Vertrouwenscrisis

Geen crisis in de naoorlogse periode heeft de economie zo brutaal en zo onverwacht lamgelegd als de coronacrisis. De economen van het Planbureau en de banken buigen zich over hoe snel we dit te boven kunnen komen en - geflankeerd door ad hoc bijeengeroepen expertengroepen en task forces - over welke maatregelen daarvoor nog nodig zijn.

©wim kempenaers (wkb)

Er zijn geen handleidingen voorhanden. Dit is geen financiële crisis zoals die in 2008-2009, geen geopolitieke crisis, zoals begin jaren 90 na de inval in Irak, geen grondstoffencrisis zoals in de jaren 70 bij de olieschokken. Vandaag hebben we in de eerste plaats te maken met een crisis van ons gezondheidssysteem. En omdat we die gezondheidscrisis niet onder controle kregen, werd het sociale en economische leven zo goed als stilgelegd. En dat niet in één land, zoals in het verleden wel gebeurd is  in enkele Afrikaanse of Aziatische landen, maar wereldwijd en dus ook bij ons.

De ontwikkeldste landen ter wereld, in het rijke Westen, worden plots geconfronteerd met een gezondheidssysteem dat niet robuust genoeg is om een pandemie op te vangen. De schokgolven van die vaststelling geven ons veiligheidsgevoel een gigantische deuk. Er dreigt onvoldoende capaciteit te zijn om goed voor onze zieken en in het bijzonder voor onze ouderen te zorgen. De versoepelingen van de lockdown volgen inmiddels het tempo van de verminderde druk op de ziekenhuiscapaciteit. Niets meer of minder. Maar zolang niet op grote schaal een vaccin of behandeling voorhanden is, dreigt bij een te snelle versoepeling een nieuwe uitbraak en dus een nieuwe lockdown.

Zolang er geen vaccin is, moet het vertrouwen op een andere manier dan met economische recepten worden hersteld. Er moet in een robuuster gezondheidssysteem worden geïnvesteerd.

Zolang de consumenten en de ondernemingen geen vertrouwen hebben in de toekomst, kan de economie zich niet herstellen. Hoeveel overbruggingskredieten, relancefondsen of premies de overheid ook in het systeem pompt, het dreigt een maat voor niets te worden. Hoogstens wordt wat inkomensbescherming geboden aan wie daar nood aan heeft. De consument pot liever zijn geld op dan het te spenderen, zelfs ondanks een negatieve reële rente op het spaargeld, want de rente is lager dan de inflatie.

De winkels kunnen dan wel langzaam opengaan, de solden mogen dan uitgesteld worden in een hopeloze poging om de marges wat te beschermen, maar als de consument onzeker is over de toekomst, zal het geld niet rollen. Grote aankopen, zoals van auto’s, of renovaties die tot energievriendelijkere huizen leiden, worden uitgesteld. Integendeel, wie kan, spaart nog wat extra uit voorzorg voor de volgende golf slecht nieuws.

Uitzicht

Eenzelfde reactie mag je verwachten bij de ondernemingen. Opdat bedrijven opnieuw investeren, ook in innovatie, moet er uitzicht zijn op vermarkting. Zolang de vraag niet aantrekt, is het ondernemen met de rem op. Voor wie althans voldoende financiële reserve heeft om deze periode te overbruggen. Andere bedrijven gaan hun faillissement genadeloos tegemoet.

Voor ons land is daarbij niet enkel de binnenlandse markt van tel. Het grootste deel van onze afzetmarkten ligt in onze buurlanden. De warme oproepen voor ‘koop lokaal’, hoe goed bedoeld ook, vormen dus een grote bedreiging voor ons. Kunt u zich inbeelden wat het zou betekenen als grote markten zoals de Duitse, Franse of Italiaanse zich terugplooien op zichzelf? Daarom moeten onze regeringen de eerste zijn die actief een Europese aanpak van de crisis bepleiten. Maar we horen of zien ze daarover niet.

Pas als de geloofwaardigheid terug is, kunnen noodfondsen op een effectieve manier worden ingezet om de economie weer aan te zwengelen.

Hoe dan ook, zolang er geen vaccin is, moet het vertrouwen op een andere manier worden hersteld dan met economische recepten. Er moet prioritair geïnvesteerd worden in een robuuster gezondheidssysteem. Dat zijn in de eerste plaats investeringen om de capaciteit van onze ziekenhuizen voldoende te verhogen: in ziekenhuisbedden, in beademingsmateriaal, in veiligheidsuitrusting én in voldoende man- of vrouwkracht.

Het imminente gevaar voor het ineenstorten van ons gezondheidssysteem moet geweken zijn, zodat de overheid opnieuw aan geloofwaardigheid wint en het draagvlak bij de bevolking voor de voorzorgsmaatregelen behouden blijft. Pas dan kunnen noodfondsen op een effectieve manier worden ingezet om de economie weer aan te zwengelen. Maar zelfs de mondmaskers die de federale overheid enkele weken geleden beloofde, zijn nog steeds niet in zicht. Wie dan nog gelooft dat een snel economisch herstel tot de mogelijkheden behoort, dwaalt. Daar kan geen enkele relancemaatregel iets aan veranderen.

Lees verder

Gesponsorde inhoud