Advertentie

Vergeten

©Saskia Vanderstichele

Geen enkel recht is absoluut. Het recht van de ene eindigt waar het recht van de andere begint. Zo moet ook het recht op informatie worden afgewogen tegen het recht op privacy.

Het Europese Hof van Justitie veroorzaakte gisteren opschudding in de internetwereld door te oordelen dat Google soms kan worden verplicht om in zijn zoek­resultaten de koppelingen te schrappen naar informatie die voor bepaalde personen onaangenaam is. Een wereldvreemde beslissing, luidde de kritiek, omdat ze geen rekening houdt met realiteit van het digitale tijdperk. Gevaarlijk ook, omdat ze het recht op informatie op de helling zet.

Het Hof maakt een afweging tussen dat recht op informatie en het recht op vergetelheid. Het is een algemeen aanvaard juridisch principe dat wie ooit een stommiteit heeft begaan

of een klein misdrijf heeft gepleegd, daar niet zijn hele leven door achtervolgd moet worden. Vroeger vervaagden de feiten vanzelf, ze verdween uit het geheugen. Maar het geheugen van het internet is groot en ijzersterk. Zoekmachines als Google delven mediaberichten over stommiteiten en kleine misdaden voortdurend weer op. Dat maakt de vraag naar het recht op vergetelheid acuut.

Maar er bestaat ook een recht op informatie over zaken van algemeen belang. Door het internet en de digitalisering is informatie veel ruimer beschikbaar en makelijker toegankelijk. Dat zet het conflict tussen het recht op informatie en het recht op vergetelheid op scherp. Geen van de twee rechten is absoluut. Maar wanneer heeft het ene voorrang op het andere? Dat is een delicate kwestie. Het gaat te ver om het recht op vergetelheid zomaar opzij te schuiven, omdat de technologie is geëvolueerd. Maar het gaat evenmin op het recht op vergetelheid aan te grijpen om het recht op informatie al te sterk aan banden te leggen.

Een eenvoudige oplossing om beide rechten te verzoenen, is er niet. Het kan niet de bedoeling zijn dat stukken uit digitale archieven worden verwijderd, dat de geschiedenis wordt herschreven of dat censuur wordt ingevoerd. Maar dat de toegang tot digitale archieven in sommige gevallen moeilijker wordt gemaakt, oké. Gaat het om correcte informatie, of om pertinent verkeerde? Betreft het ernstige of minder ernstige feiten? Is de betrokkene een publiek figuur? Is het onderwerp van maatschappelijk belang of niet? Het zijn allemaal elementen die in overweging genomen moeten worden, en elk geval moet afzonderlijk worden beoordeeld.

Betrokkenen kloppen in eerste instantie het best aan bij internetbedrijven als Google, of bij mediahuizen die digitale nieuwsarchieven bijhouden. In België hebben de uitgevers daarover afspraken gemaakt met de Privacycommissie. Krijgen de betrokkenen daar geen gehoor, dan kunnen ze proberen verhaal te halen bij de Privacycommissie. De volgende stap is de rechtbank. Dat is wat het Europese Hof van Justitie zegt, en dat is redelijk. Op die manier moet het mogelijk zijn een aanvaardbaar evenwicht te vinden tussen het recht op informatie en het recht op vergetelheid. Een stringente wet­geving ter zake hebben we daar niet voor nodig.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud