Stefaan Michielsen

Besparen op investeringen, zoals de overheid doet op verkeersinfrastructuur, is de gemakkelijke weg. Maar vroeg of laat wreekt zich dat.

Het drama in Genua, waar een in elkaar geklapte autowegbrug tientallen levens eiste, doet de vraag rijzen of zoiets ook hier kan voorvallen. Vlaanderen telt 30 ‘probleembruggen’ die onder verhoogd toezicht staan, blijkt uit rapporten van het Agentschap Wegen en Verkeer. ‘Geen enkele daarvan verkeert in een verkeersonveilige staat’, klinkt het. Durven zij die dat stellen daarvoor hun hand in het vuur te steken? Een brug die instort, het is in Vlaanderen ook al gebeurd. Niet te vaak gelukkig. En zonder veel slachtoffers.

Wie met de wagen rijdt, kan het bijna dagelijks vaststellen: een groot deel van de verkeersinfrastructuur in ons land is in slechte staat. Er zitten veel putten in de Vlaamse wegen. De situatie is niet beter in Wallonië en in Brussel, met zijn tunnels waar de brokstukken uit het plafond vallen. Ziehier het resultaat van jarenlange verwaarlozing en onderinvesteringen. Een groot deel van onze verkeersinfrastructuur dateert uit de jaren 60 of 70 van de vorige eeuw of is ouder, en is dringend aan een grondige renovatie toe.

Kom niet aandraven met het argument dat de overheid te weinig financiële middelen heeft. Jaarlijks roomt ze de helft af van wat burgers en bedrijven in dit land verdienen en eigent ze zich zo ruim 200 miljard euro toe.

Slechte leerling

Kom niet aandraven met het argument dat de overheid te weinig financiële middelen heeft. Jaarlijks roomt ze de helft af van wat burgers en bedrijven in dit land verdienen en eigent ze zich zo ruim 200 miljard euro toe. Slechts een miniem deel daarvan, 2,5 miljard, gebruikt ze om in infrastructuur te investeren. Andere uitgaven gaan voor.

Inzake infrastructuurinvesteringen is België een van de slechtste leerlingen van de Europese klas. In verhouding tot het bruto binnenlands product zijn de overheidsinvesteringen in België de voorbije decennia gehalveerd. Daar is de hakbijl van de besparingen, nodig om de ontspoorde overheidsfinanciën recht te trekken, het hardst neergekomen.

Een brug die niet op tijd de nodige onderhoudsbeurt krijgt, jammert niet en komt niet betogen in de Wetstraat. Oplappen, dat is bondig samengevat het infrastructuurbeleid van de voorbije jaren.

Een brug die niet op tijd onderhouden wordt, jammert niet en komt niet betogen in de Wetstraat.

De beperkte investeringen die wel gebeuren, volstaan amper om de waardevermindering te compenseren van de activa als gevolg van normale slijtage en veroudering, waarschuwde de Nationale Bank twee jaar geleden in haar jaarverslag. Vroeg of laat komen daar ongelukken van. Vlaanderen heeft dan nog het voordeel dat het een vlak land is zonder veel grote rivieren. Het moet dus niet investeren in geweldig grote viaducten om dalen en rivieren te overspannen.

Kortzichtige gemakkelijkheidsoplossing

Besparen op infrastructuurinvesteringen is een kortzichtige gemakkelijkheidsoplossing. Interessante economische baten op langere termijn worden opgegeven. Als de overheid elk jaar 2 miljard extra investeert in infrastructuur geeft dat de economische groei een extra duwtje van 0,26 procentpunt, berekende het Planbureau vorig jaar.

Waarom gebeurt dat dan niet? Omdat andere uitgaven dan geschrapt moeten worden. Politici geven echter liever geld uit aan lekkers om de kiezers en belangengroepen te behagen. De investeringen in basisinfrastructuur moeten daarvoor wijken.

Moeilijke keuzes maken is echter iets waarmee politici het lastig hebben.

De overheid moet keuzes maken voor de lange termijn, ook al moet daarvoor elders worden bespaard. Ze moet haar prioriteiten herschikken, ook binnen het budget voor infrastructuurinvesteringen. Door miljarden uit te trekken voor de overkapping van de Antwerpse ring bijvoorbeeld moeten andere dringende en noodzakelijke investeringen misschien wachten. Moeilijke keuzes maken is echter iets waarmee politici het lastig hebben.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content