Bart Haeck

Sociale media vormen meer dan ooit het terrein voor de verkiezingsstrijd. Daarom vragen De Tijd en de VRT uw hulp om er meer zicht op te krijgen.

Hoe proberen politieke partijen u de komende maanden te bereiken via Facebook of andere sociale media? Dat is de vraag waarop De Tijd, in samenwerking met de openbare omroep VRT, de komende maanden een helder antwoord probeert te vinden en daarvoor op zoek is naar uw hulp. We vragen software te installeren die is ontwikkeld door de journalistieke non-profitorganisatie ProPublica. Die stuurt politieke advertenties door naar onze redactie. Andere niet-politieke advertenties of uw persoonlijke gegevens ziet de software niet, zodat die ook niet bij ons belanden.

Big data

Het gaat om een uitzonderlijk project dat nodig is omdat ook deze campagnetijden uitzonderlijk worden. De politieke partijen zullen meer dan ooit op de sociale media steunen om hun kiezers te begrijpen en te bereiken. Dat biedt legitieme voordelen, omdat politici zo te weten komen waar hun traditionele kiezers wonen en in welke buurten ze nog de overtuigingsstrijd moeten voeren. Via big data krijgen ze ook een beter inzicht in hoe de wijken in hun gemeente van elkaar verschillen en wat de noden zijn.

De politieke partijen zullen meer dan ooit op de sociale media steunen om hun kiezers te begrijpen en te bereiken.

Maar er zijn gevaren. Een eerste voorbeeld is de ‘beginnersfout’ die CD&V deze week zuur opbrak, nadat gebleken was dat de partij haar Facebook-fanpagina had uitgebouwd tot die van een ‘wereldwijde familie van christendemocraten’, waardoor er door een speling van het internationale klikgedrag plots 10.000 Indiërs de Vlaamse christendemocraten leuk vonden. De partij deed zich daardoor op de sociale media populairder voor dan ze binnen de grenzen van de Vlaamse kieskringen is.

Reputatie

Op zich is dat een vrij onschuldig voorval waarbij geen schade is veroorzaakt, behalve dan misschien aan de reputatie van de partij. Veel verontrustender waren de pogingen vanuit Rusland om via de software en data van Cambridge Analytica de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2016 te beïnvloeden. Er zijn ook vermoedens dat gelijkaardige pogingen werden ondernomen bij de brexitcampagne van datzelfde jaar. Ook de Franse kiezers werden tijdens de laatste weken van de presidentsverkiezingen in 2017 bestookt met ronduit foutieve, uit Rusland afkomstige, informatie over toen nog kandidaat-president Emmanuel Macron.

Telkens werd geprobeerd een verkiezingscampagne te kapen. Het leidde er onder meer toe dat de Ierse overheid vorige maand, in de aanloop naar het abortusreferendum, online politieke campagnes van buitenlandse lobbygroepen verbood.

Terra incognita

Dat doet er des te meer toe omdat in ons land de manier waarop partijen campagne mogen voeren bijzonder strikt gereglementeerd is. De partijen mogen niet zomaar geschenken uitdelen, of vlak voor de verkiezingen telefooncampagnes organiseren of reclamespots op radio of televisie uitzenden. Zelfs voor de grootte van de reclameborden langs de weg geldt een maximum en ze mogen niet overal staan.

Maar sociale media zijn terra incognita. Ze vormden destijds het succesrecept van de verkiezingscampagnes van Barack Obama in de VS, maar ze vormden de nachtmerrie van de verkiezingen van 2016. Net omdat verkiezingen in een democratie het cruciale mechanisme zijn dat bepaalt wie de macht krijgt en wie niet, verdient de manier waarop kiezers tijdens de verkiezingscampagne via nieuwe technieken worden benaderd minstens grondige kennis en even grondige, op data gesteunde, berichtgeving.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content