<I>Pigment over Google in boekenland:</I> De allergrootste bibliotheek

(tijd) - Sedert goed een jaar scant Google de collectie van vijf van 's werelds grootste bibliotheken en zet ze op het net, om ze straks gratis aan de lezer aan te bieden. Het Amerikaanse bedrijf met de bekendste internetzoekmachine sluit ook contracten af met uitgeverijen, tot in ons land toe. Ligt voor boeken, boekenverkopers en bibliotheken de Grote Bijltjesdag in het verschiet?

Het was het grote thema op de Frankfurter Buchmesse vorige maand, het zal niet anders zijn op de gisteren geopende boekenbeurs: wat is Google met boeken van plan, en wie riskeert straks de klappen te incasseren?

Wie de website print.google.be raadpleegt, krijgt voorlopig veel uitleg en weinig resultaat. Van veruit de meeste boeken zijn maar de enkele bladzijden te lezen waarin je een gezocht trefwoord terugvindt. Wel wordt doorverwezen naar waar je het boek kan kopen. Integrale boeken - waarvan het auteursrecht is vervallen, en waarvan de tekst dus zomaar op het net kan - zijn nog zeldzaam en niet echt handig te raadplegen, pagina na pagina in telkens een apart frame.

Maar de ambities reiken hoger. Het bedrijf uit het Californische Mountain View sloot in december vorig jaar akkoorden met vijf van de grootste bibliotheken ter wereld - die van de universiteiten van Harvard, Stanford, Michigan en Oxford, naast de openbare bibliotheek van New York - om hun collecties te scannen en op het net te zetten. De bedoeling is tegen 2015 15 miljoen exemplaren volledig raadpleegbaar te maken.

Daarvoor zijn grote scaninstallaties nodig, die alleen al in Oxford tot 10.000 boeken per week integraal kunnen inlezen. Google zou ruim 150 miljoen euro willen investeren, en hoopt die ooit te kunnen recupereren via publiciteit bij zoveel 'content'. De bibliotheken kost het project geen euro.

Via Google en de vijf bibliotheken wordt tussen nu en tien jaar een groot deel van het westers - of zeker toch Angelsaksisch - intellectueel erfgoed dus gratis raadpleegbaar op het internet. Voor zo goed als alle boeken van voor 1920 geldt immers geen copyright meer. Voor wat nadien gepubliceerd werd, met nog vigerend auteursrecht, is de strijd volop ontbrand.

Google scande ook die werken, naarmate het die in de bibliotheken vond, niet om ze integraal te publiceren, wel om ze op trefwoord voor een beperkt aantal pagina's toegankelijk te maken en dan door te verwijzen naar aankoopsites. Maar een aantal Amerikaanse uitgevers en 8.000 individuele auteurs die hun copyright zelf bewaken, dienden in augustus een klacht in, omdat ze daarin niet vermeld werden. Google zette het scannen van de beschermde werken tijdelijk stop, maar kondigde maandagavond aan er toch mee door te gaan.

'Wat bij Google vooral nieuw is, is de omvang van wat ingescand wordt', zegt Piet De Keyser, bibliothecaris van de Katholieke Hogeschool Leuven. De Keyser schreef onlangs een artikel in het vakblad Bibliotheek- en Archiefgids over de verregaande gevolgen van het Google-fenomeen. 'De effecten van zoiets op het bibliotheekwezen zijn niet in te schatten. Waar gaan Angelsaksische bibliotheken nog geïnteresseerden vinden voor hun historische fondsen, als die bijna allemaal raadpleegbaar zijn op het internet, van thuis uit, dag en nacht, in plaats van in een moeilijk bereikbaar stadscentrum tussen bepaalde uren en met soms nog een wachttijd om het boek uit een magazijn te halen.'

'Voor wetenschappelijke literatuur kennen we al iets gelijkaardigs. De meeste tijdschriften die een student, docent of onderzoeker destijds moest raadplegen in wetenschappelijke bibliotheken - en doorgaans niet mocht meenemen - hebben nu een elektronische versie, en vaak zelfs al geen papieren meer. Gratis is dat natuurlijk niet, tenzij via een wetenschappelijke instelling die dat voor haar leden betaalt. Ben je bijvoorbeeld student in Leuven, dan volstaat je paswoord voor Kotnet om ze gratis te raadplegen, ook al zit je net in Sjanghai.'

Google beperkt zich niet tot Engelstalige boeken. Franse, Latijnse, Duitse of Spaanse uit de vijf biblio-theken, ze gaan mee het net op. Mede daarom werd in januari groot alarm geslagen in het kantoor van Jean-Noël Jeanneney, de hoofdbibliothecaris van de Bibliothèque Nationale in Parijs. Hij riep op tot een tegenaanval tegen Google, nadat hij zijn rekening had gemaakt: Frankrijk besteedt per jaar amper een tiende van het budget van Google aan digitaliseringsprojecten, die dan nog veel meer versnipperd zijn.

Drie maanden later vroeg president Chirac, samen met zijn Duitse, Spaanse, Italiaanse, Poolse en Hongaarse collega's in een brief aan de Europese Commissie om iets te doen 'omdat het om een fundamentele kwestie van culturele diversiteit gaat'. Een schrikbeeld dat in de Franse media de ronde deed, was dat de Franse revolutie via het internet voortaan door een Amerikaanse bril tot bij het publiek zou komen. De Europese commissaris voor Informatiemaatschappij en Media, Viviane Reding, kondigde op 29 september haar Europees digitaliseringsproject aan, met een kleine honderd miljoen euro, bijeengeschraapt uit andere budgetten. Op 14 november legt ze dat voor aan de EU-ministerraad voor Cultuur.

Voorlopig is dat Europees verhaal niet meer dan een intentie. 'Maar inmiddels is Google bezig akkoorden af te sluiten met talloze Europese uitgeverijen', zegt Piet De Keyser, 'om hun werken te scannen, en gedeeltelijk op het net te zetten, met respect van het auteursrecht. En er happen er steeds meer toe.'

'Klopt', zegt Herman Pappbruwe van de wetenschappelijke uitgeverij Brill in het Nederlandse Leiden, dat als eerste in de Lage Landen een dergelijke overeenkomst sloot. 'Wij hebben in de zomer met Google een overeenkomst gemaakt om van 6.000 werken uit ons fonds per trefwoord enkele pagina's toegankelijk te maken, met doorverwijzing naar aankoopmogelijkheden. Wij leveren hen de elektronische bestanden.'

'Als u weet dat wij zo'n 500 werken per jaar uitgeven, waarvan 95 procent Engelstalige overigens, dan beseft u meteen dat veel werken op het net gaan komen, die je in de gewone boekhandel niet meer vindt. Wat ons vooral aanspreekt, is dat je een nieuwe toegang tot onze boeken creëert, via trefwoorden en een zoekopdracht op het internet. Het is een bijkomend verkoopskanaal.'

'In Vlaanderen heeft bij mijn weten heel recentelijk Kluwer een akkoord met Google afgesloten', zegt Jef Maes van Boekenbank.be, de informatiesite over de boekenwereld in Vlaanderen. 'Maar de discussie is wel aan gang, en verloopt zoals overal: iedere uitgeverij ziet de praktische voordelen, en wil tot op zekere hoogte zelfs de lovenswaardige doelstellingen van Google over gratis informatie voor iedereen geloven. Maar men vreest ook zich uit te leveren aan een potentiële monopolist, die als beursgenoteerd bedrijf ook naar meer aardse impulsen moet luisteren.'

'Microsoft is in Amerika nu ook met zoiets bezig, en Yahoo! neemt al de inhoud van de 'open content alliance' over, die zoveel mogelijk multimediamateriaal op het net zet en ontsluit. De voordelen voor de consument zijn ontegensprekelijk groot. Maar vanuit de boekensector moeten wij ons toch afvragen wat de consequenties zijn voor uitgevers, drukkers en boekenwinkels. Voor je het weet, zit je in hetzelfde straatje als de muziekindustrie.'

Zitten de encyclopedieën daar al niet bijvoorbeeld? Zoveel algemene informatie is tegenwoordig, met illustraties, op het net te vinden, en Wikipedia, de door de internetgebruiker samengestelde gratis encyclopedie, is de populairste aller websites.

'Van een Wikipedia-effect hebben wij geen last', legt Miranda De Jong uit, die bij uitgeverij Het Spectrum voor Winkler Prins instaat. 'Onze digitale Winkler Prins Encarta is zelfs een toenemend succes. Dat heeft gewoon met de nood aan autoriteit te maken. De mensen willen zeker zijn dat de informatie betrouwbaar is. En Wikipedia biedt hen die waarborg niet.'

'Van de gedrukte Winkler Prins dachten wij dat de negende editie, die tussen 1990 en 1995 verscheen, de laatste was, precies vanwege het internet. Maar inmiddels stomen we tegen 2007 de tiende editie klaar. De mensen laten het boek niet zo snel los. Velen zien lezen op het scherm trouwens helemaal niet zitten. En dus voorzien we ook mengvormen: elektronische updates bij de gedrukte versie en dergelijke. We zien trouwens steeds meer bibliotheken die twee versies aankopen: een gedrukte en een elektronische.'

'Nou, ik zie vooral veel bibliotheken niet langer een gedrukte versie aankopen', stelt Piet De Keyser. 'De vraag is wat er gaat overblijven voor ons. Wetenschap en historische collecties verhuizen naar het net, en ook cursussen, schoolboeken, leerplannen en oefeningen worden gedigitaliseerd. Literatuur zal misschien gedrukt blijven, omdat je dat op het strand wil lezen, maar de elektronische alternatieven - zoals het Amerikaanse Gutenberg.org - zijn in aanbouw.'

'In heel kleine taalgebieden - waar de Googles geen brood in zien - zal de bibliotheek zich nog wel een tijd handhaven. En voor de rest zal zij natuurlijk een sociale rol blijven spelen, als drempelverlagende instelling die je de weg helpt vinden en die al de dure elektronische bestanden toegankelijk maakt. Maar qua ruimte heb je daarvoor alleen nog een stoel, een bureau en een laptop nodig.'

Rolf FALTER

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud