Rector Vrije Universiteit Brussel

Ik wil zeker niet beweren dat ik het leven begrijp - wie wel? - maar ik denk wel te weten wat mij tot een 'possibilist' heeft gemaakt.

De columns die ik al enkele jaren voor deze krant mag schrijven, zijn een inspiratiebron geweest voor een schrijfsel van langere adem: een boek getiteld 'Ronduit'. Het verschijnt deze week. Geen bundeling van columns, wel thema’s en beschouwingen die eerder op deze plaats de revue passeerden, maar dan uitgediept.

Welke ervaringen, ontmoetingen en levenslessen maken dat we telkens weer onze koers aanpassen? Om een kronkelend pad te vormen dat met het verstrijken van de jaren ons levenspad wordt. Ik ben op een leeftijd gekomen waarop ik met een voldoende afstand kan terugblikken op wat geweest is. En niet geweest is. En om te beseffen dat hoe ik vandaag naar het leven, de samenleving en de wereld kijk, een hoogstpersoonlijke voorgeschiedenis heeft.

Dat geldt voor iedereen. Het is zoals wijlen Steve Jobs van Apple zei: 'You can’t connect the dots looking forward. You can only connect them looking backwards.' Volgens de Deense wijsgeer Soren Kierkegaard kan het leven alleen achterwaarts begrepen worden, maar moet het voorwaarts worden geleefd. Ik wil zeker niet beweren dat ik het leven begrijp - wie wel? - maar ik denk wel te weten wat mij tot een 'possibilist' heeft gemaakt. Dat is meteen ook de ondertitel van het boek: 'Overpeinzingen van een possibilist'.  

Possibilisme betekent geloven in de mogelijkheid van een betere toekomst.

Possibilisme betekent geloven in de mogelijkheid van een betere toekomst. De term komt van de in 2017 overleden Zweedse arts en statisticus Hans Rosling. Hij had een ogenschijnlijk banale, maar eigenlijk revolutionaire ontdekking gedaan. Dat we veel te weinig naar statistische gegevens kijken en ons daardoor blijven vastklampen aan achterhaalde vooroordelen.  Volgens Rosling hoeven we alleen maar naar de data te kijken om vast te stellen dat het almaar beter gaat met onze wereld. Of we haar steeds beter zullen blijven maken, is niet zeker. Wel dat we haar beter kunnen maken.

Ik geloof rotsvast in de mogelijkheid van een beter Europa. Ik neem de lezer graag mee naar de plek waar mijn Europese overtuiging definitief vorm kreeg: bij eurocommissaris Karel Van Miert, bij wie ik als pas afgestudeerde stage mocht lopen. Van Miert was een van die mentoren van wie ik belangrijke levenslessen heb gekregen. Voor hem was geen enkel werk te min. Door dingen aan te pakken, raak je vooruit. Voor de landbouwerszoon was dat belangrijk: hard werken. In de eerste plaats voor anderen, voor het algemeen belang.

Zoals Van Miert hebben tal van inspirerende figuren mijn pad gekruist, ook mijn virtuele hartsvriendinnen Hannah Arendt, Virginia Woolf en Karen Blixen.

Twijfel

Maar mijn boek gaat ook over twijfel. Als rector van een universiteit steek ik de doctoraatsstudenten graag een hart onder de riem. Zeker, een doctoraat mogen schrijven is fantastisch, maar het is ook een worsteling. Ook voor mij was dat zo. Ik had voortdurend het gevoel dat een kraker bezit van me genomen had. Ik heb meermaals gedacht: ik stop ermee. Ik kon me niet voorstellen dat mijn doctoraat de wereld iets zou bijbrengen. Op die momenten was het tijd voor een wandeling in het Zoniënwoud met mijn promotor. We spraken vaak niet eens over het probleem, maar over heel andere dingen. Maar op het einde zei hij wel: ‘Caroline, je moet verder doen.' Opnieuw een levensles. Altijd verder doen.  

Mijn verhaal is een opeenvolging van cirkels. Alles begint bij de hoogstpersoonlijke cirkel, de kleinste van allemaal. Om dan via de universiteit, de wetenschap en de media naar Brussel, Europa en de wereld te leiden. Als kind liet ik graag keien ketsen op het water. Dan verschenen uitdijende kringen. Dat fascineerde me mateloos. Als een beweging van kringen zie ik het leven. Ronduit.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud