<B>Commentaar:</B> Verhuizing auto-industrie dreigt

De Amerikaanse autobouwer General Motors maakte gisteren bekend dat er 12.000 jobs sneuvelen in de fabrieken van zijn Europese dochters Opel en Saab. Dat is een vijfde van de Europese GM-jobs.

De West-Europese automarkt is al enkele jaren zwak, en lijkt verzadigd. In dat klimaat van zware prijsdruk verliezen Opel en Saab marktaandeel. GM verloor de voorbije vier jaar liefst 2,4 miljard euro in Europa.

De Amerikaanse groep legt zich er nu bij neer dat het niet snel weer beter wordt, en snoeit fors in de capaciteit van haar West-Europese fabrieken. De minst efficiënte vestigingen die de slechtstverkopende modellen bouwen, hebben pech. Voor hen dreigt een sluiting.

Dat geldt niet voor de Antwerpse Opel-fabriek. De Opel Astra die er van de band rolt, is het bestverkopende model van Opel. De fabriek van Antwerpen is bovendien een van de meest efficiënte autofabrieken van Europa. Die titel heeft ze te danken aan een reeks ingrijpende saneringen, waarbij de voorbije jaren al 900 jobs verdwenen.

En toch. Ondanks dat alles verdwijnen er ook nu in Antwerpen nog eens 300 jobs. Dat betekent dat er in de Belgische Opel-fabriek voortaan 20.000 auto's per jaar minder gebouwd zullen worden.

Soms is het dus blijkbaar niet genoeg de meest efficiënte fabriek te zijn. Het is zelfs niet genoeg het bestverkopende automodel te bouwen. Als de automarkt niet goed draait, zijn de fabrieken daar het slachtoffer van.

Uiteindelijk beslist de autokoper over de toestand van de Belgische auto-industrie. Bij een zwakke economie en een hoge olieprijs worden altijd minder auto's verkocht.

De geschiedenis van de autoverkopen toont weliswaar dat het ook weer beter kan gaan. Maar of de Belgische industrie daar nog van meeprofiteert, is lang niet zeker. De vraag is immers of de constructeurs, als ze weer extra capaciteit opbouwen, dat nog in België zullen doen.

Meer dan ooit dreigt bij saneringen van het type Ford Genk of Opel Antwerpen het zwaartepunt van de auto-industrie te verschuiven naar Oost-Europa. Daar zijn de loonkosten lager, en is de automarkt nog in volle groei.

Als alle aangekondigde investeringen van autofabrikanten in Slovakije doorgaan, halen de Slovaken in 2007 de Belgen in als grootste Europese autobouwers per aantal inwoners. Ook in landen als Polen en Tsjechië groeit de auto-industrie. De constructeurs die vandaag in België fabrieken hebben, hebben stuk voor stuk recente, flexibele en goedkoop werkende fabrieken in Oost-Europa.

Die verhuizingstrend van de autoassemblage omkeren wordt bijna onmogelijk. Het heeft ook geen zin grote politieke uitspraken of beloftes te doen aan de poorten van een fabriek waar de sanering al beslist is. Verankeren wat er nog overblijft aan autoindustrie is vandaag de enige optie.

Jeroen Lissens

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud