Bart Haeck

De Europese top in het Roemeense Sibiu, vlak voor de verkiezingen, toont hoe het zwaartepunt van de Europese macht bij de Europese hoofdsteden ligt.

Als een echtpaar dat na moeilijke jaren de huwelijksgeloften hernieuwt, hielden de staatshoofden en regeringsleiders van de EU27 donderdag in de Roemeense provinciestad Sibiu een top over de toekomst van de Europese Unie. Ze schaarden zich achter tien vage beloftes, zoals ‘Europa dichter bij de burgers brengen’, ‘kwetsbare groepen bijstaan’ en ‘een verantwoordelijke wereldleider zijn’. ‘Ongeacht onze politieke verschillen geloven we allemaal dat samenwerken beter is’, verwoordde de Duitse bondskanselier Angela Merkel het.

Het lijkt op het eerste gezicht much ado about nothing, maar toch leert de top een paar dingen. Ten eerste was de ontmoeting bedoeld om de Europese Unie van 27 na de brexit een nieuw elan te geven. Om die reden was de Britse premier Theresa May niet uitgenodigd, al is de brexit nog altijd niet geregeld. Maar van een nieuw elan is geen sprake.

Het zwaartepunt van de Europese democratie ligt niet in het Europees Parlement, maar in de nationale hoofdsteden.

Ten tweede toont de top, alle campagnes rond de Europese verkiezingen ten spijt, waar het zwaartepunt van de Europese democratie ligt: niet in het Europees Parlement, maar in de nationale hoofdsteden. De top in Sibiu maakt deel uit van een langere beraadslaging waarbij de Europese regeringen een mandaat voorbereiden waar de volgende Commissie mee aan de slag moet.

Dat kan ontgoochelend klinken voor wie gelooft in de kracht van Europese samenwerking, maar au fond is het hoe de Europese democratie bewust is opgebouwd. De legitimiteit van de EU moet nog altijd in de lidstaten worden verdiend. De nationale regeringen worden weggestemd als het Europees beleid faalt. Ook is er geen Europese kieskring: je mag Merkel ophemelen of haar haten, electoraal maakt het niets uit. Je kan niet op haar stemmen.

Dat brengt Brussel, waar de Commissie en de Raad werken, niet meteen dichterbij. Sibiu mag dan ver van de Belgische hoofdstad lijken te liggen, het is even ver in de omgekeerde richting. Terwijl ook de inwoners van de Roemeense provinciestad het in Brussel gemaakte beleid ondergaan.

In Vlaanderen lijken de Europese verkiezingen uit te draaien op een keuze tussen meer of minder Europa.

Het is dus niet zo verwonderlijk dat de Europese verkiezingen in ieder land een andere dynamiek hebben. In het Verenigd Koninkrijk zullen ze neerkomen op een tweede brexitreferendum. In Oost-Europa en Italië, leert een reportagereeks die vandaag in De Tijd start, zullen de verkiezingen uitdraaien op een referendum over strengere migratie.

In Vlaanderen lijken ze behalve op een links-rechtskeuze voor het eerst ook neer te komen op een keuze tussen nauwere samenwerking - het klassieke Belgische standpunt - of opnieuw meer beslissingsmacht voor de Belgische en Vlaamse overheid, zoals de N-VA en het VB willen.

De kiezer moet zich van die spanning bewust zijn. Want de meesten willen twee contradictorische dingen: een EU die meer resultaten boekt, maar ook een waarin België veel te zeggen heeft en er geen democratisch deficit ontstaat. Ofwel bereik je het eerste door met een Europese meerderheid in het Europees Parlement te beslissen, ofwel geef je de hoofdsteden vaker vetorecht. Maar beide samen lukt moeilijk.

Lees verder

Tijd Connect