Professor bedrijfspsychologie aan King’s College London

Drie weken staking werkt een columnist op het gemoed.

Frederik Anseel professor bedrijspsychologie aan King's College London

We gaan week drie van de staking in. Ondanks sneeuwstorm Emma en het Beast from the Eastkoudefront blijven de stakersposten aan de universiteitsgebouwen druk bemand. U hebt het wellicht gemist: de Britse professoren staken. Niet zomaar een wilde stakingsdag, nee, 65 universiteiten staken gedurende 14 volle dagen gespreid over een maand. Lessen worden onderbroken, seminaries worden willekeurig opgeschort, studenten zenden paniekerig mails of de gemiste leerstof toch gekend moet zijn op het examen. Het antwoord luidt: ‘Ja, als er al een examen is.’ Veel proffen hebben een out-of-officemail ingesteld. ‘Sorry, ik ben aan het staken.’

©Frank Toussaint

Kleine handleiding bij deze column: er volgt geen pointe of conclusie. Ik zit namelijk wat verveeld met mezelf. Ik kom niet tot een mening. Vervelend voor een columnist. Daarom een verslag van de gebeurtenissen. Hoe kan ik weten wat ik denk, tot ik zie wat ik schrijf.

De kern van de zaak zijn de pensioenen. Britse academici hebben een beperkt vast pensioen. Het aanvullend pensioen bouwen ze op door zelf 8 procent van hun loon opzij te zetten, samen met een bijdrage van 18 procent door de universiteiten. Die aanvullende bedragen worden belegd in een fonds.

Dit systeem klinkt logisch, het is zowat standaard in de privésector. Maar aan de universiteiten bestonden, zoals in België nog altijd, tot voor kort relatief hoge vaste pensioenen voor docenten.

U voelt al nattigheid. Het beleggingsfonds heeft een tekort van 6 miljard pond. De universiteiten moeten dit tekort uit eigen zak bijpassen, waardoor ze zwaar moeten besparen op onderwijs en onderzoek, en misschien zelfs bankroet kunnen gaan. Daarom besliste men de aanvullende individuele pensioenen afhankelijk te maken van de marktprestaties van het beleggingsfonds. Hoe slechter het fonds presteert op de markt, hoe lager het pensioen. Concreet betekent dit, aldus de vakbond, dat docenten 10.000 pond pensioen per jaar verliezen. De details zijn niet altijd duidelijk, omdat de verschillende partijen zowel de bedragen als de risico’s betwisten.

Erover praten ligt moeilijk. Britse omgangsvormen tippelen rond gevoelige onderwerpen. Niemand zegt luidop dat hij staakt. Als een olifant in de porseleinkast vroeg ik collega’s per mail vooraf hun aanwezigheid op een vergadering te bevestigen. ‘Inappropriate’, kreeg ik als wenk. Ongepast. De essentie van een staking is net dat je niet vooraf weet of een activiteit kan doorgaan of niet.

De staking gaat over meer dan pensioenen. De ontevredenheid betreft vooral de ‘neoliberale aanpak’ aan de Britse universiteiten. Ik rol meestal met de ogen als iemand het woord ‘neoliberaal’ nog maar in de mond neemt, maar inderdaad, het marktmodel aan de Britse universiteiten is op zijn zachtst gezegd opvallend.

Een doorn in het oog zijn de vergoeding van topbestuurders. Topsalarissen worden verantwoord met een simpel ‘If you pay peanuts, you get monkeys’. Dame Glynis Marie Breakwell, de vicerector aan de Universiteit van Bath die met een salaris van een slordige 468.000 pond per jaar het mikpunt van controverse is, reageerde laconiek: ‘I’m worth it.’

De verontwaardiging over bestuurdersvergoedingen wordt in de stakingsweken nog wat opgezweept. In de kranten duiken onkostennota’s op, samen goed voor 8 miljoen pond. De stakers smullen van gepeperde rekeningen voor chocolade paaseieren, geurkaarsen, de verhuis van een maltezerhond genaamd Oscar, en verblijven in vijfsterrenhotels, waar een rector nogal ongelukkig een cocktail Pornstar Martini bestelde. Nu ja, ik hoop dat het een cocktail was, ik was er niet bij. Allemaal erg kinderachtig tactisch spel, natuurlijk.

Crossing the picket line is hier geen loos begrip. Buitenlandse professoren die een presentatie komen geven, worden in mails gewaarschuwd de staking niet te breken.

Ik ben niet bepaald een vakbondsman. Ik heb nog nooit een dag gestaakt. Het zal wel iets met die West-Vlaamse volksaard te maken hebben: hard werken en niet klagen. Maar nu twijfel ik. Mijn collega’s kloppen bij me aan om mee op te stappen in een protestmars naar Westminster. ‘Maar ik heb straks een vergadering’, zegt ik wat schaapachtig. Crossing the picket line is hier geen loos begrip. Buitenlandse professoren die een presentatie komen geven, worden in mails gewaarschuwd de staking niet te breken.

Uiteindelijk kies ik voor de lafhartigste oplossing. Met de blik angstvallig op de grond gericht sluip ik snel het auditorium in om toch maar mijn les te geven. De overige dagen probeer ik zoveel mogelijk van thuis te werken, om de stakingspost enkel in virtuele zin te breken. Die publicaties schrijven zichzelf natuurlijk niet.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud