De onmogelijkheid van een regering

De kans om een nieuwe federale regering te vormen rond de as van de N-VA en de PS is nog niet helemaal verkeken. Maar het momentum ebt weg.

N-VA-voorzitter Bart De Wever en PS-voorzitter Paul Magnette hadden gehoopt een volgende stap te kunnen zetten naar een nieuwe regering toen ze vrijdag verslag uitbrachten bij koning Filip. Dat is niet gelukt. Ze gaan nog een week door.

Je kan dat als een positief teken zien: de kans dat ze slagen, bestaat nog. Maar je kan het evengoed als een mislukking zien: de doorbraak is er niet. En het heeft geen zin, daarover zijn de meeste hoofdrolspelers het eens, nog eens eindeloos verlengingen te spelen.

Het illustreert opnieuw hoe moeilijk het is om in België nog een federale regering te vormen. Er zijn te veel obstakels die niet overwonnen kunnen worden. De vertrekbasis was deze keer nochtans goed. Na meer dan een jaar leken de N-VA en de PS, de grootste partij in respectievelijk het noorden en het zuiden van het land, een gemeenschappelijke basis te hebben gevonden om samen hun schouders te zetten onder een federale regering.

Als de budgettaire beperkingen wegvallen, kunnen in een regeerakkoord veel tegenstellingen worden overbrugd.

De coronacrisis heeft daarin een rol gespeeld. Ze heeft duidelijk gemaakt dat we niet kunnen blijven aanmodderen met een minderheidsregering die geconfronteerd wordt met een nooit geziene gezondheids- en economische crisis.

En ze heeft ertoe geleid dat Europa het budgettaire keurslijf heeft losgeknoopt waarin het ons land had gestoken. In zijn jongste aanbevelingen zet Europa België ertoe aan ‘alle noodzakelijke maatregelen te nemen om de coronapandemie te bestrijden, de economie te onderstutten en het economisch herstel vervolgens te ondersteunen’. Als de budgettaire beperkingen wegvallen, kunnen in een regeerakkoord veel tegenstellingen worden overbrugd.

De N-VA en de PS hebben samen geen meerderheid. Ze moeten andere partijen aan boord hijsen. Die hebben ook hun verlanglijstjes. Hoe meer partijen mee scheep gaan, hoe lastiger het wordt. Want dan worden heel wat potentiële conflicten in de nieuwe regeringsploeg ingeplant. Op nog eens een kibbelkabinet zit niemand te wachten.

Hoe minder zielen, hoe meer vreugde. De N-VA, en ook een beetje de PS, willen de Franstalige liberalen van de MR het liefst niet mee aan boord. Die partij is gekant tegen een verdere regionalisering van sommige federale bevoegdheden, een van bouwstenen waarop de entente tussen de N-VA en de PS rust.

Struikelblok

De PS van haar kant houdt Open VLD liever buiten, omdat ze de Vlaamse liberale partij als een struikelblok ziet voor het linksere sociaal-economisch beleid dat de nieuwe ploeg wil voeren, een andere bouwsteen van de entente.

Voor de N-VA en de PS is het moeilijk Open VLD of de MR eraf te rijden. Die hebben zich aan elkaar vastgeklonken. Dat is hun verzekering.

Het zit dus weer - of nog altijd- behoorlijk vast. Wie wil buigen? Als iedereen op zijn standpunten blijft kamperen, draait ook deze poging om een federale regering te vormen op niets uit.

Dan maar nieuwe federale verkiezingen? Dat willen de meeste partijen ook niet, en er is geen enkele waarborg dat het dan wel lukt. Is de onvermijdelijke vaststelling dan niet dat het in België onmogelijk is nog een federale regering te vormen? En met die vaststelling schieten we ook niets op.

Lees verder

Gesponsorde inhoud