Buitenlandse groepen delen lakens uit in schoonmaaksector

(tijd) - Een paar grote, vooral buitenlandse spelers verdelen de Belgische schoonmaakmarkt onder elkaar, in het zog van het Deense ISS. Ze proberen de sector af te helpen van zijn wat schimmige imago: 'Er is nog een reeks kleine louche bedrijfjes die de markt kapotmaken.'

Alain Vandenbrande staat sinds vorige maand aan het hoofd van een van de grootste schoonmaakbedrijven van België. Het Antwerpse bedrijf GOM waar hij algemeen directeur is, nam toen zijn kleinere sectorgenoot Milo over. Met een omzet van 16 miljoen euro in 2003 was Milo ongeveer half zo groot als GOM vorig jaar. Samen werken er 2.600 mensen bij de twee bedrijven. Vanuit zijn kantoor aan de Antwerpse IJzerlaan heeft Vandenbrande daar nu de leiding over.

De overname van Milo door GOM, een dochter van het Nederlandse Facilicom, zegt veel over de belangrijkste tendens in de schoonmaaksector. Steeds meer verdelen grote buitenlandse groepen de markt onder elkaar. Met het oog op die internationalisering veranderde GOM zelfs zijn afkorting naar General Office Maintenance.

De schoonmaakbedrijven horen ook niet graag meer het woord 'schoonmaakbedrijf'. Liever zijn ze 'totaalaanbieders van facilitaire diensten'. Ze maken niet alleen meer kantoren en bedrijven schoon, maar leveren ook de receptionist, doen het onderhoud, brengen het eten, leggen elektriciteitsleidingen, doen de bewaking, enzovoort. De schoonmakers van vroeger breiden hun werkterrein steeds verder uit. In Facilicom, de Nederlandse holding boven GOM, zit zelfs een bouwdivisie die voor de klant een compleet gebouw neerpoot, sleutel op de deur.

De overname van Milo door GOM is al de tweede grote overname van de Nederlanders dit jaar in België. In januari nam GOM al de Brusselse Govaert Group over, een bedrijf met 500 medewerkers dat vorig jaar een omzet van 8 miljoen euro boekte. GOM is al 30 jaar actief in België maar schakelt nu naar een hogere versnelling. 'Wij willen elk jaar onze omzet met 15 procent doen groeien', zegt Vandenbrande.

Met 2.600 medewerkers is GOM België maar een klein deel van de Facilicom-holding. Die geeft in Nederland, België, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk werk aan 18.000 mensen.

Met die snelle groei doet Facilicom niets meer of minder dan het volgen van de marktleider in de Europese schoonmaaksector. Dat is het Deense ISS. Die beursgenoteerde groep boekte vorig jaar een omzet van 4,8 miljard euro. Net als GOM bereikte ISS zijn marktleiderschap door een lange reeks overnames, meer dan 100 sinds 1998. De groep telt vandaag ruim 260.000 medewerkers, waarvan 11.500 in België. In België boekte ISS vorig jaar een omzet van 242 miljoen euro. Volgens marketingdirecteur Sonja Van Dessel is dat goed voor een marktaandeel van liefst 30 procent.

Het wordt dus moeilijk voor de andere spelers om ISS nog in te halen. Want ook de Denen breiden nog uit. Alleen al dit jaar nam ISS in België zowel het schoonmaakbedrijf Groep Kestens over, als de cateraar Party & Dinner en de kernactiva van het failliete Brant Industrial Services Group (BISG) uit Antwerpen. Facilicom en ISS zijn niet de enige buitenlandse groepen die actief zijn op de Belgische schoonmaakmarkt. Ook de Belgische nummer twee, het Brusselse Euroclean, is als dochter van het Amerikaanse Temco Services Industries in handen van een buitenlandse speler. Euroclean boekte in 2003 in België een omzet van 95 miljoen euro met 3.500 personeelsleden. GOM is na de overname van Milo de Belgische nummer vier. In de topvier is dus enkel de nummer drie, het Luikse Laurenty, nog een familiale Belgische onderneming. Volgens de bedrijvendatabank Graydon boekte Laurenty in 2003 een omzet van 75,88 miljoen euro met 3.360 medewerkers.

De internationalisering van de schoonmaakwereld weerspiegelt de internationalisering van de rest van het bedrijfsleven. Bijna alle multinationale bedrijven zijn klant bij een grote, internationaal werkende schoonmaakgroep. Zo heeft GOM in België de olieraffinaderij Fina in de Antwerpse haven en bijna alle activiteiten van het Duitse Siemens in portefeuille.

GOM-directeur Vandenbrande ziet de schoonmaaksector in de komende jaren sneller groeien dan de rest van de economie: 'Vooral bij overheidsinstellingen is er nog ruimte. Zo konden wij zowel de Brusselse metro als de Financiëntoren als klanten binnenhalen.'

Een bedrijf overnemen is ook een klantenportefeuille overnemen. Via de overname van het Brusselse Govaert Group haalde GOM in één slag zowel het Europees Parlement als de Nationale Bank van België als klanten binnen. En met de overname van Milo komen daar de accountant PriceWaterhouseCoopers en het Europees distributiecentrum van Nike in Laakdal bij.

Na de grote overheidsbedrijven verwacht Vandenbrande dat ook de kleinere steden en gemeenten en de ziekenhuizen de schoonmaak en andere diensten gaan uitbesteden. 'Je ziet dat nu al gebeuren. Zij zien ook dat wij het voor een derde van de prijs doen die het hen zelf kost. Tegelijk wordt budgettering belangrijker. Door zaken uit te besteden, weten ze op voorhand precies wat een taak hen in een jaar zal kosten.'

Vandenbrande baseert zijn voorspellingen op wat in Nederland al langer aan de gang is: 'De Nederlanders zien al veel langer in dat je als bedrijf beter alles uitbesteedt wat niet tot je kerntaken behoort. Ze staan daar nuchterder tegenover, misschien zijn ze meer service-minded?'

Door hun overnameslag verdiepen de grote spelers de kloof met de honderden kleinere schoonmaakbedrijfjes die daaronder bengelen. Ze verenigden zich in de beroepsfederatie ABSU, die een kwaliteitslabel uitreikt aan professionele schoonmakers. De sector wil daarmee de schimmige spelers in de schoonmaakwereld een hak zetten.

Vandenbrande, lid van de raad van bestuur van ABSU, kan zich opwinden over het soms wat louche imago dat de schoonmaaksector soms meetorst. 'Er zijn een reeks kleine louche bedrijfjes die de markt kapotmaken', klinkt het. 'Als je bij een offerte ziet dat zij diensten verkopen aan tarieven die onder de officiële uurprijs van het personeel liggen, dan weet je dat ze per definitie in het zwart of met illegalen werken.'

'Veel klanten gaan natuurlijk kiezen voor de goedkoopste aanbieder van een offerte, maar zolang bijvoorbeeld de overheidsbedrijven hun keuze puur op prijs gaan bepalen, werken ze die louche praktijken impliciet in de hand. Met een kwaliteitslabel proberen we nu het sociale aspect te laten meespelen, en factoren zoals de continuïteit van de aangeboden diensten. Vandaag kan iedereen hier met een schoonmaakbedrijf starten. Maar of dat ook kwaliteit levert en de regels respecteert, is nog een andere zaak.'

Toch blijven er starters die kwaliteit willen aanbieden op minder grote schaal. Een maand geleden startte de Antwerpenaar Frank Hechtermans met FVM Projects een bedrijf voor schoonmaak en facilitaire diensten op dat vooral mikt op KMO-bedrijven. 'Wij hebben nu al het mediabedrijf Studio 100 en het Mechelse recreatiedomein de Nekker als klant, naast een reeks kleinere bedrijven. Nog dit jaar moeten we een omzet van 2,5 miljoen euro kunnen draaien', zegt Hechtermans. Hij mikt op een personeelsbestand van 300 mensen.' Frank Hechtermans is geen onbekende in de schoonmaaksector. Hij is de zoon van de onlangs overleden Walter Hechtermans, de oprichter van Milo.

Jeroen LISSENS

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud