Stefaan Michielsen

De mate van succes bij het binnenhalen van buitenlandse investeringen vormt een graadmeter voor de aantrekkelijkheid van het ondernemingsklimaat.

Vlaanderen heeft vorig jaar in 234 projecten voor 4,24 miljard euro buitenlandse investeringen aangetrokken. Dat is in aantal projecten een pak meer dan in 2017 en qua financieel gewicht meer dan een verdubbeling, wat onder meer te maken heeft met een grote investering van de Oostenrijkse chemiegroep Borealis in de Antwerpse haven.

Nu al staat vast dat 2019 eveneens een grand-crujaar wordt. Vorige week maakte het Britse Ineos officieel bekend dat het twee nieuwe fabrieken in het Antwerpse havengebied bouwt, een mega-investering van 3 miljard euro.

Buitenlandse investeringen zijn een verrijking voor de Vlaamse economie.

De buitenlandse projecten zijn maar een deel van het totale bedrag dat de bedrijven jaarlijks in ons land investeren. Maar ze zijn belangrijk, omdat ze een sterke graadmeter zijn voor de aantrekkelijkheid van het investeringsklimaat in Vlaanderen. Er bestaat tussen landen en regio’s een stevige concurrentie om buitenlandse investeringen binnen te halen. Rotterdam heeft ook hard gelobbyd om de Ineos-investeringen binnen te halen.

Faveurtjes

Die buitenlandse investeringen komen dus niet uit de lucht vallen. Er moet stevig voor worden geknokt. Het komt erop aan de CEO’s van de buitenlandse bedrijven te overtuigen dat Vlaanderen een uitstekende keuze is. Als ze bijzondere eisen stellen, moet daaraan in de mate van het mogelijke tegemoet worden gekomen. En af en toe moeten faveurtjes worden uitgedeeld. Uit een enquête van de Nationale Bank bij de ondernemingen blijkt dat overheidsstimuli en subsidies een rol spelen bij hun investeringsbeslissingen.

De buitenlandse investeringen die Vlaanderen in 2018 aantrok, leveren ruim vijfduizend extra jobs op. Dat is niet ontzaglijk veel. Maar indirect kan er nog meer bijkomende werkgelegenheid uit voortvloeien. Het grote belang van die buitenlandse investeringen zit in de nieuwe activiteiten of de specialisatie waarmee ze de economie in onze regio verrijken. Ze vormen een welgekomen aanvulling op de activiteiten van de Vlaamse bedrijven, die uiteraard de belangrijkste pijler blijven van onze economie.

Verdedigbaar

De ervaring leert dat als een buitenlandse groep een eerste investering in Vlaanderen doet er nog meer kunnen volgen. Borealis is al vele jaren in Vlaanderen aanwezig. Het distributiecentrum dat het Nieuw-Zeelandse Mainfreight vorig jaar in Zwijnaarde opende, was al de derde investering van de logistieke groep in Vlaanderen in enkele jaren tijd. De keuze van Ineos voor Antwerpen als locatie voor zijn twee nieuwe fabrieken werd mee beïnvloed door het feit dat de Britse groep daar al aanwezig is.

Het is daarom absoluut verdedigbaar dat de Vlaamse overheid zich inspant om buitenlandse investeringen aan te trekken. Het verplicht haar ook om er permanent over te waken dat het ondernemingsklimaat goed blijft.

Het is daarom absoluut verdedigbaar dat de Vlaamse overheid zich inspant om buitenlandse investeringen aan te trekken. Het verplicht haar ook om er permanent over te waken dat het ondernemingsklimaat goed blijft. Het gaat dan over mobiliteit, de ondernemingsfiscaliteit, de energievoorziening, de beschikbaarheid van arbeidskrachten, de arbeidskosten, de regelgeving, en zo meer. Als de buitenlandse investeerders wegblijven, is dat een signaal dat het ondernemingsklimaat verslechtert. En een signaal dat door de beleidsmakers ernstiger genomen wordt dan als het van Vlaamse bedrijven komt.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Partner content