<B>Pigment:</B> Kappers in de knel

(tijd) - Op de officiële probleemlijst van knelpuntberoepen prijkt een opvallende stiel: kapper. Dat is vreemd want wie in Vlaanderen kapper wil worden, heeft keuze uit een waslijst scholen die de opleiding haartooi aanbieden. Er studeren genoeg kappers af en toch hebben de salons handen te kort. Dat heeft te maken met het gebrek aan motivatie van veel afgestudeerde kappers. De Unie van Belgische Kappers wil de status van probleemberoep van zich afschudden door de opleiding op te waarderen nu de hervorming van het beroeps- en technisch onderwijs op de politieke agenda staat.

'Ik speel al twaalf jaar met krulspelden. Toen ik klein was, prutste ik aan het haar van mijn moeder.' Savagan, het Brusselse 'urban style'-salon van kapper Jean-Luc Stroeken is de natuurlijke habitat van de 24-jarige Fabrice. 'Ik mocht van mijn ouders eerst geen kapper worden omdat er toen te veel waren. Vier jaar geleden begon ik toch aan de opleiding en in juni studeerde ik af. Hier voel ik me goed: de stijl van het salon, de baas, de klanten. Ik begrijp niet waarom zoveel kappers lui worden. Ze willen niet meer werken. En zeker niet in het weekend.'

'Het is een ramp', bevestigt kapper-eigenaar Stroeken. Hij heeft te weinig handen in huis voor het werk. 'Ik wil mijn kappers opleiden maar het is altijd iets. Er zijn erg weinig gemotiveerde mensen die het vak willen leren. En zich later bijscholen. Amper twee reacties waren er op de advertentie die ik liet plaatsen. Die twee moesten vandaag beginnen. Eentje is niet eens komen opdagen. Mijn zaak is een van de laatste salons in het centrum van Brussel waar Nederlands gesproken wordt. Over de tweetaligheid van jonge kappers zwijg ik helemaal. Gemotiveerde, tweetalige kappers zijn een geschenk uit de hemel.'

In juni waren er bij de Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling (VDAB) 350 vacatures in kapsalons terwijl er op hetzelfde moment 1.280 niet-werkende werkzoekenden met kapper als eerste beroepskeuze bekend waren. 'Kapper is een knelpuntberoep', bevestigt Patrick Coopman van de Unie van Belgische Kappers (UBK). 'De VDAB heeft tijdens de vorige legislatuur op vraag van de Vlaamse regering een lijst opgemaakt van beroepen waarvoor vacatures niet ingevuld raken zonder dat daar een plausibele uitleg voor was. Ook de sector vroeg zich af hoe het komt dat mensen die de mogelijkheid hebben het beroep uit te oefenen waarvoor ze gestudeerd hebben, dat niet doen.'

Een eerste verklaring is dat afgestudeerde kappers niet over de nodige vorming beschikken om in een salon aan de slag te gaan. 'Dat is niet verwonderlijk als je weet dat er scholen zijn die jongeren het diploma van kapper geven zonder dat ze leren knippen', betoogt Coopman. Het echte knelpunt in het beroep is dat jongeren via het watervalsysteem uit het secundair of technisch onderwijs 'afzakken' naar het beroepsonderwijs. 'Deze opleiding heeft een sterke aantrekkingskracht op jongeren die schoolmoe zijn', zegt Patrick Coopman. In sommige scholen zegt de directie letterlijk: 'Laat je boekentas thuis en breng je beautycase mee. Dan heb je toch nog een diploma aan het einde van de rit.'

Het beroep van kapper is niet altijd aantrekkelijk. De sociaal ongunstige werkomstandigheden van zaterdagwerk, de lage verloning en de fysieke belasting zijn vaak hinderpalen. 'Terwijl ze door de bank meer verdienen dan verkoopsters in de detailhandel', zucht Patrick Coopman. 'Die lage lonen zijn relatief. Een kapper in loondienst verdient gemiddeld evenveel als iemand die in de horeca werkt.'

Een opvallend knelpunt in het kappersberoep is het grote tekort aan mannenkappers. In ons land is er werk voor 372 bijkomende mannenkappers, of vier keer meer als de vacante jobs in vrouwensalons. In Brussel gaan mannen die niet de hand aan de tondeuse slaan naar uniseks-salons of Noord-Afrikaanse barbiers. Tenzij ze nog een oude mannenkapper weten wonen.

'Toen ik dringend naar de kapper moest, ben ik met mijn vriendin meegekomen.' Piet zit voor de vierde keer in de stoel bij Savagan. 'Vroeger knipte een vriendin mijn haar. Het was wel altijd een puinhoop maar ik betaalde haar telkens een cocktail op café. Mannen betalen hier veel minder dan vrouwen maar ik vind een knipbeurt hier nog erg duur. 22 euro is toch veel als je weet dat je hier op een kwartier buiten bent.' De kapper kijkt op in de spiegel en herinnert zijn klant eraan dat hij er voor die prijs een schedelmassage bovenop kreeg. 'Ah. Ik dacht dat je aan het dromen was. Maar het was wel prettig. Fabrice vertelt me net dat zelfs de muziek hier op maat is. Ik denk dat die ook wel in de prijs zit. In elk geval: ik ken weinig mannen die graag naar de kapper gaan. Het is iets waar je liever vanaf bent.'

Tweehonderd meter verderop neemt in 'chez Figaro' een klant plaats in de stoel bij kapper Paul De Becker. Het salon ziet eruit alsof het dertig jaar onveranderd is gebleven. En dat is ook zo. 'Ze zijn hier ooit een film komen opnemen', vertelt de kapper. 'Die 'Figaro' is gewoon op het venster blijven staan.' Twee welgemikte woorden van de kapper en een bevestigend gegrom van de klant. Zonder gebabbel begint hij aan de volgende: 'zoals gewoonlijk'.

Vorig jaar in december ging De Becker met pensioen. Maar van stoppen met knippen kwam niets in huis. 'Er is te veel werk', lacht hij terwijl hij een scheermes slijpt. 'Thuis zou ik toch niets zitten te doen. Ik mag maar 1.000 euro per maand meer verdienen maar tegen mijn lage tarieven kan ik nog wel wat klanten bedienen', knipoogt hij. Zijn klanten zijn bijna allemaal habitués en het cliëntèle is formeel: 'Mannen, die gaan niet naar een vrouwensalon.' Een vaste klant sinds dertig jaar moet niks weten van 'die muziek, dat gebabbel en die geurtjes'. 'Mijn kapper weet wat hij doet en wij weten wat we krijgen. En ik weet dat ik hier een derde betaal van de prijs in die andere salons.'

Mannen en vrouwen hebben dezelfde schedelvorm. En de haarstructuur en -kwaliteit is ook dezelfde. 'Er is geen enkel argument om een onderscheid te maken', stelt Patrick Coopman. 'Maar als u vraagt waarom mannen niet graag naar vrouwenkappers gaan, kan ik kwijt dat er een sterk gevoelsargument speelt. Of een sociaal en maatschappelijk gegeven. Bij de Marokkaanse, Turkse en Afghaanse kappers in ons land spelen die factoren sterk. Dat is de reden waarom je die salons als paddenstoelen uit de grond ziet komen. We merken het zelfs in de scholen. Het gebeurt dat de imam komt uitleggen aan een leraar dat een mannelijke leerling om geloofsredenen niet aan vrouwelijke klanten mag werken. Of vice versa. Los daarvan creëert een kapper altijd persoonlijk cliëntèle omdat hij een stukje van zijn persoonlijkheid verkoopt.'

'De mannen komen hier om naar de vrouwen te kijken', zegt Jean-Luc bij Savagan. 'Alle klanten willen een hedendaags kapsel dat ze kunnen wassen en dat onmiddellijk goed zit. Dat is letterlijk prêt-à-porter. Ik ben een functionele kapper. Ik geef advies op basis van fysieke kenmerken van een klant. Wat is de vorm van het hoofd, de morfologie, de vorm van de kin, de neus? Afhankelijk van de verhoudingen past het ene kapsel wel en het andere niet bij iemand.' Twee keer per jaar leert Savagan andere kappers à rato van 250 euro per weekend zijn manier van werken aan in de Savagan Academy. 'Ik leer ze kniptechnieken aan die ze niet kennen. Het probleem is dat de meeste kappers op gevoel werken', vertelt Jean-Luc. 'Als een klant hen een foto van een kapsel toont als voorbeeld, proberen ze dat bij benadering te kopiëren. Ik werk met kapselplannen. Elk seizoen is er een collectie en elke keer zijn er nieuwe kapsels die je kan opbouwen. Dat is meer architectuur dan iets anders. Knippen, dat is leren. En werken met een methode is altijd beter.'

'Levenslang leren is een begrip dat in de kapperswereld is binnengeslopen', bevestigt Patrick Coopman. 'Kappers met veel vakkennis kunnen anderen technieken aanleren. Tot de opleiding op een hoger niveau staat, is dat de enige manier voor jonge kappers. De opleiding haartooi bestaat enkel nog op niveau van het beroepsonderwijs. Wij pleiten voor een opwaardering van het beroep via een technische opleiding voor saloneigenaars.' Daarnaast wil de UBK ook positieve discriminatie doorvoeren in scholen. 'De opleiding haartooi moet worden beperkt door samen te werken met scholen die hun leerlingen selecteren', vertelt Patrick Coopman. 'We willen af van leerling-kappers die niet willen bijleren. Er zijn mensen die geen kapper willen worden omdat de opleiding een laag niveau heeft. We willen dat ouders hun kinderen niet langer zeggen dat ze alles mogen worden 'behalve kapper'. En we willen vooral af van het imago van leerlingen die enkel kapper worden in afwachting van het moment dat ze kunnen gaan stempelen.'

Katrien BRUYLAND

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud