Advertentie

Alweer een reprimande

©Sofie Van Hoof

Waarom blijven dossiers van grote belastingfraude in ons land zo vaak onbestraft? Over die vraag heeft een parlementaire onderzoekscommissie zich een jaar lang gebogen. Haar rapport is in de maak. De commissie zal de vinger leggen op een aantal disfuncties bij de belastingdiensten en bij het gerecht. Maar het staat vast dat ze ook een flinke reprimande zal geven aan de banken.

Alweer de banken? Ze worden door de politici al te gemakkelijk als zondebok uitgekozen. Maar men kan niet om de vaststelling heen dat grootscheepse fiscale fraude vaak niet mogelijk is zonder de medeplichtigheid of de impliciete medewerking van de banken. Ze nemen soms zelf de toevlucht tot betwiste fiscale technieken, zoals in het dossier van forfaitaire buitenlandse belastingen. Of ze raden hun klanten het gebruik van dubieuze constructies aan, zoals in de fraude met kasgeldvennootschappen.

Fiscale fraude werd in ons land lang niet gezien als een zwaar misdrijf, maar als een geoorloofd middel om de zware belastingdruk te verlichten. Wie tegen de lamp liep had pech, maar werd niet als een misdadiger beschouwd. Banken boden hun klanten graag fiscale vluchtwegen aan. Ze vormden samen front tegen de inhalige fiscus. De flinterdunne grens tussen belastingontwijking en belastingontduiking werd daarbij geregeld overschreden.

De jongste jaren is de mentaliteit veranderd. Het bewustzijn is gegroeid dat belastingfraude diefstal is tegenover de gemeenschap. Het volstaat niet de letter van de wet na te leven, het is de geest ervan die moet worden gerespecteerd.

Ook de banken hebben zich aan die nieuwe realiteit aangepast, zij het schoorvoetend. Het is niet correct hen als grote belastingfraudeurs af te schilderen. De meeste fraudezaken die de parlementaire commissie heeft onderzocht, dateren van jaren geleden. Als gevolg van ophefmakende dossiers en strafvervolgingen, zijn de bankiers  heel wat voorzichtiger geworden.

Toch worden ze nog af en toe op medewerking aan belastingfraude betrapt. Soms bewust, vaak uit onvoorzichtigheid of omdat ze hun klanten niet voor het hoofd durven te stoten, uit vrees dat die naar een concurrent zouden overstappen.

In de strijd tegen de fiscale fraude rekent de overheid voor een stuk op de medewerking van de banken. Maar die hebben het daar moeilijk mee. Ze weigeren klanten te verraden die hun belastingplichten niet correct naleven en verschuilen zich daarvoor achter hun discretieplicht. Niet de banken, maar de burgers en bedrijven zijn zelf verantwoordelijk voor het naleven van de belastingwetten, zeggen ze.

Die uitleg is echter te gemakkelijk. De banken, zonder wie fraude heel wat moeilijker is, hebben in deze een opvoedende rol te spelen. Ze moeten hun klanten geen fiscale spitstechnologie aanraden, ze moeten die integendeel afraden. Door hun sleutelrol in de economie zijn banken bijzondere ondernemingen. Daarom hebben ze recht op overheidssteun als ze in de problemen komen. Maar daarom hebben ze ook een bijzondere verantwoordelijkheid.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud