Commentaar: Onverdiend smartgeld

Aan de top van de bank die ontstaat uit de fusie van ABN Amro met Barclays, is er geen plaats voorzien voor Rijkman Groenink. De voorzitter van het directiecomité van ABN Amro moet genoegen nemen met een bijrolletje in de raad van bestuur. Rijkman Groenink is een van de grootste verliezers in het hele verhaal. Hij zal de geschiedenis ingaan als de man die de grootste bank van Nederland aan de Britten uitverkocht.

(tijd) Zijn aanzien is zwaar beschadigd. Maar hij kan op een aanzienlijk smartengeld rekenen. Want Groenink staat niet met lege handen. Hij zwaait af bij ABN Amro met een vergoeding van dik 10 miljoen euro. Ruimschoots genoeg om het leed te compenseren dat voortvloeit uit het verlies van aanzien.

Bijna zeven jaar stond Groenink aan het hoofd van de Nederlandse grootbank. Hij heeft er weinig van gebakken. Toch vertrekt hij met zijn zakken vol geld. Dat moet een wrang gevoel laten bij de 100.000 werknemers van ABN Amro die nu in onzekerheid verkeren over wat de toekomst brengen zal en van wie een aantal hun baan zullen verliezen.

De riante afzwaaipremie die Rijkman Groenink opstrijkt, botst met het billijkheidsgevoel. Topmanagers die goede resultaten afleveren, mogen daarvoor behoorlijk worden vergoed. Maar dat ook wanprestaties meer dan royaal worden beloond, is niet normaal.

Het geval van Groenink is niet uitzonderlijk. Er zijn wel meer voorbeelden van topmanagers die de baan moeten ruimen omdat ze er in hun bedrijf een zootje van hebben gemaakt, maar die niettemin een exorbitante afscheidscheque meekrijgen. In Frankrijk is er bijvoorbeeld heel wat te doen om de 8,5 miljoen euro die Noël Forgeard vorig jaar uitbetaald kreeg toen hij moest opstappen als covoorzitter van EADS, de maatschappij boven Airbus. En in de Verenigde Staten, waar de bewondering voor managers nochtans groot is, was er grote verontwaardiging over de vertrekpremie van 210 miljoen dollar voor Robert Nardelli, de falende topman van de doe-het-zelfketen Home Depot.

Iedereen voelt aan dat er hier iets niet klopt, zelfs de betrokkenen, als ze een beetje schaamtegevoel hebben tenminste. Dergelijke vertrekpremies voor mensen die zijn tekortgeschoten in hun taak, zijn niet te verantwoorden.

Topmanagers mogen een toploon verdienen. Maar hun hoge wedde dekt al het risico dat ze voortijdig de laan worden uitgestuurd wanneer ze hun werk niet goed doen. Dat ze daarnaast nog een buitenissige ontslagvergoeding zouden krijgen, valt niet goed te praten. Het is het een of het ander.

Het is echter een illusie te denken dat topmanagers vrijwillig afstand zullen doen van hun riante vertrekpremies. Daarvoor is regelgeving nodig, in de vorm van een wet of een dwingende aanbeveling in een code van deugdelijk bestuur, die de hoogte van de ontslagpremies beperkt tot een niveau dat te billijken is. De topmanagers zullen daartegen protesteren. Maar is het geen algemene aanvaard principe in het zakenleven dat voor ondermaatse prestaties niet betaald wordt?

Stefaan Michielsen

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect