Redacteur Politiek

Hopelijk wordt donderdag op de veiligheidsraad eindelijk wat duidelijker hoe de strijd tegen de tweede golf van het coronavirus zal lopen. Want de kakofonie was de voorbije dagen weer ondraaglijk groot.

Langzaam maar zeker rolt de Belgische overheid, in al haar vormen en gedaanten, de verdedigingslinie uit voor de tweede golf van het coronavirus. En net zoals de eerste keer gebeurt dat in onnodig grote horten en stoten en in verspreide slagorde.

Afgelopen weekend riep federaal vicepremier Pieter De Crem (CD&V) al op geen vakantie in het buitenland te boeken. Meteen corrigeerde premier Sophie Wilmès (MR) hem dat er geen officieel advies is om in het binnenland te blijven.

Vier maanden na de eerste lockdown is de kakofonie nog te groot. En het besef dat communicatie in crisistijd geen detail is nog altijd veel te klein.

Vorige vrijdag riep Vlaams minister-president Jan Jambon (N-VA) op de nationale veiligheidsraad vervroegd bijeen te roepen. Federaal minister van Volksgezondheid Maggie De Block (Open VLD) blikte deze week al vooruit dat versoepelingen van de baan zijn en er wellicht een verstrenging van de mondmaskerplicht komt. Woensdag kondigden de burgemeesters van Antwerpen, Oostende en De Haan aan dat op markten in hun gemeenten zo’n mondmasker verplicht wordt vanaf zaterdag. Donderdag wordt het dan uitkijken wat officieel wordt beslist. Enkele weken geleden werd de burgemeester van Deinze nog teruggefloten toen hij iets gelijkaardigs wilde afdwingen.

Ook elders hebben burgemeesters al lang de regie in de coronastrijd overgenomen van de Vlaamse en de federale regering. Ze zijn zelf begonnen met het in kaart brengen van wie met een besmette patiënt contact had. Deze week, meer dan vier maanden na de eerste lockdown, krijgen ze daarvoor een draaiboek van de Vlaamse regering. Veel burgemeesters geven al het signaal zelf af te stemmen met de burgemeesters van hun buurgemeenten, omdat de grote lijnen niet duidelijk zijn.

Hopelijk convergeert die verspreide slagorde donderdag op de nationale veiligheidsraad naar één helder punt, zodat de marsorders voor de strijd tegen de tweede golf vanaf zaterdag eindelijk duidelijk zijn. Zoiets mag toch niet te veel gevraagd zijn.

Daarbovenop worden twee dingen dan broodnodig. Het eerste is dat de communicatie van zowel de overheid als de virologen eindelijk wat meer richting en helderheid krijgt. De ruis op de boodschap moet verdwijnen. In een crisis kan communicatie naar het brede publiek nooit een detail zijn.

Ten tweede worden duidelijker afspraken nodig over wat de lokale overheid kan doen en wat niet. Dat een burgemeester kan besluiten woon-zorgcentra weer te sluiten om bij een lokale heropleving van het virus de pandemie buiten te houden, houdt steek. Dat in één gemeente nachtwinkels om middernacht sluiten en een gemeente verder niet, al veel minder. Hetzelfde geldt voor de regels over mondmaskers en andere regels die weinig schade veroorzaken, zoals het invullen van contactdata in registers.

Dat vergt dus precisiewerk. En net daarom zal het nodig zijn op sommige plaatsen kordater in te grijpen dan elders. En net daarom is het zo belangrijk dat de communicatie over hoe zoiets dan loopt en wie wat doet veel beter moet. Vier maanden na de eerste lockdown is die kakofonie nog te groot. En het besef dat communicatie in crisistijd geen detail is, nog altijd veel te klein.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud