Stefaan Michielsen

Pompen om het pensioensysteem drijvende te houden, dat is wat de regering-Michel doet. Met allerlei kleine maatregelen. Aan een grondige en globale pensioenhervorming durft ze zich niet te wagen.

Om de vergrijzingsfactuur binnen de perken te houden zouden de Belgen langer moeten werken. Dat is bekend. Maar het is een boodschap die weinig landgenoten graag horen. Dus moet dat op een andere manier worden georganiseerd.

De regering overweegt bijvoorbeeld de toegang tot het vervroegd pensioen af te remmen door periodes van werkloosheid minder snel als volledige loopbaanjaren te erkennen. Het is geen drastische maatregel en hij wordt niet met terugwerkende kracht toegepast. Maar het betekent wel dat een aantal mensen minder vlug met vervroegd pensioen kan en wat langer aan de slag moet blijven.

Je kan er donder op zeggen dat de maatregel veel protest zal uitlokken. Zo gaat dat als een gunst wordt teruggeschroefd. De oppositiepartijen en de vakbonden zullen fel tekeergaan. Maar de maatregel is perfect verdedigbaar: hij herstelt de logica van het systeem en raakt niet aan de fundamentele pensioenrechten. Net zoals het voorstel - dat nog in de weegschaal ligt - om een einde te maken aan de voordelige berekening van het pensioenbedrag voor werkloze vijftigplussers.

Dergelijke kleine ingrepen kunnen een heel klein beetje besparen op de almaar oplopende pensioenfactuur. Door te snoeien in extra genereuze regimes van sommigen, kan de pensioenuitkering van anderen worden veiliggesteld.

Het komt neer op pompen opdat het pensioenschip niet zou zinken. Het is een geïmproviseerde noodingreep, genomen onder grote budgettaire druk.

De voorbije decennia is verzuimd het pensioensysteem voor te bereiden op de vergrijzingsgolf, ook nadat het tsunami-alarm was afgekondigd.

Het moet zo gebeuren, omdat de beleidsmakers in dit land de voorbije decennia hebben verzuimd het pensioensysteem voor te bereiden op de vergrijzingsgolf, zelfs nadat het tsunami-alarm daarvoor was afgekondigd. Ook nu nog komt de regering niet toe aan een grondige pensioenhervorming, en blijft het bij prutsen in de marge. 

Regeren is vooruitzien. Dat houdt in dat men, als het noodzakelijk is, ook onpopulaire maatregelen moet nemen. Maar weinig politici durven de moeilijke boodschap te brengen uit schrik stemmen te verliezen. Ze blijven om de hete brij heen dansen.

In tal van andere landen hebben regeringen de pensioenleeftijd al gevoelig opgetrokken om die beter af te stemmen op de hogere levensverwachting. In België zijn er politici - onder wie zelfs een voormalige eerste minister - die beloven de schuchtere stappen die op dat vlak al gezet zijn te zullen terugschroeven. En als er een politieke consensus over langer werken is, dan bestaat die alleen omdat afspraken zijn gemaakt over zoveel uitzonderingsregimes dat het langer werken alleen voor enkelingen zal gelden.

De boodschap kan ook op een positieve manier worden gebracht. Door een nieuw pensioencontract voor te stellen waarin de regering zich engageert om de wettelijke pensioenen op te trekken tot een deftiger peil, op voorwaarde dat iedereen die dat kan enkele jaren langer werkt.

Want men moet de burgers niets wijsmaken. Stellen dat de royale uitzonderingsregimes kunnen blijven bestaan, dat langer werken helemaal niet nodig is en bovendien nog eisen dat de pensioenen worden opgetrokken, is alleen mogelijk als onder de Wetstraat een rijke goudader wordt ontdekt. Maar dan moet de regering de geologen wel dringend aan het werk zetten om die te gaan zoeken.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Partner content