Een Wall Street-spreuk zegt dat beleggers een muur van zorgen beklimmen. Alleen begint na de verdrievoudiging van de Dow sinds 2009 de muur op de Eiger-noordwand te lijken.

Het is een mooie ironie. Uitgerekend Boeing, het eerste bedrijf dat door de vers verkozen Amerikaans president Donald Trump in 140 tekens de levieten werd gelezen voor zijn dure Air Force One, tekende gisteren voor de bekroning van de Trump-rally. Met sterke kwartaalresultaten en een recordkoers joeg het invloedrijke Dow Jones-bedrijf de 120-jarige beursbarometer voor het eerst boven 20.000 punten.

Sinds Trump op 8 november tot Amerikaans president werd verkozen, stelde de Dow 18 keer het record scherper en won Wall Street 9 procent. Voor wie vooral oog heeft voor de dagelijkse stroom doemberichten die elke tweet van @realdonaldtrump in de handenwringende westerse media ontketent, is die rally best verrassend. Maar eigenlijk is die dat niet.

Beleggers zijn doorgewinterde cynici. Ze focussen in de eerste plaats op wat president Trump hen op korte termijn kan opleveren. Dat is op het eerste gezicht best veel. Een slordige 1.000 miljard dollar stimulus om Amerika’s letterlijk krakende infrastructuur op te lappen.

Lees: dikke orderboekjes voor Caterpillar & co. Een minder strenge regelgeving, de financiële sector op kop (Goldman Sachs is niet toevallig veruit de best scorende Dow-component sinds 8 november).

Beleggers zijn doorgewinterde cynici die inzoomen op wat president Trump hen op korte termijn kan opleveren. En dat is best veel.

Maar vooral: een forse verlaging van de vennootschapsbelasting, zodat netto meer winst overblijft om naar de aandeelhouders te laten vloeien. Vergeet ook niet dat de Dow de verzameling is van het kruim van het Amerikaanse bedrijfsleven.

Bedrijven die munt slaan uit een economie die zelfs nog voor Trump zijn stimulus door het Congres kan jagen al min of meer op volle toeren draait. Wie denkt dat de Amerikaanse centraal bankiers dat feestje gaan verstoren door sneller dan verwacht de rente te verhogen, ijlt. De tijd dat een centrale bank het - naar de memorabele quote van Fed-voorzitter William McChesney Martin in de jaren 50 - als haar taak beschouwde de prik weg te nemen net als het feestje leuk begint te worden, ligt ver achter ons.

Betekent dat dat we happy ever after zijn? Verre van. Ook al luidt een Wall Street-gezegde dat beleggers een muur van zorgen beklimmen, je kunt er niet omheen dat geopolitiek die zorgen stilaan de proporties van de Eiger-noordwand aannemen. Kan een ongeleid projectiel als Trump een handelsoorlog met China vermijden? En nu diezelfde Chinezen niet langer aan de koperszijde staan, hoe lang kan Washington zijn schuldenberg van 20.000 miljard dollar tegen bodemrentes blijven herfinancieren?

Bovendien kun je Wall Street niet bepaald meer een koopje noemen. Na bijna acht jaar hausse is de Dow sinds het dieptepunt van maart 2009 verdrievoudigd. Gemiddeld noteert een Dow-aandeel tegen bijna 19 keer de winst over 2016. En tegen 28 keer de gemiddelde winst van de voorbije tien jaar, doorheen de conjunctuurcyclus dus. Wat hoogtevrees is dus op zijn plaats voor wie nog verder de muur opklimt.

Lees verder

Gesponsorde inhoud