Stefaan Michielsen

Dat Proximus van plan is mogelijk 1.900 jobs te schrappen is een bal die premier Michel onverhoeds hard op zijn neus krijgt.

Proximus werkt aan een herstructureringsplan dat inhoudt dat mogelijk 1.900 banen bij het telecombedrijf verdwijnen. Dat moet een slag in het gezicht van premier Charles Michel (MR) zijn: Proximus is een overheidsbedrijf en Michel had van jobs, jobs, jobs een van de prioriteiten van zijn beleid gemaakt.

Het zit de man niet mee. Eerst struikelde vorige maand, een half jaar voor de geplande verkiezingsdatum, zijn regering over de migrantendiscussie, nu moet hij met een besmeurd economisch blazoen naar de kiezer. Een ongeluk komt nooit alleen.

Wrang voor de premier is wellicht ook dat zijn regering zelf de aanleiding heeft gegeven voor Proximus om een herstructureringsplan in de steigers te zetten. Op voorstel van Alexander De Croo (Open VLD) heeft ze het licht op groen gezet om een vierde speler toe te laten op de Belgische telecommarkt, met de bedoeling de concurrentie aan te wakkeren. Omdat die nieuwe speler minder strenge voorwaarden opgelegd krijgt, vreest Proximus de komst van een prijsbreker die gulzig zijn klanten afsnoept en een ferme hap uit zijn inkomsten neemt.

Het gaat op dit ogenblik behoorlijk goed met Proximus. In de eerste negen maanden van 2018 zette de telecomspeler een winst neer van 370 miljoen euro. Maar het kan het management en de raad van bestuur niet worden verweten dat ze vooruitkijken, het bedrijf voorbereiden op de toekomst en daarbij niet uitgaan van het meest optimistische scenario.

De Proximus-top moet niet het belang van Charles Michel dienen, maar dat van álle aandeelhouders van het bedrijf.

Die toekomst kondigt zich uitdagend aan. De inkomsten van Proximus staan onder druk door de stevige concurrentie op de telecommarkt, door het schrappen door Europa van de roamingtarieven voor internationaal mobiel dataverkeer in de Europese Unie en door de opmars van populaire streamingdiensten als Netflix. Die halen abonnees weg bij de digitale televisie die Proximus aanbiedt. Als de inkomsten minder vlot binnenstromen, moet ook de kostenontwikkeling nauw worden bewaakt, als het bedrijf tenminste zijn rendabiliteit veilig wil stellen.

Beleggers

De toekomst van Proximus duurzaam verzekeren op langere termijn door de winstgevendheid op peil te houden, daar is de leiding toe verplicht tegenover de aandeelhouders. En dat zijn niet alleen de overheid, maar ook institutionele en particuliere beleggers. Want Proximus is behalve een overheidsbedrijf ook een beursgenoteerde onderneming.

De leiding moet proberen alle aandeelhouders tevreden te houden. Haar taak is niet Charles Michel en zijn partij bij de volgende verkiezingen aan een goede score te helpen. Dat is niet het kompas waarop een beursgenoteerd bedrijf gestuurd kan worden.

In het geval van Proximus jongleert de regering met drie ballen. Ten eerste heeft ze de helft van haar belang naar de beurs gebracht, omdat ze daar aardig wat centen uit kon puren en omdat beursgenoteerd zijn een nuttige disciplinering meebrengt. Ten tweede heeft ze een nipt meerderheidsbelang behouden om nog greep te hebben op het bedrijf en omdat het haar een fraai dividend oplevert. Ten derde heeft ze de plicht voldoende concurrentie op te telecommarkt mogelijk te maken, zodat consumenten en bedrijven goede diensten krijgen voor billijke prijzen.

Maar het is lastig die drie ballen tegelijk in de lucht te houden. Een ervan valt nu pardoes op de neus van Michel.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Partner content