De brief van de koning

De brief van Filip aan de Congolese president Félix Tshisekedi is nodig om in het reine te komen met het koloniaal verleden van België. Maar vanaf de excuses wordt het verhaal lastig.

Er was een tijd dat er grote zorgen waren of koning Filip wel in staat zou zijn om goed aan te voelen wat politiek leeft in zijn land. In de discussie over het koloniale verleden van België en Leopold II zijn die zorgen onterecht gebleken.

Het staatshoofd verraste maandag met een brief aan de Congolese president Félix Tshisekedi waarin hij de officiële Belgische geschiedenis van Congo herschrijft. Hij erkent de 'geweld- en gruweldaden' en drukt zijn 'diepste spijt' uit.

Die verklaringen vormen meteen het startschot voor de parlementaire Congo-commissie die ons land in het reine moet brengen met het koloniaal verleden. De brief van de koning heeft het eerste stuk van het pad geëffend. De gruwel is erkend door wie er zowel ambtelijk als familiaal het dichtste bij staat: het Belgische staatshoofd, een bloedverwant van Leopold II.

Ook welkom is de link die openlijk wordt gelegd naar racisme en discriminatie vandaag. Door een speling van het lot is de zestigste verjaardag van de onafhankelijkheid van Congo vermengd geraakt met een wereldwijde opleving van de strijd tegen racisme, aangevuurd door de Black Lives Matter-beweging in de Verenigde Staten.

Het is goed dat de strijd tegen racisme op die manier nog eens alle sérieux krijgt die hij verdient. Het is ook goed dat een land probeert in het reine te komen met zijn koloniaal verleden.

Mistig

Het punt vanaf waar het moeilijker wordt, is de volgende stap. Wat moet de Congo-commissie in het parlement opleveren, behalve een zo dicht mogelijke benadering van de waarheid? Moet ze leiden tot excuses en dus een schulderkenning? Moet ze een stap verder gaan en de start zijn van herstelbetalingen? Moet ze de relaties tussen Congo en België herdefiniëren?

Het belangrijkste wat België en Congo delen, is het verleden. Daarmee in het reine komen, is waardevol.

Vanaf daar wordt het mistig. Alleen al omdat niet alleen de koloniale geschiedenis van Congo getroebleerd is, maar ook de zestig jaar sinds de onafhankelijkheid. Het ontbreken van een stabiele rechtsstaat in het land is daar het belangrijkste symptoom van. Dat spiegelt zich in de macht van de familie-Kabila, die achter de façade van de officiële president Tshisekedi niet verdwenen is.

Daar beginnen de lastige vragen. Stel dat België zich excuseert, aan wie doet het dat? Aan het Congolese volk? Dat is ethisch de juiste keuze, maar kost geen geld. Stel dat België wel betalingen doet, wie krijgt dan dat geld? En hoe weten we dat dat op de juiste plek terechtkomt? De voorbije zestig jaar zijn wat dat betreft niet hoopvol geweest.  

Ook de vraag hoe de toekomstige relatie tussen Congo en België er moet uitzien, is lastig. Belgische bedrijven voerden vorig jaar voor 92 miljoen euro uit naar Congo, wat 0,02 procent is van de totale uitvoer. De invoer is nog lager. Ook diplomatiek is het de vraag welke hefbomen België nog heeft om invloed op Congo uit te oefenen.

Het belangrijkste wat België en Congo delen, is het verleden. Daarmee in het reine komen, is waardevol. Al is het maar om dat af te sluiten en elk verder zijn weg te gaan.

Lees verder

Gesponsorde inhoud