Het einde van de politieke moed

De Nederlandse christendemocraat Jan Peter Balkenende spreekt vandaag koningin Beatrix over de vorming van een nieuwe regering. De komende dagen stelt Beatrix wellicht oud-premier Ruud Lubbers (CDA) als informateur aan.

Hoe die bewindsploeg er zal uitzien, is koffiedik kijken. Maar het valt te verwachten dat ze de economie minder ingrijpend zal hervormen dan het vorige kabinet.

Daar zijn twee indicaties voor. Balkenende werd begin dit jaar in de gemeenteraadsverkiezingen al afgestraft voor zijn harde beleid. Sindsdien verklaarde hij dat zwaar sleutelen aan de verzorgingsstaat niet meer hoeft.

De tweede reden ligt in de verkiezingsuitslag. De partijen in de Tweede Kamer zijn versplinterd: de drie grote (CDA, PvdA en VVD) gingen achteruit. Daarmee creëren ze niet alleen ruimte voor exoten als de Partij voor de Dieren, ze bemoeilijken ook de coalitievorming. Voor een meerderheid zijn minstens drie partijen nodig. De ervaring leert dat meerderheidspartijen in dergelijke bestuursploegen elkaars ingrijpende plannen blokkeren.

Voor wie het van op wat afstand bekijkt, is het allemaal een beetje bizar. Balkenende hertimmerde de voorbije vier jaar de Nederlandse verzorgingsstaat grondig. Hij snoeide in de uitkeringen, maakte het vervroegd pensioen minder aantrekkelijk en liet de vrije markt spelen in sectoren zoals de gezondheidszorg.

Het zijn stuk voor stuk maatregelen die eerst grote onrust veroorzaken, maar op lange termijn hun effect niet missen. Dat de Nederlandse economie vrij goed presteert, heeft, minstens gedeeltelijk, met die hervormingen te maken.

De cijfers spreken voor zich. De economie groeit dit jaar naar verwachting met 3 procent. De werkloosheid bedraagt een luttele 3,9 procent, de helft van het Belgische cijfer.

De economische opleving heeft de herverkiezing van Balkenende een duw in de rug gegeven. Maar omdat hervormingen eerst onrust veroorzaken, heeft Balkenende ook electoraal voordeel gehaald uit de belofte dat hij stopt met hervormen. Het Nederlandse tijdperk van de politieke moed lijkt daarom achter de rug.

Dat is jammer, omdat ook onze politici over het muurtje kijken om te zien hoe de Nederlandse buren het doen. Dat de Nederlandse kiezers noodzakelijke, maar pijnlijke maatregelen belonen, zou ook voor onze politici een bemoedigend signaal geweest zijn.

Nu is dat signaal aan de politici heel wat diffuser: hervorm alleen wanneer er geen verkiezingen in het verschiet liggen en hou ermee op wanneer een stembusgang in aantocht is. In het federale België, een land met veel verkiezingen, zegt dat veel over de kans dat ook bij ons een periode van politieke moed aanbreekt.

Dat die moed nodig is, wordt treffend samengevat in het boek 'De aarde is plat' van Thomas Friedman: 'Iedereen wil economische groei, maar niemand wil verandering.'

Bart HAECK

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud