Alleen maar verliezers

Het overleg over een verdere liberalisering van de wereldhandel zit in het slop. De situatie is zo uitzichtloos dat Pascal Lamy, de directeur-generaal van de Wereldhandelsorganisatie (WHO), de onderhandelingen gisteren voor onbepaalde tijd opschortte.

De meeste onderhandelaars wezen met een beschuldigende vinger naar de VS. Ze verwijten Washington niet bereid te zijn zijn landbouwsubsidies gevoelig af te bouwen. Maar de VS schoven de zwartepiet door naar de Europese Unie.

Of het vrijhandelsoverleg definitief mislukt is, blijft voorlopig onduidelijk. Lamy sprak gisteren de hoop uit dat de onderhandelingen 'na een reflectieperiode' kunnen worden hervat. En met hem vermoedelijk heimelijk het leeuwendeel van de 149 WHO-leden. Want zij hebben allemaal baat bij een succesvolle afronding van het vrijhandelsoverleg.

De afgelopen vierenhalf jaar haalden alle betrokken partijen wel iets binnen. De ontwikkelingslanden kregen de toezegging dat Europa in 2013 een einde maakt aan zijn omstreden uitvoersubsidies voor landbouwproducten. Grote landbouwlanden als Brazilië en Australië hebben uitzicht op betere afzetmogelijkheden op de vooralsnog erg beschermde Europese markt. En de VS en de EU hebben het vooruitzicht hun goederen en diensten gemakkelijker te kunnen afzetten op de groeiende Braziliaanse, Indiase en Chinese markt. Als een definitief akkoord uitblijft, dreigen al die verworvenheden verloren te gaan.

Een verdere liberalisering van de wereldhandel heeft ook een belangrijke economische en sociale impact. Volgens berekeningen van de Wereldbank levert de maatregel zeker 287 miljard dollar (227,18 miljoen euro) op, waardoor 66 miljoen mensen uit de armoede zouden geraken. Het Europese commissielid voor Handel, Peter Mandelson, maakt zich sterk dat de wereldeconomie jaarlijks een injectie van 100 miljard euro zou krijgen.

Een mislukking van het vrijhandelsoverleg leidt onvermijdelijk ook tot een opstoot in bilaterale en regionale handelsakkoorden. Dat is vooral slecht nieuws voor de ontwikkelingslanden. Tijdens de onderhandelingen in WHO-verband vormden zij de voorbije jaren één front en konden zo toegevingen van de rijke landen afdwingen. Maar tijdens bilateraal of regionaal overleg zijn zij de zwakke partner en komen zij gegarandeerd als de verliezer uit de strijd.

Ten slotte zou een mislukking van het vrijhandelsoverleg ook slecht nieuws zijn voor het bedrijfsleven. Als de rompslomp in het internationale handelsverkeer zou wegvallen, zouden zij miljarden kunnen besparen op bijvoorbeeld administratieve kosten. Bovendien hebben bilaterale en regionale akkoorden het nadeel dat ze elk hun eigen regels hebben, wat de handel met het buitenland er zeker niet overzichtelijker op maakt.

Achter de schermen wordt de komende weken vanuit alle hoeken dan ook ongetwijfeld hard gelobbyd om een totale mislukking te voorkomen.

Lieve DIERCKX

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud