Economische oorlog

Toen de Staatsveiligheid nu al tien jaar geleden de wettelijke opdracht kreeg het Belgische ‘wetenschappelijk en economisch potentieel’ (WEP) te beschermen, was dat allesbehalve vanzelfsprekend. De eerste jaren is dat zelfs door de hogere echelons afgeblokt. De inlichtingendienst had niets te zoeken in het reilen en zeilen van het bedrijfsleven, was de teneur destijds.

Maar tijden veranderen. Het Comité I, dat de inlichtingendienst controleert, besluit nu - na vier jaar onderzoek - dat de Staatsveiligheid te weinig analisten en geheim agenten op het terrein inzet om onze bedrijven en kenniscentra te beschermen. Het Comité I laakt ook de lakse houding van de inlichtingendienst bij het erover waken dat strategische Belgische bedrijven uit buitenlandse handen blijven.

De bevoegde sectie bij de Staatsveiligheid is inderdaad onderbemand. Zelfs na enkele recente versterkingen. Aan motivatie ontbreekt het de bevoegde geheim agenten niet echt, maar je met een handvol mensen moeten ontfermen over de hele Belgische economie is een helse klus.

Nochtans zijn de gevaren verre van denkbeeldig. Onze geheim agenten vechten niet tegen windmolens. Buitenlandse inlichtingendiensten azen wel degelijk op Belgische bedrijfsgeheimen om hun eigen bedrijven te bevoordelen.  Denk maar aan de bekende Chinese spion-studenten. Maar zelfs onze zuiderburen hebben een aparte dienst voor ‘intelligence économique’. Binnen onze landsgrenzen, zeker in Brussel, zijn ook ‘private’ inlichtingenbedrijfjes aan de slag. Voor de juiste prijs zijn zulke bedrijfjes, waarvan enkele zelfs deel uitmaken van internationale groepen, tot veel bereid, zoals het omkopen van schoonmaakpersoneel of bewakingsagenten om gegevens te stelen. Als zelfs Amerikaanse overheidscomputers niet bestand blijken tegen spionage uit China, is de Belgische economie, die leeft van onderzoek en ontwikkeling, een vogel voor de kat.

Maar moeten we (andermaal) de Staatsveiligheid met de vinger wijzen? Ook de opeenvolgende federale regeringen treffen zeker schuld. Waarom kreeg de geheime dienst pas in 2007  van de regering een officiële invulling van zijn opdracht om ons wetenschappelijk- en economisch patrimonium te beschermen? Na negen jaar wist de dienst eindelijk wat hem te doen stond.

Ook het bedrijfsleven schiet tekort. Als de bevoegde dienst van de Staatsveiligheid op bezoek gaat bij ‘gevoelige’ ondernemingen, is de desinteresse nog groot. Onze bedrijfsleiders hebben nog te veel andere bekommernissen. Terwijl je na jaren investeren in onderzoek en ontwikkeling toch beter garandeert dat de vrucht van die investering veilig is.

Ach, zelfs bij andere overheidsdiensten krijgt de dienst-WEP van de Staatsveiligheid nog vaak de deur tegen de neus.
Zeker in tijden van crisis mogen we niet langer blind zijn voor de wereldwijde ‘economische oorlog’. Daarin worden niet alleen legale wapens ingezet. Andere landen hebben dat al jaren geleden gesnapt. België en zijn bedrijfsleven blijkbaar nog niet.

Lars BOVE

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud