte, werden ze gedwongen tot een circulaire lening bij Dexia.

Dat was een flagrante overtreding van de internationaal geldende Baselvoorschriften, die door de toezichthouders CBFA/FSMA en de Nationale Bank van België stilzwijgend werden goedgekeurd. Want Dexia was een systeembank, en voor de redding daarvan wordt veel door de vingers gezien. De gevolgen zijn bekend: enkele jaren later gingen Arco en Gemeentelijke Holding in vereffening. Ethias werd uiteengerafeld en het bankdeel kwam alweer met de goedkeuring van de Nationale Bank, terecht in het mandje van het Gentse Optima, dat intussen ook al van de kaart is geveegd.

De depositogarantie voor de Arco-coöperanten was een rechtstreeks gevolg van de moeilijkheden bij Ethias, voorgezeten door gewezen sp.a-voorzitter Steve Stevaert, die toen bankiersambities koesterde. Ethias kampte met de gevolgen van de financiële crisis op haar populaire First-rekeningen, een tak 21-spaarrekening met gewaarborgd rendement. Om Ethias van een wis faillissement te vrijwaren kwamen de federale, de Vlaamse en de Waalse overheid elk met een half miljard euro over de brug en besloot de regering de bestaande depositogarantie uit te breiden naar de zowat 200.000 First-beleggers.

De raad van bestuur van Dexia was ruim bevolkt met politici. De toezichthouders die aan alles hun stilzwijgende goedkeuring verleenden, waren en zijn nog altijd politiek benoemd.

Bij Arco werd van de gelegenheid gebruik gemaakt om een gelijkaardige garantie te vragen voor zijn kleine coöperanten, die door de Belgische fiscus altijd als gewone spaarders waren behandeld. Die definitieve afspraak werd pas in oktober 2011 in een koninklijk besluit gegoten, na de ontmanteling van Dexia. Met de voorwaarde verbonden aan die depositogarantie dat ACW/Beweging.net en aanverwante organisaties verzaken aan hun deel van het eventuele vereffeningssaldo van Arco. Eind 2012 pompten de Belgische en de Franse overheid nog eens 5,5 miljard euro in het Dexia-wrak.

Naderhand verklaarde Didier Migaud, de eerste voorzitter van het Franse rekenhof, in een splijtend rapport: ‘Dexia is niet het slachtoffer van de financiële crisis. De kwetsbaarheid van het model, de bestuurlijke zwakte en het in gebreke blijven van de regelgeving en het toezicht verklaren waarom de groep de crisissen van 2008 en 2011 niet overleefde. Bestuurders, aandeelhouders en toezichthouders delen de verantwoordelijkheid voor deze ramp.’

De raad van bestuur van Dexia was ruim bevolkt met politici. De toezichthouders die aan alles hun stilzwijgende goedkeuring verleenden, waren en zijn nog altijd politiek benoemd. Het is daarom niet uitgesloten dat een juridische slag met de Arco-coöperanten, die door de regering in de waan werden gebracht recht te hebben op een depositogarantie, de Belgische staatskas en Belfius duurder komt te staan dan de depositogarantie die Michel uitwerkte.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud