<B>Commentaar over ontslag Colin Powell:</B>Van duif naar havik?

De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Colin Powell, neemt ontslag uit de regering-Bush. Het ontslag komt niet onverwacht, Powell had eerder al aangegeven dat hij slechts één termijn zou dienen onder George W. Bush.

De Amerikaanse president voerde een strikt unilateraal buitenlandse beleid, daarbij vooral steunend op haviken als vice-president Dick Cheney en minister van Defensie, Donald Rumsfeld. Samen met veiligheidsadviseur Condoleezza Rice bepaalden ze de buitenlandse agenda voor Bush. De rol van Powell was uiteindelijk zeer beperkt.

In de oorlogszuchtige kliek rond Bush was Powell een buitenbeentje en al snel kreeg de gewezen viersterrengeneraal het etiket 'duif' opgekleefd. Dat is wat overdreven. Powell wilde zoveel mogelijk internationale steun voor de Amerikaanse zaak, maar het bleef wel de Amerikaanse zaak. Hij was ook niet tegen het oorlogvoeren, maar als generaal wilde hij wel verzekerd zijn dat de eigen manschappen optimaal beschermd waren. In tegenstelling tot de oorlogskliek getuigde Powell daarom van meer realisme en minder ideologische bevlogenheid. Wellicht was hij een betere minister van Defensie geweest, maar dat werd hem niet gegund.

De grote vraag is: wie komt er na Powell ? Volgens Republikeinse bronnen maakt Condoleezza Rice de meeste kans, hoewel er ook nog andere namen circuleren. Rice is een harde tante. Ze heeft een koele en efficiënte stijl en komt daarom beter over dan pakweg Cheney of Rumsfeld. Maar ideologisch staat ze veel dichter bij de vice-president en de baas van het Pentagon dan Powell.

Met Rice of een andere havik aan het roer op Buitenlandse Zaken is de relatie met Europa meteen gehypothekeerd. President Bush beloofde na zijn verkiezingsoverwinning dat de oude vetes zouden worden opgeruimd en dat er weer ruimte was voor een transatlantische dialoog. De aankondiging dat Bush in februari naar de EU en de Navo komt leek zelfs deze intentie te versterken.

Dat valt dus te bezien. Als een havik Buitenlandse Zaken gaat leiden, dan dalen de kansen meteen een heel stuk, nog voor Bush in Europa is geweest. Iedere Amerikaanse president dient slechts een belang, namelijk dat van zijn land. Maar in stijl en aanpak zijn er grote verschillen.

De lakmoesproef van het Amerikaanse buitenlands beleid begint bij de aanstelling van de opvolger van Powell. Het wordt een moeilijke taak als Bush daadwerkelijk een grotere samenwerking met Europa nastreeft, want er moet heel wat wantrouwen overbrugd worden.

Maar als Bush de eenheid van zijn kabinet wil versterken en straal op de ingeslagen weg wil doorgaan, dan kan een havik als opvolger van Powell de eenheid in het kabinet eerder versterken dan verzwakken. In dat geval is het ook meteen duidelijk dat de volgende volgende vier jaar even conflictueel en moeizaam zullen verlopen als de eerste vier jaar onder Bush.

Jean Vanempten

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud