Afkicken van subsidieverslaving

Senior writer

Vlaanderen moet afkicken van de subsidieverslaving waaraan de beleidsmakers en heel wat organisaties, verenigingen, bedrijven en een aantal particulieren lijden.

Vlaams minister voor Economie Hilde Crevits (CD&V) schrapt de subsidies voor onder meer de opleidingen kaartleggen en bachbloesemtherapie. Eindelijk wordt gewied in het subsidiebos, denk je dan. Maar kijk, even later trekt haar collega Ben Weyts (N-VA) 1,2 miljoen euro uit ‘voor de structurele ondersteuning van de dierenasielen’. Vlaanderen blijft ziek in het subsidiebedje. Doodziek.

Met enkele voorzichtige initiatieven probeert de Vlaamse regering te vermijden dat de subsidiestromen helemaal buiten de oevers treden. Minister van Financiën en Begroting Matthias Diependaele (N-VA) wil dat elke subsidie minstens een keer in de vijf jaar wordt herbekeken.

Hoezo, gebeurde dat dan nog niet? Het zou een jaarlijkse, strenge oefening moeten zijn. Het initiatief van de Vlaamse regering is misschien een eerste stap in de goede richting, maar een te kleine. Hij zal er niet toe leiden dat de subsidiestroom van 13 miljard euro voor een belangrijk deel wordt drooggelegd.

Subsidies worden verdedigd met het argument dat de Vlaamse overheid over weinig fiscale hefbomen beschikt en er daarom op aangewezen is om beleid te kunnen voeren. Dat argument is aanvaardbaar, maar het rechtvaardigt de wildgroei niet. De overheid moet dat instrument veel selectiever inzetten.

Het geld dat uit de subsidiekranen loopt, komt van belastingen die worden geheven op gezinnen en bedrijven en verklaart mee de verstikkende belastingdruk. Draai de subsidiekraan toe en ze houden meer middelen over die ze zelf kunnen besteden.

Het is bovendien een weinig transparante manier van herverdeling: wie het luidst klaagt, het best lobbyt of de dingen het slimst uitkient, kan het meest uit de subsidiepotten graaien. Die manier van werken leidt er automatisch toe dat het overheidsgeld niet op de meest efficiënte manier wordt besteed.

Om de subsidiekranen te bedienen is een heel overheidsapparaat nodig, gaande van adviesgroepen tot ambtenaren die de uitgebreide papierwinkel moeten beheren. Met het voorstel van Diependaele krijgt - o ironie - het subsidieapparaat er nog een laagje bovenop, ‘want er zullen extra controleurs nodig zijn’, luidt het.

Subsidies doden de marktdynamiek, bevestigen in de praktijk het status quo en remmen de creatieve vernieuwing af.

Subsidies uitdelen gaat lekker, ze later weer afschaffen is moeilijk. Dat in Vlaanderen bedrijven, verenigingen, organisaties en heel wat mensen afhankelijk zijn van of zelfs verslaafd aan overheidssubsidies is ongezond. Het maakt ze voor een stuk vadsig en vermindert hun drang om inventief te zijn. Subsidies doden de marktdynamiek, bevestigen in de praktijk het status quo en remmen de creatieve vernieuwing af.

Er zou fors het mes gezet moeten worden in de subsidies. Maar dat zal niet gebeuren. De politieke beleidsmakers vinden het geweldig geld te kunnen uitdelen en daarmee goodwill te kopen bij belangengroepen en hun achterban. Wie de centen ontvangt - en dat zijn er intussen velen - vindt het prima zo. Net als de mensen die met de subsidiebusiness hun kost verdienen, in de overheid en in de privésector. Het is een duur en ondoelmatig systeem. Maar het is een moeras waar we heel moeilijk uitraken.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud