Als niet mag worden geraakt aan de vele heilige huisjes die bestaan in onze fiscaliteit, is de verdere discussie over een ambitieuze taxshift zinloos.

Vlaams minister van Mobiliteit Ben Weyts (N-VA) oogstte weinig bijval met zijn voorstel dit weekend om een kilometerheffing in te voeren voor personenwagens. Dat is volgens de meeste mobiliteitsexperten nochtans een probaat middel om de files, die in Vlaanderen almaar hardnekkiger worden, te bestrijden. Buitenlandse voorbeelden bewijzen dat het werkt. Maar de Vlaming wil er niet van weten. Hij staat liever in de file dan extra te moeten betalen om vlot met zijn auto op zijn bestemming te kunnen geraken.

De aversie van de Vlaming voor rekeningrijden heeft te maken met zijn vrees dat dit uiteindelijk zal neerkomen op een extra belasting. Maar dat hoeft het niet te zijn. De invoeren van een kilometerheffing kan gepaard gaan met een verlaging van andere verkeersbelastingen. Maar daar gelooft hij niet in.

Er is echter meer. De Vlaming is gehecht aan zijn auto, en aan zijn vrijheid om ermee te rijden wanneer en naar waar het hem belieft. Hij kan het niet hebben dat daaraan wordt geraakt. O wee de politicus die dat probeert. De auto is een heilig huisje. Federaal vicepremier Kris Peeters (CD&V) beseft dat ook: hij liet het afgelopen weekend weten de bedrijfswagens niet te zullen viseren tijdens de besprekingen over de taxshift.

De woning van de Vlaming is zo’n ander heilig huisje waar onder geen beding aan mag worden geraakt. Ook niet om een scheefgegroeide en onrechtvaardigde situatie recht te zetten. Zoals de kadastrale inkomens die sinds 1975 niet meer zijn herzien, maar wél de belangrijkste basis vormen voor de vastgoedfiscaliteit.

Een herziening van de kadastrale inkomens hoeft niet te resulteren in een algemene verhoging van de vastgoedbelastingen. Een hogere belastbare basis kan worden gecompenseerd door lagere tarieven. Toch is bij de politici weinig animo voor een herschatting van de kadastrale inkomens. Daar worden allerlei drogredenen voor aangevoerd. Maar Koen Van den Heuvel, fractieleider van CD&V in het Vlaamse parlement deed er niet flauw over gisteren in het tv-programma De Zevende Dag. ‘Voor ons is dit een heilig huisje waar niet aan geraakt kan worden’,  zei hij.

Dat de Vlaming wantrouwend staat tegenover rekeningrijden of een aanpassing van het kadastraal inkomen is begrijpelijk. De vrees dat dit tot een belastingverhoging voor de al zwaar belaste burgers in dit land, is niet onterecht. Maar soms kunnen belastingmaatregelen aangewezen zijn om een doelstelling te realiseren die in het algemeen belang is, zoals het wegwerken van de files of de rechtvaardigheid herstellen in de vastgoedfiscaliteit. Het is de opdracht van de politici de burgers te overtuigen van het nut en de noodzaak van de maatregelen, in plaats van zich te verschuilen achter de ‘heilige huisjes’, uit schrik daar later electoraal te worden afgestraft.

Want als aan de vele heilige huisjes niet mag worden, ook niet van de politici, hoe kan dan ooit de ambitieuze taxshift worden gerealiseerd waar diezelfde politici de mond vol van hebben? Hoe valt  bijvoorbeeld de absolute njet van CD&V tegen een herziening van de kadastrale inkomens te rijmen met het pleidooi van dezelfde partij voor een rechtvaardiger belastingsysteem?

Als alle heilige huisjes inderdaad ontzien moeten worden, laat ons dan niet langer tijd en energie steken in de discussies over de taxshift. Want dan zijn al die discussies zinloos.

Lees verder

Gesponsorde inhoud