COMMENTAAR. Beleid graag

Minister van Financiën (of toch voorlopig nog) Didier Reynders (MR) moet alweer op zoek naar een andere kabinetschef. De beste springplank van het land is ook in tijden van lopende zaken nog volop functioneel.

(tijd) Het toont alvast aan dat Reynders zich niets aantrekt van alle kritiek op politieke benoemingen en dat hij rustig verdergaat met het uitbouwen van zijn netwerk. Overal zet hij zijn - ongetwijfeld bekwame - topmedewerkers op cruciale posities.

De Luikenaar bevestigt daarmee zijn reputatie ongenadig ambitieus te zijn. Hij heeft er jaren over gedaan om de almacht in zijn partij te verwerven. Tegelijk zet hij alles in om zijn eigen populariteit en die van zijn partij voort op te krikken.

Op zich is daar natuurlijk niets mee. Democratie is het minst slechte politieke systeem dat we kennen, en in een democratie moet je stemmen halen. Wie geen stemmen haalt, mag geen macht krijgen.

De vraag blijft echter wat Reynders met zijn macht aanvangt. Als minister van Financiën kan hij na acht jaar weinig referenties voorleggen. De top van het ministerie van Financiën blijft een slangenkuil, de rest van de administratie geen voorbeeld van efficiëntie. De rekenfout van 800 miljoen euro is legendarisch.

Hij heeft natuurlijk twee grote hervormingen kunnen doordrukken in het fiscale beleid. De verlaging van de personenbelasting was echter niets meer dan het uitdelen van cadeaus zonder veel economische visie. De notionele intrestaftrek kwam er op verzoek van de bedrijven, nadat Europa een kruis had getrokken door de coördinatiecentra.

Dat Reynders met zo'n staat van dienst op 10 juni zo'n grote verkiezingsoverwinning kon boeken, deed in Vlaanderen vele wenkbrauwen fronsen. Reynders heeft natuurlijk enkele goede vrienden in de Franstalige media. Bovenal kon hij profiteren van de weerzin die alle schandalen met PS-mandatarissen opwekten.

Toch blijft het vreemd vast te stellen dat vele van de meest populaire politici net die politici zijn die niet bekendstaan als de meest krachtdadige bestuurders. Perceptie en imago zijn bij verkiezingen belangrijker dan resultaten en concrete plannen.

In theorie is iedereen tegen politieke benoemingen, en tegen politici die vooral met het eigen imago bezig zijn. In theorie vindt iedereen dat politici moeten bezig zijn met het algemeen belang.

In praktijk worden politici die het omgekeerde doen allerminst afgestraft. Voor Guy Verhofstadt bijvoorbeeld was het bij zijn aantreden als premier een topprioriteit om politieke benoemingen te stoppen en om de federale administratie een copernicaanse revolutie te laten beleven. Hij schreef er zelfs een nationaal referendum (nu ja) voor uit. Intussen is het Copernicusplan al jaren morsdood zonder dat er een haan naar kraaide.

De Wetstraat wordt meer en meer de arena van politieke zwaargewichten, in plaats van de bestuurskamer van de Belgische/Vlaamse samenleving. En beterschap is niet in zicht.

Dirk DE WILDE

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud