Positieve discriminatie helpt

Celia Ledoux

Uit een onderzoek van Harvard Business Review blijkt dat positieve actie voor vrouwen noodzakelijk is. Het vakblad denkt aan positieve actie en quota.

Celia Ledoux schrijfster en columniste

Het Amerikaanse vakblad Harvard Business Review (HBR) heeft onderzocht waarom mannen promotie maken en vrouwen niet. Mensen kregen sensoren opgeplakt en de onderzoekers monitorden vergaderingen, het mailverkeer, de uren werk, het netwerk, de manier van praten en de soort interventies.

©BELGAIMAGE

Vaak denken we dat vrouwen anders functioneren. Sheryl Sandberg, de nummer twee van Facebook, vertelt in haar manifest ‘Lean in’ aan vrouwen hoe ze anders moeten werken. Ook ons gelijkekansenbeleid stoelt gedeeltelijk op empowerment. Seksisme en discriminatie verhelp je mee zelf, is het idee.

De resultaten van dit onderzoek spraken dat verbluffend en simpel tegen. Ze vonden geen enkel onderscheid tussen hoe mannen en vrouwen werken. Toch kregen mannen promotie en vrouwen niet. Volgens de HBR wordt er simpelweg gediscrimineerd zonder reden. En dus maken mannen carrière en zorgen vrouwen voor de kinderen.

Je kan alleen maar hopen op meer onderzoek. De Nederlandse hoogleraars Naomi Ellemers, Eveline Crone, Ineke Sluiter en Judi Mesman antwoordden in het NRC Handelsblad op een wetenschapper die beweerde dat vrouwelijke wetenschappers ‘gewoon niet willen beulen’. Ze weerlegden dat met recente cijfers uit de oncologie. Vrouwelijke wetenschappers hebben evenveel impact en worden iets vaker geciteerd. Maar eerder onderzoek, dat de jongste jaren steeds dezelfde deprimerendere resultaten opleverde, toont ook iets anders aan. Als je mensen hetzelfde dossier voorlegt met afwisselend een fictieve mannelijke of vrouwelijke auteur, wordt de man steeds als competenter beoordeeld. Vrouwen krijgen steeds minder hoge beoordelingen, aanstellingen en subsidies.

In Vrij Nederland haalde columniste Lisa Bouyeure de dubbele standaard in genderzaken aan. Meisjes mogen jongensdingen doen, maar een jongen die met poppen speelt of meisjesachtige kleren draagt, maakt ons ongemakkelijk. Dat keurslijf beperkt iedereen. Dat we vrouwelijke eigenschappen als ongewenster zien, als niet behorend tot onze lingua franca, wreekt zich wellicht.

Meisjes hebben evenveel interesse in STEM (science, technology, engineering, mathematics) als jongens, maar die sijpelt tegen hun 14de vaak weg. Rond STEM hangt een zeer mannelijke sfeer, met mannelijke onderwerpen, leraars en zelfs rolmodellen. Als alles zegt dat het je leefwereld niet is, waarom zou je als meisje dan doorzetten? Dat het de schuld van de biologie is, lijkt onwaarschijnlijk. In andere landen bestaat de STEM-kloof niet of nauwelijks, ook in zeer gendergevoelige landen als India. Vandaag zien we programmeren als iets typisch mannelijks, maar de eerste programmeurs werden geprezen om hun orde, detail en geduld. Programmeren leek iets voor vrouwen. Dat weten we pas sinds kort: de vrouwen waren anoniem, de credits gingen naar de mannelijke directeurs.

Het is een politieke verantwoordelijkheid om onterechte discriminatie weg te werken.

Politiek dringt de veronderstelling zich steeds meer op dat niet de biologie en de natuur onze levens en carrière bepalen, maar houdingen en vooroordelen. Het is een politieke verantwoordelijkheid die onterechte discriminatie pur sang weg te werken, want ze berooft onze maatschappij en onze vrouwen van talent en mogelijkheden.

De Harvard Business Review zag een oplossing: positieve actie en quota. Voor die oplossing wordt Unia-directeur Els Keytsman al maanden uitgelachen en verguisd.

Beste politici, het is verkiezingstijd. Als u de politieke moed heeft werkelijk iets aan die discriminatie te doen, met positieve actie en quota, garandeer ik u vrouwenstemmen. Dit discriminerende status quo schaadt mannen en vrouwen. Het is tijd voor moed en positieve actie.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Partner content