De schrik zit er weer in bij de belegger

Het Frans-Belgische biotechnologiebedrijf Diatos blies gisteren, net voor de geplande eerste notering, zijn beursplannen af. Diatos slaagde er niet in voldoende beleggers voor zijn kapitaalplannen warm te maken.

(tijd) Nochtans had het bedrijf zijn eerste doelstelling om 30 à 50 miljoen euro op te halen wegens de beurscorrectie van mei en begin juni al verlaagd tot 25 miljoen euro.

De mislukte beursgang van Diatos is een teken dat de beleggers, zowel de institutionelen als de particulieren, niet meer intekenen op eender welke introductie. Winst is immers niet meer zeker. De zes kleinere bedrijven die sinds eind mei naar de Vrije Markt van Brussel trokken, haalden samen een derde minder op dan gehoopt en zagen hun koersen meestal fors naar beneden gaan. Het contrast met vorig jaar is gigantisch. Toen zorgden vrijwel alle introducties op het niet-gereglementeerde segment van Brussel voor een 'flipo', een 'free lunch with initial public offering'. Beleggers konden intekenen op eender welke beursgang, en nadien hun stukken bijna zeker met winst verkopen.

Ondanks enkele succesvolle beursgangen, zoals die van de biotechbedrijven ThromboGenics en OMS, bewijst de flop van Diatos en andere recente introducties dat veel beleggers de schrik te pakken hebben. Dat is niet slecht. Door de beurscorrectie beseffen de investeerders opnieuw dat aandelen kopen ook risico's inhoudt. Dat waren sommigen na meer dan drie jaar onafgebroken beurshausse vergeten. De kleinste, meest risicovolle aandelen op de Brusselse Vrije Markt noteerden voor de correctie tegen 35 keer hun winst, een niveau dat aan de zeepbeljaren van het internettijdperk deed terugdenken. De correctie bij de meest risicovolle aandelen was welgekomen. Want zulke bedrijven moet je als belegger tegen een korting kunnen kopen, als vergoeding omdat zoveel dingen mis kunnen gaan.

De solide ondernemingen uit de Bel20 hebben de correctie veel beter doorstaan dan de kleine groeibedrijven. Ze zijn ook veel sneller hersteld. Het bewijst dat vooral de speculatieve beleggers niet meer meespelen, de losse handjes die hun stukken bij het minste onheil de deur uitgooien. Maar ook bij grote investeerders is de risicoaversie toegenomen. Een kwart van alle aangekondigde overnames in Europa gaat niet door. En onlangs moesten bedrijven als de Belgische elektroketen Krëfel, of de luchtvaartgroep Stork en de drukker RSDB in Nederland hun verkoopproces wegens te lage biedingen afblazen.

Hopelijk beseffen de zakenbankiers dat de rede bij de investeerders is teruggekeerd, en brengen ze bedrijven tegen een faire prijs voor de beleggers naar de markt. Alleen dan kan de beurs haar taak op lange termijn naar behoren vervullen, als een plaats waar het beschikbare geld zijn weg vindt naar beloftevolle bedrijven die het nodig hebben.

Serge Mampaey

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud