Redacteur Politiek

Een coronabarometer is ideaal om later dit jaar op een voorspelbare manier het omikronbeleid af te bouwen. Maar voor een mogelijke nieuwe variant lijkt een wendbaarder draaiboek met pakketten aan homogene maatregelen praktischer.

Het moet zo'n beetje het monster van Loch Ness zijn van twee jaar pandemiebeleid: een coronabarometer. De vorige federale regering, onder leiding van Sophie Wilmès, overwoog al de invoering ervan maar deed het niet. Vrijdag komt hij er dan wellicht toch, of het zou moeten zijn dat de federale regering en de deelstaatregeringen er op het Overlegcomité alsnog over struikelen.

Als de politieke discussie iets duidelijk maakt, is het vooral de drang naar voorspelbaarheid en zekerheid. Net zoals een klassieke barometer via de luchtdruk voorspelt welk weer op komst is, zou de coronabarometer feilloos moeten aangeven welke maatregelen in de strijd tegen de pandemie op komst zijn. Meteen zou het geduw en getrek in de aanloop naar een nieuw Overlegcomité moeten verdwijnen.

Zo simpel wordt het wellicht niet. Niet de politiek bepaalt hier de regels, maar het virus. Op dit moment lijkt de omikrongolf in zekere mate als een natuurlijk vaccin te werken. Veel mensen worden besmet, maar slechts weinigen belanden op intensieve zorgen. Ondertussen bouwt, ook door de vaccinatie, het gros van de bevolking immuniteit op.

De valkuil van een strakke barometer ligt in een te grote rigiditeit. De mogelijkheid van crisisbeleid moet blijven bestaan.

Alleen is die immuniteit niet voor eeuwig. Het zou bovendien naïef zijn te denken dat de coronavarianten in het Griekse alfabet stoppen bij de omikron. We weten niet hoe een volgende variant eruit zal zien. Dodelijker? Ziekmakender? Besmettelijker op een andere manier?

Evenzeer een onbekende is de coronamoeheid bij de bevolking. Als almaar meer mensen de pandemieregels niet meer naleven, lijkt het logisch dat de overheid moet overwegen haar beleid bij te sturen om het effectiever te maken.

Valkuil

Dat toont hoe de valkuil van een strakke barometer ligt in een te grote rigiditeit. De mogelijkheid van crisisbeleid moet blijven bestaan. Het is maar logisch dat de politici, die in verkiezingen op hun beleid kunnen worden afgerekend, daarbij in de cockpit zitten. Tegen die achtergrond is het vermeldenswaardig dat Duitsland zijn strakke coronabarometer - de Notbremse - in juni vorig jaar heeft afgevoerd.

Toch kan een barometer verdiensten hebben. Er zijn om te beginnen heldere afspraken nodig over hoe we de maatregelen tegen de omikrongolf - die we wel al beter kennen - kunnen afbouwen als de besmettingen beginnen te dalen. Ook voor wat nadien komt, zijn heldere draaiboeken en noodplannen geen overbodige luxe.

Zo kunnen duidelijke basispakketten met homogene maatregelen worden samengesteld die verhinderen dat de ene activiteit verboden wordt terwijl een vergelijkbare andere wel nog mag. Dat zou organisaties de kans geven te anticiperen op twee of drie basisscenario's, wat het makkelijker maakt voorbereidingen te treffen. Dat zou de voorspelbaarheid van het beleid kunnen vergroten zonder wendbaarheid op te offeren. Alleen moeten we het dan misschien niet over een barometer hebben, maar over een draaiboek.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud