Redacteur Politiek

De kiezer heeft morgen de opdracht die de politici in de campagne te vaak negeerden: even aan de realiteit denken.

Vijf jaar geleden, in de laatste weekendkrant voor de verkiezingen van 25 mei 2014, schetste De Tijd de inzet voor de regering die na de stembusgang zou aantreden. Zet elke Belg acht jaar langer aan het werk om de vergrijzing betaalbaar te maken, schreven we toen. Vereenvoudig de belastingen en verschuif ze. Saneer de begroting, trek 140.000 kinderen uit de armoede en verhoog de kwaliteit van het onderwijs. Haal minstens 50.000 allochtonen uit de werkloosheid, breng verdachten sneller voor de rechtbank, verkort de file, en maak de gezondheidszorg en de ziekenhuizen efficiënter. En omarm ondernemen, maak een Google in België mogelijk.

Desillusie

Sommige van die doelen zijn de voorbije jaren dichterbij gekomen. We gaan al iets later met pensioen. Er werken meer mensen. De lasten op arbeid zijn lager. De begroting is steviger dan vijf jaar geleden en de vergrijzingskosten zijn teruggedrongen. De armoede is - volgens de meest aanvaarde meetmethode - wel degelijk gedaald. De buitenlandse investeringen staan op een record en de vennootschapsbelasting is verlaagd. De hervorming van de ziekenhuizen is gestart. Andere doelen zijn niet of nauwelijks gelukt, zoals de ommeslag op onderwijs, justitie en de NMBS of het verkorten van de files.

Behalve de ontgoocheling over dat laatste, is er de desillusie dat het hervormingswerk dat wél vruchten afwierp, de voorbije legislatuur te snel stilviel en onder de verwachting bleef. Geen enkele regeringspartij wilde de laatste jaren nog politiek kapitaal besteden aan zinvolle hervormingen die op korte termijn pijn doen. Die besparingsmoeheid trok zich door in de campagne.

Niet alleen zwegen de aftredende regeringspartijen over mogelijke besparingen. Ook de oppositiepartijen deden alsof het geld uit de lucht zal vallen, of weigerden vlakaf te erkennen wat zonneklaar is: dat hun alternatief aan heel wat kiezers geld zal kosten.

De staat van ontkenning over de uitdagingen waar ons land voor staat, eindigt zondagavond.

In die zin zijn we in vijf jaar tijd ver afgegleden. Na de noodzakelijke stabiliteit die de regering-Di Rupo in 2010 bracht, zagen we in 2014 een verkiezingscampagne die naar de essentie van het sociaal-economisch debat ging en een regering die daarna de juiste uitdaging aanging. Die regering viel stil en daarna om, waarna in de campagne de essentie wegviel: wie zal dit allemaal betalen? Ofwel was het antwoord: u zeker niet. Ofwel werd de vraag genegeerd.

Die staat van ontkenning eindigt zondagavond. Want de uitdagingen zullen er nog altijd zijn: meer jobs, langer werken, een weerbare begroting, vlotter verkeer, een snellere justitie, minder armoede, een betaalbare gezondheidszorg, een ambitieuzer onderwijs, een efficiëntere overheid, lagere belastingen, een werkbaar klimaat- en migratiebeleid... Dat is de inzet waarop we onze stem zondag moeten baseren. Alleen zullen de antwoorden die na zondagavond op die vragen worden gegeven, na de botsing met de realiteit soms andere zijn dan degene die we de voorbije maanden hebben gehoord.

Inzet kiesgids
De kiesgids van De Tijd

De Tijd doorploegde de 966 pagina's van de Vlaamse partijprogramma's. Geen stemtest, maar een overzicht in 100 relevante vragen.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud