Commentaar: Democratie

De benoeming van een interim-regering en het vage regeringsprogramma van Verhofstadt III is eigenlijk een fundamentele test voor het Belgische parlement.

(tijd) - Dat kan nu voluit kiezen voor initiatief en niet langer het schoothondje spelen van een regering, zoals de voorbije jaren maar al te vaak gebeurde. Of het kan zich mee laten zuigen in nog eens drie maanden formatieberaad en alle verantwoordelijkheid afschuiven. Als de parlementsleden kiezen voor dat laatste zijn de verkiezingen van 10 juni helemaal nutteloos geweest. En dat zou ook een kaakslag zijn voor onze parlementaire democratie, die dezelfde verkozenen eigenlijk gestalte moeten geven.

De zondag overleden oud-Senaatsvoorzitter Frank Swaelen waarschuwde indertijd al meermaals voor de zwakheid en de ondoeltreffendheid, om niet te zeggen de abdicatie, van het parlement. Meer dan tien jaar geleden deed hij een opgemerkte oproep tot de vertegenwoordigers van het volk om zich te concentreren op hun drie kerntaken: wetgeven, informeren en controleren.

Die oproep heeft niets aan actualiteit verloren, integendeel. In tegenstelling tot bijvoorbeeld het Europees Parlement, weegt het Belgische parlement nauwelijks op de wetgeving en dus op de te volgen koers. De controle van de regering gebeurt enkel binnen de vertrouwde partijpolitieke lijnen en laat geen ruimte voor een echt inhoudelijk debat.

De voorbije zes maanden heeft het parlement nauwelijks blijk gegeven van initiatief, hoewel de verkozenen daarvoor geenszins op een regering moesten wachten. Het is droevig om zien hoe verkozenen zich laten inpakken door politieke spelletjes en de inhoud van hun politieke werk volledig doorschuiven naar de uitvoerende macht. En dat ze zichzelf bijna werkloos verklaren zolang er geen regering is.

Nu is die nieuwe regering er wel. Dat ze zelf beweert dat ze slechts voor beperkte tijd aantreedt, doet niets af aan de uitdagingen waarvoor Verhofstadt III zich geplaatst ziet. Indien het parlement zijn taak ook de volgende maanden beperkt tot een vertrouwensstemming, is er iets grondig mis. De kiezer die deze verkozenen op 10 juni naar Brussel stuurde, verwacht immers dat een parlement de problemen van vandaag aanpakt en een visie ontwikkelt op het beleid van morgen.

België staat de komende maanden voor erg moeilijke en delicate besprekingen, waarbij een parlement betrokken hoort te zijn: de staatshervorming en economische problemen, maar ook de vele belangrijke en ingrijpende internationale dossiers, zoals klimaat en energie of de globalisering. Belgische parlementsleden hebben de voorbije jaren een verschroeiend gebrek aan visie getoond voor die problemen en hun referentiekader beperkt tot dit kleine landje of zelfs maar een deel ervan.

De Belgische parlementaire democratie is aan een revitalisatiekuur toe. Nu is een goed moment om daarmee te beginnen.

Kris Van Haver

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud