De dood van George Floyd brengt een ongeziene protestgolf op gang in de VS. De Amerikaanse verdeeldheid ligt open en bloot op straat.

52 jaar na de moord op Martin Luther King rolt opnieuw een soms gewelddadige protestgolf door de VS. De hardhandige arrestatie van George Floyd met zijn dood tot gevolg brengt nog maar eens het brutale optreden van de politie tegenover de Afro-Amerikanen aan het licht. 

Volgens Amerikaanse media is die protestgolf even groot als in 1968. De voedingsbodem van de crisis is bijzonder rijk. Covid-19 sloeg al hard toe in de Afro-Amerikaanse gemeenschap, waar beduidend meer slachtoffers vielen. Daarnaast zijn er de torenhoge werkloosheidscijfers, die ook in die gemeenschap de grootste slachtoffers maken. George Floyd was de spreekwoordelijke druppel die het hele protest op gang bracht. 

De lijst van Afro-Amerikanen die omkomen bij nodeloos politiegeweld is lang. Elke president kreeg er wel mee te maken, geen enkele vond er een sluitend antwoord op. Opmerkelijk is dat het protest wereldwijd uitdijt, vaak uit solidariteit, maar in Canada en in Brazilië bijvoorbeeld zijn de protesten gericht op de eigen onvolkomenheden van politieoptredens.

Het probleem van het latente racisme is in de VS nooit aangepakt. In 1968 werd ook de Democratische kandidaat Robert Kennedy vermoord. Het resultaat was dat de Republikein Richard Nixon de volgende verkiezingen won. Hij deed dat met een programma dat volledig gebaseerd was op 'law and order'.

De VS zijn zo politiek verdeeld dat het moeilijk geworden is aan politieke oplossingen te werken.

Nu trekt president Donald Trump dezelfde kaart. Voor zijn kiesbasis is dat een logische keuze. Volgens de president heeft radicaal-links de hand in de gewelddadige rellen. Het antwoord is dan simpel: stuur de Nationale Garde op pad. Wat de geweldspiraal nog meer doet opflakkeren.

Trump gaat gemakshalve voorbij aan de vele honderdduizenden betogers die wel vreedzaam betogen en die opkomen voor een decente omgang tussen de bevolkingsgroepen.

De VS zijn zo politiek verdeeld dat het moeilijk geworden is aan politieke oplossingen te werken. Opvallend is dat andermaal de gewezen president Barack Obama de stem van de Democraten moet laten horen. De officiële presidentskandidaat Joe Biden blijft schitteren door afwezigheid.

De kloof tussen de Republikeinen en de Democraten is zo groot dat geen enkele kandidaat nog een brug kan slaan. Dat is bijzonder pijnlijk, want een gezamenlijke aanpak onder een bezielende leiding kan misschien een oplossing bieden. Maar zelfs iemand als Obama, die 2014 geconfronteerd werd met een gelijkaardig geval in New York, kon het tij niet keren.

Het protest is bijzonder intensief. De vraag is of die druk voldoende is om tot een mentaliteitswijziging te komen. Geweldloosheid was de grote troefkaart van Martin Luther King, maar zijn tegenstanders beslisten er anders over. De dood van George Floyd kan verandering inzetten, maar de kans daarop blijft klein.

Lees verder

Gesponsorde inhoud