IMF en Wereldbank gaan akkoord met schuldverlichting

(tijd) - Nog voor het einde van het jaar wordt 40 miljard dollar (33,3 miljard euro) schuld van 14 Afrikaanse en vier Latijns-Amerikaanse landen bij de Wereldbank, het IMF en de Afrikaanse Ontwikkelingsbank geschrapt. Dat beslisten het Internationaal Monetair Fonds (IMF) en de Wereldbank het voorbije weekeinde tijdens hun jaarvergadering in Washington.

Het IMF en de Wereldbank stemmen daarmee in met het schuldverlichtingsakkoord dat de acht belangrijkste industrielanden (G8) midden juli in het Schotse Gleneagles bereikten. België en Nederland wierpen zich meteen na Gleneagles op als spreekbuis van een groep sceptische donorlanden buiten de G8. Mede namens de armste landen eisten zij harde toezeggingen dat de G8, die indirect ruim 70 procent van de kostprijs van de schuldverlichting voor zijn rekening neemt, deze extra lasten niet in mindering zou brengen op hun toekomstige bijdragen aan de Wereldbank en de Afrikaanse Ontwikkelingsbank (AOB).

Volgens Duitse bronnen wensten de kleinere donorlanden zich ook niet zonder slag of stoot neer te leggen bij het 'dictaat' van de G8 om de portemonnee te openen. Ze namen afgelopen weekeinde echter genoegen met een brief van de G8-ministers van Financiën aan de voorzitter van de Wereldbank, Paul Wolfowitz. Daarin herhalen de lidstaten van de G8 dat ze de Wereldbank en de AOB 'dollar voor dollar' zullen compenseren voor de schulden die zij de 18 betrokken landen kwijtschelden.

Volgens de Britse minister van Financiën, Gordon Brown, de voorzitter van het beleidsbepalende IMF-comité (IMFC) en de grote promotor van de schuldverlichting, bestaat de doorbaak erin dat de internationale gemeenschap als geheel zich nu achter de voorstellen heeft geschaard. Maar het enthousiasme bij Duitsland en Japan is lauw. De Japanse regering 'zal haar best doen', terwijl Duitsland verdere beslissingen doorschuift naar de nieuwe regering en de Bondsdag.

De 18 landen die schuldverlichting krijgen zijn Benin, Bolivië, Burkina Faso, Ethiopië, Ghana, Guyana, Honduras, Mada-gascar, Mali, Mauretanië, Mozambique, Nicaragua, Niger, Rwanda, Senegal, Tanzania, Uganda en Zambia.

Volgens de slotverklaring van het IMFC bedreigt de hoge olieprijs de groei van de wereldeconomie.

Daarom moeten meer raffinaderijen worden gebouwd en meer energiebesparende maatregelen worden genomen. Het IMFC pleit tevens voor meer onderzoek naar alternatieve energiebronnen.

De ministers van Financiën sporen de Verenigde Staten aan hun tekort op de begroting en de lopende rekening te verkleinen en meer te sparen. De opkomende economische reus Azië moet meer vrijheid geven aan zijn munten en Europa en Japan moeten doorgaan met structurele hervormingen. RW

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud