Senior writer

Hoe de wereld tegen een aanvaardbare prijs voorzien van voldoende energie, als olie, gas en steenkool in de ban gaan? Dat wordt een grote uitdaging.

De gasprijs in Europa klom dinsdag alweer 10 procent hoger tot een nieuw recordpeil. Hij verdubbelde in een goede maand tijd. Ruwe olie werd eveneens duurder. Een vat Noordzee-olie kost al 55 procent meer dan begin dit jaar. En om het plaatje volledig te maken: ook de prijs van steenkool scheert hoge toppen.

Stilaan kan gewag worden gemaakt van een energiecrisis. De hoge prijzen jagen de energierekening van gezinnen en bedrijven fors omhoog. Ze sijpelen ook door in de verkoopprijzen van aardig wat producten, drijven zo de inflatie op en tasten de koopkracht van de gezinnen verder aan.

De wereldeconomie draait nog maar net op het toerental van voor de coronacrisis. Toen was er geen probleem met de energiebevoorrading. Waarom dan nu wel? Het heeft te maken met ‘toevallige’ factoren die het aanbod verstoren, met gas- en olieproducenten die de kraan niet helemaal opendraaien, met hogere CO2-heffingen, en met een vraag die aangewakkerd door hamsterwoede van energieleveranciers, ingegeven door de vrees voor energietekorten in de winter die voor de deur staat.

De overheid heeft niet meteen vat op dure energie. Maar het bezorgt haar wel hoofdbrekens. Want het veroorzaakt gemor bij bedrijven en vooral bij gezinnen.

Bedrijven kunnen hun hogere energiekosten misschien nog doorrekenen, gezinnen niet. Het geld dat de gezinnen extra moeten betalen voor hun energiefactuur, kunnen ze niet aan andere zaken besteden. En het gaat meestal niet om enkele euro's, maar om tientallen of zelfs een paar honderd euro's. Het dreigt het economisch herstel na de coronacrisis een ferme pad in de korf te zetten.

Als het echt tot een energietekort komt, wordt een rantsoenering misschien onvermijdelijk. En dan moeten lastige keuzes worden gemaakt.

In verschillende landen proberen regeringen de financiële pijn voor de gezinnen – de kiezers – te verzachten. Ze bevriezen de prijzen, pakken uit met subsidies of halen sommige belastingen uit de energiefactuur. Meer dan een doekje voor het bloeden is dat niet, het heeft geen enkele invloed op de internationale gas- en olieprijzen.

Een manier om de prijshausse en de energiecrisis af te koelen, is het verminderen van de vraag. Dat is echter niet evident met de winter die voor de deur staat in het noordelijke halfrond, waar de meeste industrielanden zich bevinden. Als het echt tot een energietekort komt, is een rantsoenering misschien onvermijdelijk. En dan moeten lastige keuzes worden gemaakt. Gezinnen zonder verwarming zetten? Of bedrijven stilleggen, met alle economische schade die dat meebrengt?

Het opdrijven van gas- en oliewinning en -leveringen is een andere oplossing. Daarvoor moet worden gerekend op de goodwill van de producenten. En het gaat in tegen de strijd tegen de klimaatverandering, want het zijn fossiele brandstoffen die verantwoordelijk zijn voor heel wat CO2-uitstoot.

Als het meevalt, kan deze energiecrisis wel bedwongen worden. Tot de volgende eraan komt. Op middellange en lange termijn is dat een grote uitdaging: hoe de wereld tegen een aanvaardbare prijs voorzien van voldoende energie, als olie, gas en steenkool in de ban gaan? Wie zegt dat het allemaal wel los zal lopen, vertelt leugens.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud