<B>Pigment:</B> Blakend van vertrouwen

(tijd) - Samen met de Scandinaviërs blijken Belgen nog het meest vertrouwen te hebben in gezaghebbende beroepsgroepen: de clerus, de journalisten, de dokters, de advocaten, de bedrijfsleiders en de politici. Maar België valt nog op in de internationale studie die het onderzoeksbureau GfK vandaag publiceert: bedrijfsleiders hebben nog stevig wat krediet, de clerus boezemt geen vertrouwen meer in en journalisten volgen net na de dokters, die traditioneel het best scoren.

In tijden van economische crisis wordt vertrouwensonderzoek zo mogelijk met nog meer ijver gevolgd dan wanneer het de wereld voor de wind gaat. Over de mate waarin mensen geloof en waarde hechten aan de grote instituten in onze maatschappij is al heel wat inkt gevloeid. Wie er internationaal onderzoek op naslaat, komt al snel tot de vaststelling dat Belgen zich doorgaans situeren in de grijze middenmoot: geen gekkigheden, geen extremen, we blijven braafjes rond het gemiddelde. Niet zo in het onderzoek dat het Duitse studiebureau GfK onlangs voerde naar het vertrouwen van mensen in zes beroepsgroepen die door hun macht en gezag, kennis en kunde doorgaans hoog aangeschreven staan: advocaten, dokters, priesters, topmanagers, politici en journalisten. In het onderzoek werden van half september tot eind oktober in 20 Europese landen en de Verenigde Staten 22.000 mensen ondervraagd. De resultaten zijn representatief voor elk land en geven de mate aan waarin geïnterviewden 'weinig tot veel vertrouwen', en 'weinig tot veel wantrouwen' hebben in de beroepsgroep.

'In deze studie nestelen de Belgen zich voor een keertje niet in het centrum', stelt Marc Hofmans, algemeen directeur van GfK Ad Hoc Research Worldwide. 'Ze vallen op in de hele studie doordat hun graad van vertrouwen gemiddeld tien procent hoger ligt dan het Europese gemiddelde. Alleen de Scandinaviërs, die hier altijd al hoog scoren, doen het nog beter.'

Maar België valt ook op andere punten uit de toon. Zo lijken ze niet bereid om de geestelijken al te veel vertrouwen te geven. Wereldwijd scoort de clerus nochtans vrij hoog, ook al volgt deze categorie een stevig stuk na de dokters. Deze laatsten zijn de absolute koplopers, iets wat eigenlijk al lange tijd in de hele wereld zo is. In de GfK-studie kunnen dokters rekenen op een matig tot groot vertrouwen bij 85 procent van de ondervraagden in West-Europa. In België wordt dat zelfs 91 procent. Daartegenover scoort de geestelijkheid 60 procent in West-Europa en zelfs 72 procent in de VS, terwijl de Kerk in de Belgische rangschikking van de onderzochte beroepsgroepen van een tweede plaats naar een vierde plaats sukkelt, na de journalisten en de advocaten. '44 procent is laag', vindt ook Hofmans. 'Maar nog lager gaat de score in andere katholieke landen, zoals Italië en Spanje. Dat doet vermoeden dat de negatieve beeldvorming in de media rond de paus en zijn nogal controversiële standpunten rond abortus, condoomgebruik en vrouwen de katholieke strekking van het christendom geen goed heeft gedaan. In protestantse en orthodox-christelijke landen is de teneur lang niet zo slecht.'

Ook de journalisten doen het in het in de wereldwijde GfK-studie niet zo best. Uit eerder onderzoek van de VUB-sociologen Mark Elchardus en Wendy Smits is gebleken dat de media het er in België niet goed vanaf brengen in een vertrouwensindex. En toch toont de GfK-studie ook hier weer een opvallende afwijking voor België. In West-Europa scoren journalisten maar 36 procent, terwijl ze in België op de tweede plaats afklokken met een score van 56 procent, net na de dokters en samen met de advocaten. Heel slecht scoren hier dan weer de landen die kampen met de kwalijke reputatie van paparazzi en schandaalpers. 'Italië en Groot-Brittannië liggen hier voor de hand', weet Hofmans. 'Maar ook Zweden doet het niet goed, vermoedelijk ingevolge de nogal onkiese verslaggeving rond de moord op minister van Buitenlandse Zaken Anna Lindh. In België valt het al bij al nogal mee met de boulevardpers. En het zijn precies die bladen die de kwaliteitskranten meesleuren in het gebrek aan vertrouwen. In België blijven die duidelijk overeind en bepalen ze het algemene vertrouwen in de pers.'

Bedrijfsleiders scoren wereldwijd bar slecht, nieuws waarmee de Wall Street Journal Europe gisteren al uitpakte. Ze kunnen slechts 33 procent van de ondervraagden overtuigen. Oorzaken voor de vertrouwenscrisis zijn ongetwijfeld de schandalen rond grote multinationals als Enron en Worldcom in de VS, Ahold in Nederland, Elf in Frankrijk en nog vele andere. Ook Duitse managers scoren laag, maar dat zou dan weer te maken kunnen hebben met de sterke recessie waarmee Duitsland de voorbije maanden kampt. 'Wanneer het economisch slecht gaat en er massale ontslagen vallen, worden ondernemers daar samen met de overheid verantwoordelijk voor gesteld.'

Maar ook op dit punt vormt België een uitzondering: een score van 44 procent mag dan al niet bijster goed zijn, wanneer Vlaanderen eruit wordt gelicht, dan wordt dat plots 56 procent. Op enkele Scandinavische landen - Denemarken haalt bijvoorbeeld 64 procent - na staat Vlaanderen hiermee aan de top. Volgens Hofmans is dat te verklaren doordat vooral Vlaanderen een uitgesproken KMO-regio is. 'Ons economisch weefsel bestaat vooral uit kleine bedrijven die al bij al goed presteren en niet besmet worden door de negatieve beeldvorming rond de multinationals. Zelfs niet als die, zoals Ford in België, plots negatieve beslissingen nemen.'

Het laagst van al scoren echter de politici. Wereldwijd heeft maar 16 procent van de mensen enig vertrouwen in deze beroepsgroep. Voor België is het nog 24 procent, maar het blijft een lage score, die bevestigd wordt door het VUB-onderzoek van Mark Echardus en Wendy Smits. 'Instellingen die als doelstelling hebben Belgen representatief te vertegenwoordigen, zoals het parlement, de regering, het gerecht, kunnen in België op het minste vertrouwen rekenen', legt Michael Debusscher uit. Hij is eveneens onderzoeker aan de faculteit sociologie van de VUB en medewerker van Mark Elchardus. 'Er zit dus een vreemde kronkel in: als je mensen inspraak geeft door hen te vertegenwoordigen in democratische organen, zoals in de politiek, dan blijken ze daar minder vertrouwen in te hebben dan in meer 'autoritaire' instellingen zoals de Koning, de wetenschap, de geneeskunde of het onderwijs. Blijkbaar zit het bij Belgen ingebakken om een wantrouwen te koesteren tegen alles wat verbonden is met de democratische rechtsstaat.'

De verklaring van Mark Hofmans voor het lage vertrouwen in managers ligt trouwens in dezelfde lijn. 'Het wantrouwen tegenover hen is het grootst in landen waar een sterke beurscultuur heerst, zoals Zweden, Zwitserland, Nederland, Groot-Brittannië en de Verenigde Staten. Daar hebben de mensen het minste vertrouwen in wie het voor hen moet waarmaken: de managers.' Ook hier weer: hoe meer participatie, hoe lager het vertrouwen.

Het vertrouwen van het grote publiek in de instellingen gaat de laatste veertig jaar steevast achteruit, zo blijkt uit de VUB-studie van vorig jaar. De VUB-wetenschappers wijten dat aan de versplintering van de maatschappij en het gevoel van controleverlies dat vooral lagergeschoolden en minder gegoeden ervaren: de ontzuiling, de secularisering, de opkomst van de kennismaatschappij, de vergrijzing. 'Ondanks de algemene dalende lijn in het vertrouwen in Europa sinds de jaren zestig, fluctueert het wel', stelt Debusscher: de laatste tien jaar zien we een stijgende curve. Een diep dal in de Belgische grafiek is terug te vinden vlak na 1996, waar de Dutroux-affaire het vertrouwen van het grote publiek een stevige knauw heeft gegeven.'

'We merken ook dat wanneer bijvoorbeeld het vertrouwen in een instelling geschonden raakt, dat ook zijn weerslag heeft op het vertrouwen in andere instellingen. Die terugval is dan het sterkst in instellingen die tevoren ook al laag scoorden, zoals het parlement en de media. Instellingen die van nature uit al veel vertouwen genieten, zoals de advocatuur of de geneeskunde, kunnen beter tegen een stootje dan een andere instelling. Maar gebrek aan vertrouwen is bij de mensen een algemeen onbehaaglijk gevoel dat heel besmettelijk is voor andere maatschappelijke geledingen.'

Tom MICHIELSEN

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud