Innovatie-ondernemer en partner nexxworks

In de marge van de strijd om het Amerikaanse presidentschap werd in Californië 'proposition 22' aangenomen en dat zal verregaande gevolgen hebben.

Het was nagelbijten vorige week. We zagen spannendste verkiezingsstrijd in decennia tussen rood en blauw in de VS. De verkiezingen waren deze keer nog extra spicy door een pietluttig amendementje in Californië, proposition 22, dat misschien even verregaande gevolgen zal hebben.

Proposition 22 werd vorige week met 58 procent van de stemmen in de staat Californië goedgekeurd, en daardoor zullen de top executives van Uber en Lyft een zucht van verlichting hebben geslaakt. Zij hadden de laatste maanden meer dan 200 miljoen dollar opgestookt om campagne te voeren om de proposition er door te krijgen. Met succes dus.

Het werd in de pers afgeschilderd als 'Big Tech vs. The State of California', maar dat is volgens mij iets te kort door de bocht. Het hele concept van flexibele arbeid, het kloppende hart van de 'gig-economy' stond op het spel. Door het goedkeuren van proposition 22 gaat in California de wet AB5 (Assembly Bill 5) op de schop. Die wet was vorig jaar goedgekeurd, en kwam er in feite op neer dat flexibele krachten zoals de chauffeurs van Uber niet meer met een zelfstandig statuut mochten opereren, maar verplicht werden als werknemer van Uber te gaan werken.

De drijvende kracht achter deze AB5 was de Californische vakbondsleidster Lorena Gonzalez. Lorena had het duidelijk niet voor de gig-economy, en vond de chauffeurs van Uber, de boodschappers van Instacart en de maaltijdbezorgers van DoorDash de moderne slaven van de 21ste eeuw. Karl Marx zou trots geweest zijn op mevrouw Gonzalez die de fijnste vakbondsretoriek bovenhaalde om de gig-economy-platformen te demoniseren.

De Ubers van deze wereld zagen de bui al hangen. Niet alleen zou AB5 ze verplichten de chauffeurs in dienst te nemen en hen allerlei arbeidsprivileges toe te kennen, het zou ze ook nog eens opzadelen met een vakbondsinmenging die zou bepalen hoe ze konden functioneren. Toen vorige week proposition 22 werd goedgekeurd sprongen ze dus een gat in de lucht. De CEO van Uber, Dara Khosrowshahi, retweete een bericht van Jason Calcanis, een van de eerste investeerders van Uber, die Lorena Gonzalez een 'grifter' noemde die 'gefaald had om de gig-workers uit te leveren aan de big-money vakbonden'. Grifter kan je best vertaler als 'fraudeur of sjoemelaar'.

De kern van de discussie gaat over de toekomst van werk, dat voor veel mensen meer en meer flexibel zal worden.

De kern van de discussie gaat over de toekomst van werk, dat voor veel mensen meer en meer flexibel zal worden. De marketing van Uber en Lyft zal wel geholpen hebben, maar de realiteit was dat in Californië horden van flexibele werkers absoluut geen werknemersstatuut wilden. Niet alleen chauffeurs, of mensen die maaltijden leveren, maar ook freelancers, schrijvers, musici, fotografen en IT-specialisten wilden absoluut hun flexibiliteit en vrijheid bewaren.

Covid-19 heeft in veel bedrijven de discussie rond de 'toekomst van werk' aangezwengeld. Die discussie moet echter veel verder gaan dan een functionerend Teams- of Zoom-account, een aangepaste ergonomische stoel of een extra scherm voor thuiswerkers. Covid-19 heeft ook aangetoond dat we op een totaal andere manier moeten nadenken over hoe we met controle omgaan in onze bedrijven en dat we naar resultaten moeten kijken in plaats van naar de tijdsbesteding. Bovenal heeft de coronacrisis aangetoond dat flexibiliteit en wendbaarheid cruciaal zijn voor bedrijven.

Bovenal heeft de coronacrisis aangetoond dat flexibiliteit en wendbaarheid cruciaal zijn voor bedrijven.

Natuurlijk zal niet iedereen deelnemen aan de gig-economie, maar voor veel mensen zal het zelf kunnen bepalen hoe, wanneer en hoeveel ze werken bijzonder aantrekkelijk worden. Vandaag is het heel binair, je bent werknemer of je bent zelfstandige. De Amerikaanse vakbonden wilden de hordes van flexibele contractors bij bedrijven als Uber weer resoluut in het hokje 'werknemer' steken. Maar de kern van de discussie gaat over de toekomst van werk, dat voor veel mensen meer en meer flexibel wordt. En daar zit een enorme opportuniteit om het concept vakbond uit de stoffige 19de eeuw te trekken en te herdenken voor de 21ste eeuw.

Daarom moet de discussie over de toekomst worden gevoerd. Het heeft geen nut als vakbond te vechten tegen platformen. Dat is nu eenmaal de nieuwe economische realiteit. Het concept werk wordt sowieso grondig door elkaar geschud door Covid-19. Californië is ver weg, maar waarom zouden wij in Vlaanderen niet kunnen experimenteren en pionieren rond de toekomst van de arbeid?

Peter Hinssen is innovatie-ondernemer en partner nexxworks

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud