Werk aan de winkel

Hoofdeconoom Econopolis en auteur van 'Superstaat'

De tweewekelijkse grafiek van Bart Van Craeynest.

Los van enkele geïsoleerde aankondigingen van collectieve ontslagen is het goede nieuws over de arbeidsmarkt de jongste tijd niet van de lucht. Sinds eind 2014 kwamen er netto meer dan 160.000 jobs bij, 2017 was het sterkste jaar voor de jobcreatie sinds 2007 met gemiddeld bijna 6.000 bijkomende jobs per maand, meer en meer vacatures raken niet ingevuld en de werkloosheid zakte naar 6,7 procent. Voorlopige indicatoren geven aan dat 2018 nog beter wordt. De vraag of we op weg zijn naar volledige tewerkstelling dook zelfs al op. Dat is op zijn zachtst gezegd voorbarig.

©Frank Toussaint

Ondanks de fraaie jobcijfers blijft de werkgelegenheidsgraad de beste graadmeter voor de situatie op de arbeidsmarkt. En op dat vlak blijft België zwak scoren. In 2016 werkte in België amper 62,3 procent van de 15- tot 64-jarigen, waarmee we samen met de mediterrane landen achteraan in het Europese peloton bengelen. Bovendien ligt die werkgelegenheidsgraad vandaag maar net boven het niveau van 2008. Er zijn tekenen van beterschap voor 2017, maar de vaststelling dat in België gewoon veel te weinig mensen aan het werk zijn, blijft pijnlijk overeind.

De lage werkgelegenheidsgraad is in België vooral een zaak van specifieke risicogroepen. Van de hooggeschoolde 25- tot 49-jarigen die in België geboren zijn, werkt bijna 93 procent. Veel dichter bij volledige tewerkstelling kan allicht niet. Met dat cijfer behoort België tot de top van Europa. Maar voor ouderen, laaggeschoolden en mensen die geboren zijn buiten Europa liggen de kaarten op de arbeidsmarkt helemaal anders. Van elk van die bevolkingsgroepen werkt in België 20 tot 30 procent minder mensen dan in de Europese toplanden. Van de laaggeschoolde ouderen die buiten Europa geboren werden, werkt in België zelfs maar een op de vijf.

Er is geen enkele reden dat wat in andere landen kan in België niet zou kunnen, behalve dan de redenen die we onszelf opleggen. De belangrijkste oorzaken van de lage werkgelegenheidsgraad van deze risicogroepen schuilen in specifieke beleidskeuzes uit het verleden. Er zijn nog te veel mogelijkheden om ‘gesubsidieerd’ vervroegd te stoppen met werken. Onze loonvorming prijst zowel ouderen als laaggeschoolden uit de arbeidsmarkt. De zware belastingdruk op arbeid en het gebrek aan flexibiliteit ondermijnen de jobkansen van werknemers uit de risicogroepen. Die beleidskeuzes kunnen evenwel bijgestuurd worden.

Meer mensen aan het werk krijgen is de beste manier om onze welvaartsstaat betaalbaar te houden. Daarnaast is het ook de manier om de toenemende krapte op de arbeidsmarkt tegen te gaan. En het is een krachtig middel tegen het nog altijd onaanvaardbaar hoge armoederisico in België. ‘Jobs, jobs, jobs’ is dan ook terecht de prioriteit van de regering. Maar dat was ook zo voor de voorgaande regeringen. Deze regering heeft op zijn minst een aantal belangrijke maatregelen genomen, maar ze liet ook heel wat kansen liggen. Vanuit de oppositie kwamen op dat vlak trouwens weinig goede ideeën.

In elk geval is de euforiestemming rond de arbeidsmarkt misplaatst. Op het vlak van de werkgelegenheidsgraad, de arbeidsmarktindicator die er echt toe doet, blijft de vooruitgang vrij mager. Om de arbeidsmarkt echt op niveau te krijgen, is nog heel wat werk aan de winkel.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud