Stefaan Michielsen

De discussie over de digitale elektriciteitsmeter illustreert perfect de weerstand waarop klimaatmaatregelen botsen als ze concreet worden.

De invoering van de digitale elektriciteitsmeter verloopt moeizaam. De eerst voorziene datum van 1 januari 2019 om met de uitrol van de digitale meters te starten werd niet gehaald. Nu lijkt ook 1 juli bijzonder moeilijk te worden. Het grote struikelblok is dat de digitale meter de elektriciteitsfactuur voor de bezitters van zonnepanelen een flink pak duurder dreigt te maken. De digitale meter maakt het perfect mogelijk vast te stellen op welke tijdstippen iemand met zonnepanelen elektriciteit op het net zet en wanneer hij elektriciteit van het net haalt. En de prijs die hij krijgt voor de elektriciteit die hij zelf produceert, zal in de meeste gevallen beduidend lager liggen dan de prijs die hij moet betalen voor de elektriciteit die hij moet kopen. Wie geïnvesteerd heeft in zonnepanelen, dreigt door de komst van de digitale meter ferm ‘gesjareld’ worden.

De vorige Vlaamse minister van Energie Bart Tommelein (Open VLD) maakte zich sterk dat de eigenaars van zonnepanelen de eerstkomende 15 of 20 jaar financieel geen nadeel zouden lijden door de invoering van de digitale meters. De huidige minister Lydia Peeters (eveneens Open VLD) doet hetzelfde. Er wordt gewerkt aan een compensatieregeling. Maar de gesprekken daarover met de Vlaamse energieregulator VREG lopen moeilijk.

De onzekerheid over wat de digitale meter voor de bezitters van zonnepanelen brengt, heeft de investeringen van particulieren in zonnepanelen in Vlaanderen nagenoeg tot stilstand gebracht. Begrijpelijk, het gaat om een forse uitgave en er is voorlopig geen zicht meer op wat het mogelijke rendement ervan zal zijn.

Het stilvallen van de investeringen komt ongelegen, want net nu klinkt het overal dat we meer moeten inzetten op hernieuwbare energie in de strijd tegen de opwarming van de aarde. Als de digitale meters er zonder compensatieregeling komen, zal dat het enthousiasme van de Vlaamse gezinnen om in zonnepanelen te investeren fors bekoelen. En wie dat in het verleden wel heeft gedaan, zal zich terecht bekocht voelen.

Waar ligt de knoop gebonden? De VREG staat afkerig tegenover een compensatieregeling. De regulator is van mening dat het aanrekenen van de échte prijs voor de elektriciteit die hij van het net haalt, de bezitter van zonnepanelen zal aanzetten tot een efficiënter energiegebruik. Dat is een gerechtvaardigd standpunt. En maatschappelijk verdedigbaar, omdat het perfect past in de strijd tegen de opwarming.

De dringende noodzaak om efficiënter met energie om te springen en minder een beroep te moeten doen op elektriciteit opgewerkt in traditionele centrales botst met de financiële belangen van wie zonnepanelen heeft geïnstalleerd en vertrouwde op een stabiel regelgevend kader. De twee zijn moeilijk te verzoenen.

Aan de maatregelen tegen de opwarming hangt een kostenplaatje. Dit is een concreet voorbeeld van die ongemakkelijke waarheid. Zijn we bereid de prijs te betalen. Of niet?

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Partner content