Confederalisme à deux?

©Saskia Vanderstichele

En plots werd in een rotvaart geschakeld. De N-VA en CD&V vormen met zijn tweetjes een centrumrechtse Vlaamse regering, de PS en het cdH een centrumlinkse Waalse. Het confederalisme à deux zegeviert, maar zonder glans.

Mocht iemand in 2003 gezegd hebben dat de N-VA en CD&V samen een Vlaamse regering gingen vormen, meewarige blikken zouden zijn deel geweest zijn. CD&V had de verkiezingen verloren, de N-VA had nog net één federale verkozene, Geert Bourgeois, over. Diezelfde Bourgeois is vandaag coformateur samen met aftredend minister-president Kris Peeters. Met enkele zinnen gaven ze hun richting aan: ondernemingsvriendelijk, besparen op de overheid en tegelijk investeren. Liberaler kon het bijna niet klinken. Met een verwacht tekort van

1 miljard euro volgend jaar en 1,3 miljard in 2016 eerst budgettair de zaken op orde krijgen, en daarna investeren. Alsof het uit het Open VLD-programma kwam.

Niet over alles zijn CD&V en de N-VA het eens, maar op Vlaams vlak zijn de overlappingen groot. Over Oosterweel, een miljardendossier dat de komende vijf jaar nog zwaar zal spelen, alvast wel. Het is een van de redenen waarom Open VLD niet mee werd genomen.  Onderwijs wordt nog een twistappel, maar de verschillen zijn minder groot dan met de aftredende regeringspartner sp.a.

CD&V zal in deze centrumrechtse formule bovendien haar progressieve ACW-vleugel zo goed mogelijk willen bedienen. Er moet na de zesde staatshervorming een behoorlijk stevig sociaal luik worden uitgebouwd, van kinderbijslag tot rusthuizen en een hospitalisatieverzekering.

CD&V en de N-VA krijgen nu de gezamenlijke verantwoordelijkheid een Vlaamse regering te vormen die véél slagkrachtiger wordt dan de vorige, waar ze allebei ook deel van uitmaakten. Er is veel te lang stilstand geweest rond Oosterweel. Over het onderwijs kwam een tweeslachtig compromis uit de bus. Een wervend project voor Vlaanderen als topregio waar het goed is om te ondernemen moet met véél meer enthousiasme uitgedragen worden.

Dat de regeringsvorming zowel in het zuiden als in het noorden van het land deze week de vlucht vooruit nam, is in de praktijk het ‘confederalisme à deux’. Dat regionale succes is er echter een zonder glans als de regeringsvorming op federaal niveau en in Brussel blokkeert.

Er zijn weinig mogelijke oplossingen, maar helemaal dood zijn ze nog niet. De Wever probeert, nu hij zijn Vlaamse regeringsvorming toch snel in een plooi heeft gekregen, toch nog denksporen met de liberalen, hoe klein de slaagkans ook is. Ofwel met de MR alleen, ofwel met de MR en Open VLD. Die laatste zal voor de keuze staan. Ofwel meedoen in een centrumrechtse federale regering, waar ze het gros van haar programma kan realiseren. Ofwel aan de kant gaan staan omdat ze er Vlaams weer niet bij zijn, met lege handen en voor vijf jaar overal in de oppositie.

Met het risico dat ze, als de boel federaal veel te lang geblokkeerd blijft, uiteindelijk toch moet depanneren in een formule met de PS en met een sociaal-economisch beleid dat veel minder liberaal is. En een matrakkerende N-VA in de oppositie.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud