Commentaar: Achilleshiel

De olieprijs tikte de voorbije dagen enkele keren tegen de 27 dollar het vat. Het is zes maanden geleden dat een vat ruwe olie nog zoveel waard was. De oorlog tussen de Israëli's en de Palestijnen wakkert op de oliemarkten van Londen en New York de vrees aan voor een langdurige verstoring van de olietoevoer vanuit het Midden-Oosten. Sinds eind februari werd ruwe olie 35 procent duurder.

De strijd rond het hoofdkwartier van de Palestijnse president Yasser Arafat maakt nog maar eens duidelijk hoe belangrijk het Midden-Oosten is voor de aanvoer van olie. De landen uit het Midden-Oosten controleren meer dan twee derde van alle oliereserves in de wereld. De Organisatie van Olie-Exporterende Landen (OPEC), die voor een groot deel bestaat uit landen uit de regio, is goed voor 40 procent van de wereldolieproductie.

De OPEC blijft zo de bepalende factor in de oliemarkt. Het oliekartel heeft die geopolitieke macht in het verleden al meermaals gebruikt. Denken we maar aan de olieboycot uit de jaren '70. Ook nu riep OPEC-lidstaat Irak de andere Arabische OPEC-landen op hun olievoorraad te gebruiken als wapen tegen Israël en de Verenigde Staten. Voorlopig lijken de andere lidstaten daar nog niet op in te gaan, maar de toon is in elk geval gezet.

De oproep van Irak demonstreert wel dat olie nog altijd de achilleshiel van de wereldeconomie is. Olie blijft een van de zwaarste kosten van bedrijven en van gezinnen. Hoge prijzen voor ruwe olie betekenen hoge benzine- en stookolieprijzen. En hoewel de olieafhankelijkheid van de westerse economieën de voorbije 30 jaar terugliep van 13,4 naar 4,9 procent van het bruto binnenlands product, blijft olie nog steeds de motor van de wereldeconomie.

De recente opflakkering van de olieprijs houdt een gevaar voor inflatie in. Net nu de wereldeconomie moeizaam uit een recessie krabbelt, zetten de gestegen olieprijzen een domper op dat herstel. De hogere prijzen voor olieproducten brengen hogere kosten mee die zich in vele gevallen vertalen in hogere lonen. En net die inflatiespiraal is nefast voor een economie in herstel.

Otmar Issing, de hoofdeconoom van de Europese Centrale Bank, wees verleden week al op het gevaar voor inflatie. Zijn vrees lijkt waarheid te worden. Volgens Eurostat, het statistische bureau van de Europese Unie, lagen de prijzen in maart 2,5 procent hoger dan in maart 2001. Analisten verwachtten een inflatie van 2,3 procent.

De hogere olieprijzen kunnen er daarom toe leiden dat de Europese Centrale Bank, die een inflatie van minder dan 2 procent nastreeft, de rente sneller dan gepland moet optrekken om de inflatie onder controle te houden. Op een moment dat de Europese economie niet al te sterk op haar benen staat, is dat een pijnlijke beslissing.

Tom Peeters

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud