Redacteur Politiek

Nederland voegt zich bij de rij landen die de middenvinger opsteken naar de Europese Unie. Maar wat het alternatief is, blijft een raadsel.

Een opstand. Zo kan je het ondertussen noemen. De Britten stemmen voor de zomer of ze nog bij de EU willen blijven. De Polen contesteren de EU-grondregels over de rechtsstaat

Hongarije, Polen, Tsjechië en Slovakijke weigeren mee te werken aan het EU-plan om vluchtelingen op te vangen. In Zuid-Europa sluimert nog steeds het verzet tegen de spelregels van de euro. In het hart van Europa verlamt Marine Le Pen de Franse president Hollande en steekt nu ook de Nederlandse bevolking de middenvinger op tegen de ‘Europese superstaat’.

Wie denkt dat de Europese Unie een superstaat is, vergist zich. Het is een internationaal samenwerkingsverband dat nog altijd niet heeft uitgemaakt wat het is.

De Europese Unie is geen superstaat. Het is een internationaal samenwerkingsverband dat nog altijd niet heeft uitgemaakt wat het is.

Ergens is het een federatie, waarbij alle Europese burgers hun vertegenwoordigers in het Europees Parlement verkiezen. Tegelijk blijft het ook een statenverbond, waarbij iedere regering op de Europese top – of zoals nu in nationale referenda – vaak vetorecht heeft. En tegelijk heeft Europa iets weg van een technocratie, waarbij de Commissie in Brussel de richting aangeeft en de correcte naleving van de Europese verdragen bewaakt, vaak tegen de wil van een EU-land in.

Het gevolg is dat de Europese Unie haar beslissingen via complexe wegen neemt, die bovendien traag worden bewandeld. En dat er zo misschien niet zozeer te weinig democratie is in de EU, maar te veel. De groep Nederlanders die gisteren tegen het verdrag met Oekraïne stemde, vertegenwoordigt minder dan een half procent van de Europese bevolking. Maar hun beslissing verhoogt wel de spanning met Oekraine, waar het verdrag een oorlog veroorzaakte die duizenden slachtoffers maakte.

Kan de besluitvorming anders en beter? Wellicht. Maar tegelijk moeten we ons geen illusies maken. Ook andere democratische regels zullen de opstand in grote delen van Europa niet oplossen. Een regio van 500 miljoen mensen democratisch besturen zal altijd complex blijven en traag lopen.

Eén blik op de vluchtelingenstroom, de Panama Papers of de klimaatopwarming leren dat geen enkel land groot genoeg is om de problemen van deze tijden alleen op te lossen.

De vraag wordt dus wat het alternatief is van al wie nu de middenvinger opsteekt naar de EU? Grenzen sluiten en alles opnieuw in eigen land organiseren? Dat is utopisch. Eén blik op de vluchtelingenstroom, de Panama Papers of de klimaatopwarming leert dat geen enkel land groot genoeg is om de problemen van deze tijden alleen op te lossen. Samenwerking is nodig.

Dus moet worden gepraat, moeten internationale deals en compromissen worden gemaakt, en zal niet iedereen met alles even blij zijn. Wellicht had de Britse historicus Tony Judt daarom gelijk toen hij in zijn meesterwerk 'Postwar' de verdiensten van de Europese Unie beschreef. Hij loofde de EU, niet omdat ze een ideaal model weerspiegelt, of inhoudelijk beter werkt dan andere vormen van internationale samenwerking. Wel omdat in de wereld waarin we vandaag leven, niets anders zal werken.

Ondanks de middenvinger, is er geen radicaal alternatief voor de EU.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud