Redacteur Politiek

We zijn in België misschien niet goed in wat belangrijk is, maar wel in wat urgent is. De reactie op het coronavirus behoort tot die tweede categorie.

Het leek bijna geen nieuws, hoe ze daar dinsdagvoormiddag met z'n vieren rustig zaten uit te leggen dat een Belg is besmet met corona: federaal minister van Volksgezondheid Maggie De Block (Open VLD), het hoofd van het labo dat de virustests uitvoert, het hoofd van het wetenschappelijk comité en een luitenant-kolonel van het militair hospitaal in Neder-Over-Heembeek. Een mix van expertise, beslissingsmacht en organisatiekracht.

De boodschap klonk geruststellend, en even no-nonsense. Negen mensen werden uit voorzorg en ondanks eerdere negatieve tests in quarantaine geplaatst. Een van hen blijkt nu besmet en iedereen blijft daar. Het virus is onder controle, verklaarde De Block in het Engels aan de internationale pers. De paniek is gevaarlijker dan het virus. Klaar.

Het is minder evident dan het lijkt. We zijn een land waar al eens makkelijk wordt gelachen met het leger. De bekendste militair in onze publieke cultuur is geen oorlogsheld, maar ‘Kampioen’ Xavier Waterslaeghers. We zijn ook een land waar al eens makkelijk wordt gelachen met of ergernis wordt geuit over de politieke wereld, en vaak terecht. Het vertrouwen in de medische wetenschap is een stuk sterker, al duikt ook bij ons soms een verloren gelopen tegenstanders van vaccinaties op. En toch is er op momenten als deze een groot vertrouwen in politiek, geneeskunde en militair hospitaal.

Het klimaat lijkt, net als de begroting, elke dag opnieuw nog een dag uitstelbaar.

Het toont hoe dit land, dat genoeg uitdagingen en problemen kent, ook dingen goed doet en weerbaar is op cruciale momenten. In een wereld waarin het vertrouwen in grote instellingen vaak een knauw krijgt - van de politiek tot de kerk - doet het ertoe te zien dat het ook vaak nog altijd overeind blijft. Zelfs in lopende zaken.

Het toont ook nog eens wat we goed kunnen en wat niet. We zijn goed in wat urgent is. In vorige regeringscrisissen kwam het parlement bijeen om banken te redden of te beslissen over deelname aan de militaire operatie in Libië. België zat in lopende zaken al de EU-raden van vakministers voor.

Wat niet lukt, is aanpakken wat belangrijk is maar niet urgent. Van het gat in de begroting tot de klimaatstrijd, van de stroeve arbeidsmarkt tot de eeuwige files. Moest het klimaat een bank zijn, dan was het al gered, luidde tijdens de financiële crisis een slogan van de groene beweging. Dat klopt, maar alleen in die zin dat het bankenprobleem toen niet kon wachten tot de eerstkomende maandag. Het klimaat lijkt, net als de begroting, elke dag opnieuw nog een dag uitstelbaar.

Het blijft nodig op die nagel te kloppen en te blijven hameren op de hervormingen die nodig zijn maar er helaas nooit van lijken te komen. Tegelijk is soms het antidotum nodig en moeten we ook zien wat in moeilijke omstandigheden goed en professioneel loopt. Hoe het gevaar van het coronavirus op Belgisch grondgebied is aangepakt, hoort tot nader order in die categorie.

Lees verder

Gesponsorde inhoud