Redacteur Politiek

Na de coronastorm bestaat de verleiding de brexit als een zeebriesje te zien. Dat beeld is verkeerd. Het briesje komt boven op de storm en dreigt die groter te maken.

Het is een veeg teken als iemand publiekelijk zegt dat ze erop vertrouwt dat je je afspraken zal nakomen. Als dat vertrouwen intact is, is zo'n publieke boodschap niet nodig. Daarom is het geen goed nieuws dat de voorzitster van de Europese Commissie, Ursula von der Leyen, het maandag nodig vond te tweeten dat ze erop vertrouwt dat de Britse premier Boris Johnson niet terugkomt op afspraken die hij maakte over de scheiding van het Verenigd Koninkrijk van de Europese Unie en het meest kwetsbare onderdeel, de grensregeling in Noord-Ierland.

Brexit is back. Alleen is na de coronarecessie de bril waardoor we hem bekijken anders. Het beeld is veranderd. Na een stormachtige economische krimp van 12 procent lijkt de schok van hogere handelstarieven voor wie over het Kanaal exporteert niets meer dan een kil Noordzeebriesje.

Toch is het verkeerd de brexit te relativeren. Om te beginnen omdat het niet pertinent is de coronacrisis daarmee te vergelijken. Beide crisissen staan niet naast maar komen bovenop elkaar. De schok van maximale handelstarieven brengen in de exportregio Vlaanderen 42.000 jobs in gevaar. Het is voor sommige bedrijven misschien het strootje dat de rug van de kameel doet breken.

Als we op 1 januari een harde brexit krijgen, wordt dat echter een exporthandicap die we jaren dreigen mee te sleuren.

Een ander punt is dat er nog goede hoop is te denken dat de coronaproblemen tijdelijk zijn. Als we op 1 januari een harde brexit krijgen, wordt dat echter een exporthandicap die we jaren dreigen mee te sleuren. Dat effect zal niet vanzelf verdampen. En er is de vrees voor de kwetsbare vrede in Noord-Ierland, die het belang van de de economische zorgen ver overstijgt.

Dat maakt bovendien dat er weer genoeg is om je aan te storen, nu de brexit opnieuw onze aandacht opeist.

Er is de traagheid: na zeven maanden onderhandelingen lijkt een deal over nieuwe handelsrelaties tussen Londen en de EU-27 nergens te staan.

Er is de balorigheid: Boris Johnson bouwde zijn retoriek zondagavond rond een Australische variant van de no-deal, waarbij de maximumtarieven van de Wereldhandelsorganisatie in voege treden.

Er is de mist: woensdag maakt de Britse regering naar verwachting eenzijdige wetsvoorstellen bekend over grensregelingen als de gemaakte afspraken met de EU niet werken. Londen legt dat uit als een plan B, de EU vreest een omzeiling van de afspraken. Vandaar de tweet van von der Leyen.

Er is de lichtzinnigheid: in de brexitcampagne beloofde Johnson destijds een ‘ovenklare’ brexitdeal en een plejade van handelsverdragen met de hele wereld. Nog altijd ligt niets klaar.

En er is het manifest gebrek aan leiderschap: het coronavirus overkwam ons, maar dit is een door politici gecreëerde catastrofe. Ze lijken niet gehaast die te verbeteren.

Lees verder

Gesponsorde inhoud