Het jaarlijkse vergrijzingsrapport toont aan dat we ons geen leven zonder economische groei kunnen permitteren. Als we een welvaartsstaat willen, moeten we er harder voor werken.

Hebben we wel economische groei nodig? De vraag wordt soms opgeworpen in discussies over klimaat en de eindigheid van onze planeet. De coronaschok die de Belgische economie dit jaar volgens de Nationale Bank tot 9 procent doet krimpen vormt in dat verband een interessante test.

Laat er geen twijfel over bestaan: de test is pijnlijk. Eigenlijk is het simpel: als je als gezin je huis hebt afbetaald en alle toekomstige kosten goed onder controle hebt, kan je misschien met wat lagere inkomsten en een trager leven rondkomen. Als je nog zware schulden moet aflossen en geen reserves hebt voor uitgaven die nog moeten komen, heb je geen andere keuze dan te blijven geld verdienen.

Wekelijks betaalt de overheid 1 miljard euro aan pensioenen in ons land.

In die zin is het jaarlijkse rapport van de Vergrijzingscommissie, een onderdeel van het Federale Planbureau, opnieuw ontnuchterend. Van alle welvaart die jaarlijks wordt geproduceerd in België besteedt de overheid op dit moment een kwart aan sociale uitgaven. Om een idee te geven: wekelijks betaalt de overheid 1 miljard euro aan pensioenen.

Wie dat veel vindt, heeft nog niets gezien. Tegen 2040 zal de overheid niet langer 25 procent van het bruto binnenlands product (bbp) spenderen aan sociale uitgaven - de facto is dat de volledige sociale zekerheid, van ziekenhuizen en medicijnen tot pensioenen en andere uitkeringen. Dan wordt dat 30 procent.

Een sprong van 5 procent van het bbp klinkt abstract maar is fenomenaal. Het is twee keer het volledige budget voor defensie, openbare orde, politie en veiligheid. Het is vier op de vijf euro's van alles wat we in België aan onderwijs uitgeven, van de eerste kleuterklas tot de universiteit. Het is evenveel als de volledige budgetten voor werkloosheid, arbeidsongeschiktheid en kinderbijslag samen.

Aloude discussie

Hoe groter de jaarlijkse welvaart, hoe makkelijker dat te betalen is. Hoe meer mensen werken, hoe makkelijker het wordt. Hoe productiever die mensen werken, hoe vlotter het gaat. De coronaschok heeft - minstens tijdelijk - al die dingen moeilijker gemaakt. Het bbp krimpt, de werkloosheid stijgt en in de anderhalvemetereconomie dreigt het net dat tikkeltje lastiger te worden om even efficiënt hetzelfde werk te verzetten.

Dat zet helaas weer eens dezelfde aloude discussie op scherp. We leven in een land waarin jarenlang de harde keuzes die moeten worden gemaakt niet werden gemaakt. Waarin geen reserves opzij staan voor onverwachte schokken, zoals de coronacrisis. Waarin zelfs geen reserves opzij staan voor verwachte schokken, zoals de oplopende factuur voor de ouder wordende bevolking of de klimaatverandering.

Het enige pluspunt is dat we ons op korte termijn uit de problemen kunnen blijven lenen. Maar dat kan nooit de strategie met horizon 2040 zijn. Dat besef is nog altijd te weinig doorgedrongen, zowel bij veel kiezers als in de Wetstraat. Als we een welvaartsstaat willen, moeten we er voor werken. Een leven met minder economische groei klinkt misschien aangenaam, maar we kunnen het ons niet permitteren.

Lees verder

Gesponsorde inhoud